TONNIE N. VOELT ZICH MISKEND

DRIFTIG slaat hij met de vlakke hand op pagina 7 van het ochtendblad. Een golfje wodka klotst over de rand van het glas....

ROB VREEKEN

Tonnie N. - wit kostuum met op-artdas, tatoeage van minister Sorgdrager op de arm, zonnebril in de vorm van een zwart balkje - begon als runner voor een Turkse heroïnedealer. Nu staat de 44-jarige Utrechter aan het hoofd van een van de drie grootste misdaadorganisaties van Nederland.

Zijn imperium, jaaromzet 1,4 miljard, omvat 120 bordelen en sex-sauna's, 72 casino's, drugsroutes vanuit Colombia en Pakistan, xtc-laboratoria, een groothandel in Oosteuropese vrouwen en een wat hij met een knipoog noemt 'adoptiebureau' voor Thaise jongetjes. Een deel van de winsten wordt doorgesluisd naar legale ondernemingen. Hij behoort tot de potentiële kopers van de Dagbladunie.

Tonnie N. verwijt de politiek dat de direct betrokkenen, de misdaadbazen zelf, tijdens de enquête niet aan het woord komen. Hij wijst op de pagina met fotootjes van getuige-deskundigen: daar had Tonnie tussen moeten staan, met balkje en al. Uit de praktijk wordt de Twentse korps-chef P. IJzerman gehoord, leest hij grijnzend voor. 'Ik wil niet onbeleefd zijn, maar in onze kringen is die hele P. IJzerman een volslagen onbekende. In de praktijk van de georganiseerde misdaad ben ik hem nooit tegengekomen.'

N. acht een brede aanpak voorwaarde voor het welslagen van de enquête. Want vooral dáár is het hem om te doen. 'Mijn vrees is dat de enquête ertoe leidt dat de politie onderzoeksmethodes kwijtraakt. En ze hèbben er al zo weinig. Telefoontje tappen, informantje zus, infiltrantje zo - dan heb je het wel gehad. Het soort bevoegdheid waarmee je hooguit Swiebertje kunt arresteren wegens het bezit van een gestolen appel uit de tuin van de burgemeester.'

N. en zijn collega's herkennen ze direct wanneer ze nonchalant het illegale casino binnenstappen, de infiltranten. Nikes, spijkerbroek, sportjack, politiesnorretje. 'Dan moeten we ons best doen niet in een homerisch gebrul uit te barsten. Veinzen dat je niks door hebt, een beetje met ze dollen. Het liefst brengen we een pseudokoper van heroïne in contact met een pseudovèrkoper. Dan houden ze elkaar bezig.'

Het justitiële systeem in Nederland, legt Tonnie N. uit, is in wezen nog altijd gestoeld op het heterdaadje. Daarvan raken de grote bazen niet geïmponeerd. Op heterdaad betrapt wordt slechts het lagere misdaadpersoneel, de knapen met lage voorhoofden en een matje in de nek. Bij de rechter zie je altijd alleen 'een matje op 't matje', zegt de mafia-topman.

Tonnie N. voelt zich - met de wijsvinger tikt hij op het getatoeeerde gezicht met de letters 'Winnie' - miskend door de politiek. Waarom is hij geen bijzonder hoogleraar in de criminologie?

Politie en justitie hebben volgens hem geen enkele greep op de georganiseerde misdaad. 'Geen enkele. Men schiet volkomen tekort. Ik zie in diezelfde krant rechters beweren dat de georganiseerde misdaad in Nederland helemaal niet bestáát. Hoe moet je onderzoek doen naar de omvang van iets dat niet bestaat? Het is allemaal van een ongelooflijke knulligheid.

'Ooit gehoord van een rechtszaak tegen leidende personen uit de georganiseerde misdaad? Nee toch. De bende van Venlo, jaja. Een stel losgeslagen puistekoppen dat bejaarde echtparen de hersens inslaat. Daar duiken de misdaadverslaggevers in als uitgehongerde biggen in een strontpoel.'

Met verontwaardiging spreekt Tonnie N. over de geringe bevoegdheden van de recherche. 'Het probleem is kennelijk dat men methoden gebruikt die niet zijn toegestaan. Maar ze mógen helemaal niets, dus logisch dat ze in de fout gaan. De politie mag niet eens afluisteren. Nou jáááá! Op die manier gaat ook voor ons de lol eraf.'

Zijn pleidooi voor ruimere bevoegdheden voor de politie, meer celruimte en hogere straffen komt - hij geeft het zonder reserves toe - uit puur eigenbelang voort. Hoe slapper de misdaadbestrijding, hoe meer mensen de criminaliteit in gaan. Dan dalen de winstmarges. 'Ik heb er geen enkel belang bij dat Jan en Alleman vanwege de lage strafmaat een cocaïnelijn met Zuid-Amerika gaat opzetten. Dat de eerste de beste werkloze automonteur gaat schnabbelen in het pornocircuit. De hele vrouwenhandel dreigt te worden overgenomen door kleine jongens, amateurs. Dat maakt voor ons de spoeling dun.'

Toch is Tonnie optimistisch over de afloop. Kijkers en politici zullen volgens hem tot de conclusie komen dat de politie juist veel te weinig bevoegdheden heeft. Een hardere aanpak van de criminaliteit zal het kaf van het koren scheiden. 'De georganiseerde misdaad ziet de enquête met vertrouwen tegemoet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden