Tomaten bestellen met een beperking: gemotiveerde werknemers op een plek met weinig prikkels

Arbeidsbeperkten aan werk helpen. Bij Van der Valk Eindhoven is het heel normaal. Daar werken zo’n vijftien mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ze runnen de wasserij of doen de inkoop voor de keuken.

Mensen met afstand tot de arbeidsmarkt bij van der Valk. Foto Marcel van den Bergh

Patrick (48) heeft zijn eigen ‘gebruiksaanwijzing’. Sinds een auto twee decennia geleden achter op de zijne botste, kan hij slecht tegen prikkels. Daarom vertelt hij zijn verhaal liever op een rustig plekje in het Van der Valk-hotel in Eindhoven, in plaats van tussen de keuvelende gasten in het restaurant.

Van der Valk biedt hem een werkplek met weinig prikkels. Achter de schermen doet hij de inkoop voor de keuken en het hotel en stuurt hij die producten naar de plek waar ze nodig zijn. ‘Ik snijd de tomaten niet, maar bestel ze wel en lever ze af bij de koeling.’

In het hotel werken circa driehonderd mensen, van wie zo’n vijftien met een arbeidsbeperking. Er zouden meer mensen zoals Patrick in het gewone bedrijfsleven moeten werken, vindt de overheid. Als iemand met een ‘afstand tot de arbeidsmarkt’ telt hij mee voor de ‘Banenafspraak’ die werkgevers, vakbonden en het kabinet in 2013 maakten: tot 2025 moeten 125 duizend mensen met een beperking aan een baan geholpen worden tussen niet-beperkte collega’s, dus niet in een beschermde omgeving zoals een sociale werkplaats.

Het bedrijfsleven ligt op schema, maar vreest dat de voortgang zal stagneren. Het laaghangend fruit is als eerste geplukt; de moeilijkst inzetbare groep beperkte werkzoekenden zit nog thuis of bij een sociale werkplaats. Daarom kondigde staatssecretaris Tamara van Ark (VVD) van Sociale Zaken vorige maand een nieuw instrument aan: loondispensatie. De werkgever betaalt de medewerker alleen loon over het deel dat iemand productief is. Een arbeidsdeskundige van het UWV stelt vast hoe groot dat deel is, de werknemer regelt zelf een aanvullende uitkering. Die maatregel is makkelijk voor de ondernemer, denkt Van Ark. Hij moet bedrijven over de streep trekken die nu nog aarzelen om arbeidsbeperkten een kans te geven.

Rick Polman, baas van Van der Valk Eindhoven en telg uit de hotelfamilie, is argwanend over de plannen uit Den Haag. Het is dat hij een ‘mvo-clausule in zijn hoofd’ heeft (hij bedoelt dat hij affiniteit heeft met maatschappelijk verantwoord ondernemen, red.), maar hij snapt goed dat veel werkgevers het niet aandurven. Zijn grootste zorg als ondernemer is niet hoe het salaris wordt betaald, maar dat hij voor de kosten opdraait als iemand met een beperking uitvalt. Een langdurig zieke werknemer kost hem veel geld. ‘De overheid moet een vangnet regelen voor als het misgaat.’

Zo’n vangnet heeft Patrick (die zijn achternaam uit privacy-overwegingen niet wil geven). Hij is bij Van der Valk gedetacheerd door Ergon, de sociale werkvoorziening in Eindhoven. Dat is ideaal voor hem en voor Polman. Als het werk Patrick te veel wordt, kan hij terug naar Ergon. Van der Valk betaalt een uurtarief voor zijn diensten, dat afhangt van zijn ingeschatte productiviteit.

‘Dat is tussen de 8 en 14 euro’, zegt Thijs Franssen van Ergon via de telefoon. De mensen die via zijn sociale werkvoorziening bij het hotel werken, hebben een ‘loonwaarde’ van zo’n 50 tot 70 procent, weet hij. De werknemer merkt er niks van dat Van der Valk een lage vergoeding voor zijn werk betaalt. Hij krijgt gewoon zijn Ergon-salaris, dat gebaseerd is op de cao voor de sociale werkplaatsen.

Patrick vindt zelf, net als de VVD van staatssecretaris Van Ark, dat hij in een ‘goudenkooi-constructie’ zit. Al heeft die term voor hem een andere betekenis dan voor het kabinet. De cao voor sociale werkplaatsen biedt hem zekerheid en een redelijk salaris. Er was een tijd dat hij zelf bedrijfsleider was ‘in de supermarktwereld’. Nu zit hij ‘in een hoekje met een stempel’.

Voor het vorige kabinet was de gouden kooi een van de redenen voor de Banenafspraak: arbeidsbeperkten moeten nu aan de slag bij reguliere werkgevers. Om de werkgevers tegemoet te komen tellen gedetacheerden vanuit de sociale werkplaats, zoals Patrick, alsnog mee voor het te behalen quotum van 125.000.

Ja, beaamt Polman: Patrick is voor hem goedkoper dan een uitzendkracht, maar om het geld is het hem niet te doen. Hij staat ‘met zijn poten in de Eindhovense samenleving’ en voelt de maatschappelijke verantwoordelijkheid. Kom bij hem dan ook niet aan met ‘jobcarving’, een overheidsterm voor het uitbesteden van de simpele onderdelen van een functie aan mensen met minder capaciteiten. ‘Het slechtste instrument ooit.’

In zijn hotel heeft iedereen een volwaardige functie. Hij krijgt er gemotiveerde medewerkers voor terug. ‘Ze zijn oprecht blij dat ze de kans krijgen. Die loyaliteit, dat is een bijzonder dingetje.’

Ook Paul en Mieke (die hun achternamen eveneens verzwijgen) werken via Ergon bij Van der Valk. Samen met drie anderen runnen ze de wasserij: ze wassen, drogen en strijken de bedrijfskleding en houden de kantine schoon. Mieke, een tengere vrouw van 58, zou wel in vaste dienst willen. ‘Ja!’, zegt ze volmondig. En dan een leaseauto van de zaak, die krijgt ze niet van de sociale werkplaats.

Paul (41) blijft liever bij Ergon. Ooit moest hij zelf een uitkering zien te regelen. Dat werd een ‘administratief fiasco’. Hij is open over zijn ‘beperkingen’: autisme en pdd-nos. Hij leert langzaam en is snel afgeleid.

Paul kan niet zonder begeleiding en is sceptisch over de nieuwe regels die de overheid bedenkt voor mensen zoals hij. ‘Ik vraag me af of de ondersteuning dan net zo fatsoenlijk blijft.’ Paul en Mieke hebben Noortje van Lith in het nieuws gezien, de 21-jarige vrouw in een rolstoel die in een boze brief aan premier Rutte de noodklok luidde over mensen met een beperking. Stoer, vinden ze.

Van der Valk heeft ook zelf mensen met een beperking in dienst, zegt Polman. Ze werken op tijdelijke contracten in de keuken en als schoonmaker. De salarisconstructie is net even anders. Dankzij een ‘loonkostensubsidie’ krijgt hij een deel van het loon dat hij zijn werknemers betaalt terug van de overheid. Hoe groot die subsidie is, hangt af van hun productiviteit.

Abdoulaye Bocoum, in de spoelkeuken, is na herkeuring van 50 naar 70 procent opgeklommen. Omdat hij onder de loonkostensubsidieregeling valt, hoeft hij niet zelf een aanvullende uitkering te regelen. Arbeidsbeperkten wier werkgever loondispensatie krijgt, moeten wel zelf achter dat geld aan. Polman: ‘Moeten deze mensen straks zelf aanspraak gaan maken op overheidspotjes? Nee, dat gaat ’m niet worden.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.