Tony Blair is zijn onfeilbaarheid kwijt

DAAR zat hij dan, met zijn nieuwe Julius Caesar-coup, die hem volgens zijn fans zo goed, fris en jeugdig staat....

BERT WAGENDORP

Hoe-kunnen-jullie-nou-toch-in-vredesnaam-zoveel-slechts-van-mij-denken , vroegen de ogen.

Waarom had hij de zaak rond de Formule I en de tabakssponsoring toch niet onmiddellijk serieus genomen, vroeg de interviewer.

Hij keek John Humphreys nu aan met een mengeling van verbijstering en diep verdriet en sprak toen de volgende onsterfelijke woorden: 'Omdat ik niet kon begrijpen dat iemand mijn motieven voor het besluit dat ik heb genomen in twijfel zou trekken.'

Pardon? Zei Tony Blair, beroepspoliticus, premier van Groot-Brittannië en leider van de Labourpartij op deze stille zondagmiddag in november echt: 'Omdat ik niet kon begrijpen dat iemand mijn motieven voor het besluit dat ik heb genomen in twijfel zou trekken?'

Hij zei het echt.

Na een bevrijdende schaterlach was de beurt aan de kijker thuis - déze kijker althans - om verbijsterd te zijn. Twee jaar van intensieve bestudering van de Britse politieke mores hadden reeds hun sceptische sporen nagelaten, maar dit voegde nieuwe dimensies toe aan de opvatting die gedurende John Majors regime al heel sterk was geworden: dat Britse politici hun kiezers als stomme varkens zien.

Hier zat een man die kennelijk zo diep geloofde in zijn eigen politieke en vooral morele onfeilbaarheid, dat het zelfs niet bij hem was opgekomen dat de mensen zijn motieven in twijfel konden trekken. Een man die, zo te horen, was gaan geloven in zijn eigen Messiaanse opdracht en die niet kon bevatten dat niet iedereen hem, de goede herder, willoos en zonder vragen wenste te volgen op weg naar grazige weiden.

Was de man gek geworden?

Gelukkig bleek de afgelopen dagen dat ik niet de enige scepticus was. In krantencommentaren ter rechter- en ter linkerzijde werd Tony Blair afgemaakt. Een MORI-opiniepeiling liet zien dat de steun voor Labour voor het eerst in zes maanden sterk was afgenomen - een gelukkig bewijs voor de stelling dat de kiezer niet zo stom is als de pr-mensen van Labour denken.

'De echte uitkomst van de affaire-Ecclestone is dat Tony Blairs prekerige eigendunk nu een dode letter is geworden. Hij is ontmaskerd als een gewoon politicus, gretig bereid informatie achter te houden om zijn positie te verstevigen, afwijzend tegenover advies om onmiddellijk openheid te betrachten, bereid om te luisteren naar de stemmen van de sirenen die zeiden dat hij er wel mee weg zou komen.'

Dat stond níet in The Times of de Daily Telegraph, kranten die Labour extra kritisch volgen, maar in de Independent on Sunday. Nog vóór Blair in het BBC-interview van zondag zijn vermeende reputatie als de Here Jezus zelve in de strijd wierp om het deksel op de beerput te krijgen dus. Maar de opvatting van de krant kan na het gesprek onmogelijk sterk zijn veranderd. Integendeel.

'De onschuld woont nog steeds in Downing Street', schreef The Guardian op maandag honend. En de krant constateerde dat Blair weliswaar zijn excuses had aangeboden voor de wijze waarop de tabaksaffaire qua presentatie was behandeld, maar niet voor alle 'ontwijkingen, halve waarheden en ordinaire leugens' die in de voorgaande weken naar buiten waren gebracht.

Maar dat kon een man die zichzelf moreel onfeilbaar acht natuurlijk ook moeilijk doen. Tony Blair zei met zoveel woorden dat hij een goed mens was, en dat iedereen dat moest geloven, omdat hij nu eemaal zo'n goed mens was. 'Het pleidooi van de overtreder door de eeuwen heen', schreef The Independent. 'Vertrouw mij. Ik weet dat het er slecht uitziet, maar ik ben niet zoals de anderen.'

In een dodelijke cartoon in The Guardian stond Blair ('I'm sorry, so sorry') dinsdag op het hoogste schavot, na zijn uitverkiezing tot 'Mister Eerlijkheid 1997'. Als tweede eindigde Saddam Hussein ('Ik wil geen moeilijkheden maken') en Bill Clinton ('Penis? Welke penis?') veroverde brons.

Niet alleen de kranten trokken hard van leer. Blairs partijgenoot en mede-parlementariër Jeremy Corbyn, door Nieuw-Labour veracht wegens zijn ouderwetse opvattingen, wierp de premier naïviteit voor de voeten. 'Het bedrijfsleven geeft niet zomaar een paar miljoen. Daar wil het iets voor terug.' Die visie werd door Blair tot dusver als onzin afgedaan. Er is geen sprake van dat Ecclestones geld zijn besluit beïnvloedde. Dat werd genomen na gewetensvolle afweging van het landsbelang.

'Meneer Blairs invulling van het concept van tegenstrijdige belangen lijkt, in zijn morele kleinheid, schokkend veel op de arrogantie van Conservatieve ministers van de afgelopen jaren', schreef The Independent.

De liefdesverhouding tussen Tony Blair en het Britse volk lijkt voorbij. En gelukkig maar. Politici moeten worden afgerekend op hun daden en niet op de hoogstaande morele principes die zij, als nep-Sinterklazen, als pepernoten in het rond strooien. Vanaf nu kan Groot-Brittannië Blair op zijn merites gaan beoordelen.

Bert Wagendorp

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden