Topambtenaar van Volksgezondheid ervoer overheidsbeleid aan den lijve; 'Ik ben de gaten in het beleid scherper gaan zien'

Bijna dertig jaar lang werkte dr. Evert Dekker als topambtenaar bij het ministerie van Volksgezondheid, onder meer aan de modernisering van de geestelijke gezondheidszorg....

JET BRUINSMA

Van onze verslaggeefster

Jet Bruinsma

RIJSWIJK

'Als je me vraagt: hoe beviel het koekje van eigen deeg, zeg ik: de bakkerij moet nodig een opknapbeurt hebben', zei Evert Dekker aan het slot van de lezing die hij vorige week hield op verzoek van het Trimbos-instituut, dat onderzoek doet op het terrein van de geestelijke volksgezondheid en de verslavingszorg. Het beleid beleefd, noemde hij zijn Trimbos-lezing.

'De kennismaking met de praktijk is me geweldig tegengevallen', constateert Dekker, die sinds begin vorig jaar weer aan het werk is. 'Dat heeft me verbaasd. Toen ik voor de eerste keer tijdens een crisis werd opgenomen, had ik verwacht dat mijn probleem zou worden aangepakt; dat de psychiater in het ziekenhuis, met wie ik één gesprek heb gehad, meer aandacht zou besteden aan het feit dat ik mijn alcoholprobleem bagatelliseerde.

'Maar nee, daarvoor moest ik maar naar het CAD gaan (Consultatiebureau voor Alcohol en Drugs, JB), vond hij.'

Dekkers opnames waren het gevolg van drie ziekten: een depressie, een alcoholverslaving en een onverwerkt trauma. Het lijden aan meer dan één ziekte tegelijk, comorbiditeit, is niet ongewoon, zegt Dekkers. 'Een kwart tot de helft van de alcoholpatiënten heeft ook psychische problemen.' Maar hij moest - 'wanhopig' - constateren dat de geestelijke gezondheidszorg zich geen raad wist met zijn alcoholverslaving, terwijl de verslavingszorg niets deed aan zijn psychische problemen.

Kwaad werd hij toen de verslavingskliniek zijn verzoek om psychotherapie afdeed met 'dat past niet in onze doelstelling', en zijn mededeling 'maar ik heb het nodig' met 'jij past niet in ons profiel'. 'Stel je voor: je wordt met derdegraads verbrandingen en gillende sirenes naar het dichtstbijzijnde algemeen ziekenhuis gereden. Maar ze willen je niet helpen, want hún doelstellingen en jóuw profiel reiken niet verder dan tweedegraads verbrandingen.'

Patiënt én ambtenaar Dekker constateren nu dat de zorg die beschikbaar is, slecht aansluit bij de behoefte. De hulp aan alcoholverslaafden is daarvan een duidelijk voorbeeld. Uit onderzoek van het Rijksinstituut voor Milieuhygiëne in Bilthoven blijkt dat alcoholverslaving na longkanker, depressie en angststoornissen de meest voorkomende en ernstigste ziekte is. Hartziekten staan minder hoog op de lijst.

Dekker: 'Het is allang bekend dat alcohol een veel groter probleem vormt dan drugs. Toch gaat er disproportioneel veel geld naar de drugsbestrijding, vanwege de overlast. Dat komt ook doordat de aandacht voor drugs zo prettig afleidt van de alcohol.

'Want alcohol heeft een positief image; de mensen erkennen het als een sociaal smeermiddel. Daar moet je dus niet aankomen. Alcoholverslaving is de ziekte van de ontkenning.

'Bovendien is er geen enkele pressiegroep die de aandacht vestigt op de omvang van de alcoholverslaving. De hartpatiënten komen voor zichzelf op, maar de Anonieme Alcoholisten treden niet naar buiten - dat is nu eenmaal hun formule. Ik ben het daar niet mee eens. Want er zijn heel wat politici, industriëlen, ambtenaren, bestuurders en hoogleraren met een drankheden of -verleden. Zij zouden een sterke alcoholmatigingslobby kunnen vormen.'

In zijn Trimbos-lezing riep Dekker: 'Alcoholici, overwin uw schaamte en sluit de rijen.' Zelf heeft hij dat niet zonder moeite gedaan. In de brief die hij eind december 1996 vanuit de kliniek rondstuurde naar familie, vrienden en collega's, vertelde hij wel over zijn trauma en zijn depressie, maar niet over zijn alcoholverslaving.

Nu zegt hij: 'Voor mij draait het erom of ik het aanvaard en de schaamte opgeef. Openheid redt je. Mijn buren, mijn vrienden weten nu dat ik geen drank gebruik. Dus wordt het me ook niet meer aangeboden. Ik word nu ook bewaakt door mijn omgeving. Toch blijft het altijd een gevoelig punt. Altijd. Ik zou best een buddy willen hebben op wie ik in crisissituaties een beroep kan doen.'

Dekker verwijt de verslavingszorg dat zij te onpersoonlijk, te afstandelijk en te routineus is. 'Ze zeggen: het gaat om de motivatie. Dan stopt het. Maar dan moet het juist beginnen, want die motivatie is voor iedereen anders. Voor mij als zenboeddhist was dat het besef dat je een slecht karma krijgt door te drinken. Maar je kunt ook gewoon zeggen dat je geweldig veel schade aanricht in je omgeving. Dat wilde ik niet meer.'

De omslag kwam voor Dekker niet zozeer door de behandeling, maar door wat hij 'het geluk van het toeval' noemt. Een creatief therapeut die hem duidelijk maakte dat hij zijn verslaving verstopte achter zijn psychische problemen. 'Die confrontatie was nodig.'

De beleidsambtenaar Dekker heeft geleerd van de ervaringen die hij als patiënt opdeed. 'De organisaties van patiënten worden gediscrimineerd. Ze krijgen niet alleen te weinig geld, maar ook hebben hulpverleners en verzekeraars veel meer directe invloed op wat er in de gezondheidszorg gebeurt. De macht tussen verzekeraars, aanbieders van zorg en cliënten is daardoor wel heel onevenwichtig verdeeld.

'Ik heb dat altijd wel geweten. Maar ik ben er pas serieus over gaan nadenken toen ik er zelf mee te maken kreeg. Dan zie je de gaten in het beleid scherper.'

Belangrijker nog dan meer geld voor de patiëntenorganisaties vindt Dekker het dat de overheid rekening gaat houden met het type zorg waaraan de meeste behoefte is. 'Alcoholverslaving hoort bij de toptien van ernstige en veel voorkomende ziekten. Dat blijkt uit de cijfers.' Een krachtige patiëntenlobby moet de overheid tot een omslag dwingen.

Dekker betwijfelt of dat lukt. 'Daarover wordt totaal niet gediscussieerd. Als de politiek het heeft over grote operaties, bedoelt ze de aanpassing van het verzekeringssysteem. Maar dat is in mijn visie niet meer dan een, overigens belangrijk, instrument. De echte omslag moet nog gemaakt worden. Ik heb goed nagedacht over mijn verhaal. Ik heb een boodschap uitgezonden naar de minister en haar beleidsambtenaren. Ik hoop dat zij zich aangesproken voelen.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden