Column

Toneel moet je niet gaan zien, toneel moet je lézen

 

Toneel kan aardig zijn, maar het duurt altijd zo lang. Zoals John Lanting (460 v. Chr.-370 v. Chr.) al zei: 'Ars longa, vita brevis', wat vrij vertaald zoiets betekent als: 'Na tien minuten moet je al enorm pissen en dan duurt het nóg een uur tot de pauze.'

Een ander probleem van toneel zijn de acteurs. Die praten ontzettend langzaam en maken allerlei gebaren waardoor de boel nóg langer wordt gerekt. En daar zit je dan te wachten op 'Our blond-eyed, blue-haired son' of 'alas, poor Yorrick' of 'Als je ooit mijn leven nodig hebt, kom dan en neem het' of 'Zeg schat, waar is de naaimachine?', wiebelend op je rood pluchen stoel, en het kómt maar niet.

Halina ReijnBeeld anp

Ook overdrijven toneelspelers altijd alles. Henry Miller zei het al: 'Acteurs sterven zo lawaaiig.' Dat is best begrijpelijk, want ooit, toen de meeste mensen nog niet konden lezen, waren ze voor hun toneelbehoefte afhankelijk van theaters en acteurs, die luid en duidelijk moesten praten, anders kon het voetvolk achterin niets verstaan.

Iets dergelijks gold voor muziek: je kon de Brandenburgse concerten van Bach alleen beluisteren als die ergens werden uitgevoerd, met al die clavecimbels, viola's da gamba en basso's continuo tegelijk op een onder de lieve last welhaast bezwijkend podium.

Maar tegenwoordig hebben we Spotify, dus je hoeft maar naar je iPhone te wíjzen of daar dendert de hele boel je kamer al binnen (vooral dat stukje met die fluit is erg mooi), dus wat zou je nog tobben, met zo'n concertzaal waar je nergens doorheen mag zwetsen, laat staan grote slokken nemen uit willekeurige flessen op de schoorsteenmantel?

Ik dwaal een beetje af, maar wat ik eigenlijk wil zeggen is dit: toneel moet je niet gaan zien, toneel moet je lézen. Gewoon, thuis, of desnoods in de trein (in Duisburg overstappen en Grünkohlsuppe mit Wursteinlage eten bij de stationsrestauratie). Het is verbazend hoe lekker dat opschiet, zelfs als je twee stukken van Pinter en Ayckbourn door elkaar héén leest ben je nog eerder klaar dan met een halve Meeuw van Tsjechov in de schouwburg, en je kunt er bij kraken met chipszakjes zonder dat iemand je dood wenst.

Nog veel belangrijker dan die tijdsbesparing is de de bewaking van de individuele volksgezondheid. Wie een toneelstuk leest, ziet de personages niet voor zich als Halina Reijn, maar precies, maar dan ook precies zoals ze hóren te zijn. Dat is weer die spreekwoordelijke kracht van verbeelding. Het geldt niet eens alleen voor de mensen in zo'n stuk, maar ook voor de regieaanwijzingen: als Shakespeare schrijft '(exeunt, bearing corpses)' dan zie ik die lijken weggesleept worden, compleet met in het tijdsbeeld passende costumes en bloedsporen, zonder dat daar iemand achter de coulissen woest aan ketchupflessen heeft staan schudden. Ik bedoel, men heeft in zijn hoofd éigen coulissen en éigen ketchupflessen, nietwaar? En heel wat betere ook.

Goed. Begin allemaal maar eens met Death of a salesman. (Daar zit trouwens ook een fluit in!). Lekker lezen bij uw eigen haard. En nóóit meer naar het theater.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden