Toekomst van looierij ligt in voedsel

De looierij van Herman Hulshof - die het exclusieve leer levert voor merken als Gucci en Ferrari - gaat ook voedsel produceren: uit de onderhuid worden hoogwaardige eiwitten gewonnen.

'Heb je ons geroken?', vraagt Herman Hulshof verwachtingsvol. Natuurlijk kent hij het antwoord al. Looierijen mogen het imago hebben van stinkfabrieken, maar Hulshof Royal Dutch Tanneries is van buiten niet te ruiken. Dat is maar goed ook, want het bedrijf staat midden in Lichtenvoorde.

In de fabriek zelf, een monument uit 1920, is de geur indringend. In een dozijn houten trommels, type wasmachinetrommel met bovenlader maar dan vijf meter in doorsnee, krijgen de huiden het ene bad na het andere in het drie weken durende looiproces. De fabriek heeft de look and feel van een fabriek uit de jaren vijftig, maar de installaties zijn verregaand geautomatiseerd. 300 duizend huiden per jaar gaan er nu doorheen.

Niet zomaar huiden, zegt Hulshof, maar de beste van de wereld. Afkomstig van Nederlandse en Duitse stieren en kalveren. 'Die hebben weinig te lijden gehad, geen insecten die zich in de huid hebben geboord, geen schurft, niks. Het leer is zacht, gaaf en fijnnervig, zo mooi als kalfsleer'. Geen leer voor jan en alleman. 'Het is leer voor de rijken: voor de bekleding van peperdure auto's, vliegtuigen en jachten. En dure tassen.'

Van oudsher waren de looierijen in Brabant en de Achterhoek gericht op de schoenenindustrie, maar sinds 1965 kwijnde die weg. De ene na de andere looierij legde het loodje. In 1972 besloot Hulshofs vader Harry tot een drastische koerswijziging: hij richtte zich op leer voor de meubelindustrie. 'Het is al vijftig jaar overleven', vat Hulshof de recente geschiedenis van de familieonderneming samen, 'en deze koerswijziging was essentieel voor het voortbestaan.'

Het milieu was de volgende horde die het bedrijf bijna de kop kostte. 'In 1981 belde mijn vader me op. Hij zag geen uitweg uit de milieuproblematiek. Hij zei: of ik stop ermee, of jij gaat het doen. Als ik toen niet ja had gezegd, was het bedrijf dicht geweest.'

Miljoenen investeerde hij daarna in afvalwaterzuivering, in biogasproductie, in afvalstoffenverwerking. Vroeger kwamen de huiden gezouten uit alle hoeken van de wereld, nu looit Hulshof louter verse huiden, van slachterijen uit de buurt. Dat scheelt enorm veel zout, en trouwens ook in kwaliteit. 'Nu kan ik zeggen, en bewijzen, dat wij de groenste looierij ter wereld zijn.' En dat is de reden dat Hulshof nu weer goed in de markt ligt.

De looierij van Hulshof komt voort uit een slachterij van een van zijn voorvaderen, en sinds kort is Hulshof weer terug in de voedingsmiddelenproductie. De onderhuid, tot voor kort afval, blijkt een bron van kostbaar eiwit te zijn. Hulshof heeft de technieken ontwikkeld om die eruit te halen. 'Dat wordt een knaller. Van alle eiwit in zo'n stier zit 10 procent in die onderhuid. Dus kan de wereld met 10 procent minder vee toe.'

Een proeffabriek draait al jaren succesvol, maar toen Hulshof een nieuwe installatie wilde bouwen met nieuwe technieken (waarmee ook varkenshuiden verwerkt kunnen worden) en een dubbele capaciteit, kreeg hij de benodigde 6 miljoen niet bij de bank gefinancierd. Uiteindelijk lukte het hem toch. Familieleden leenden hem geld. En twee vrienden die hij al van kinds af aan kent. 'Dat is nou de kracht van de Achterhoek. Samen doen. Het is écht beter volk hier.' Binnen twee weken gaat de nieuwe installatie draaien. In de toekomst denkt Hulshof ook de onderhuiden van andere looierijen te kunnen verwerken.

Net als de kwijnende schoenenindustrie zijn vader had gedwongen tot een drastische koerswijziging naar meubelleer, vergde het instorten van de meubelindustrie sinds 2008 opnieuw een ruk aan het roer. De auto- en vliegtuigindustrie zouden de toekomst voor het bedrijf worden, had Hulshof al bedacht.

Uitgerekend in die periode dacht hij dat het beter voor het bedrijf was als een echte manager het bedrijf zou gaan leiden, iemand die de taal van bankiers beter sprak. Dat werd een daverend fiasco. Vier jaar achtereen leed het bedrijf zware verliezen, 6 miljoen in totaal. 'Dat is nou de fuck met die doorgeschoten waardering voor managers. Ze hebben niet genoeg vakmanschap en niet genoeg koopmanschap om zo'n omwenteling te maken. Daarom hebben in deze branche alleen familiebedrijven het overleefd.'

Eind 2011 kwam Hulshof terug als directeur, en nu is de koerswending bijna voltooid. Nu al gaat een kwart van het leer naar de auto's, een kwart naar vliegtuigen en een snel groeiend deel naar lederwaren van luxe-merken zoals Gucci. De leveringen aan de meubelindustrie worden naar verhouding elk jaar minder.

Nieuwe afnemers stellen nieuwe eisen. Vooral sterkte en brandveiligheid. 'Het leer mag onder geen omstandigheid krimpen, want dan trekt het bijvoorbeeld zo'n dashboard helemaal aan flarden.'

Voor de luxemerken, de tasjes en dergelijke, is milieu uitermate belangrijk. 'Zij kunnen het zich niet veroorloven betrokken te raken bij een of ander milieuschandaal. Een mooi product vergt een schoon geweten. Dus moeten ze wel leer kopen in Europa, want hier zitten veruit de beste leerlooiers. In Azië kunnen ze er geen klote van. Wij maken hier zelfs leer dat helemaal biologisch afbreekbaar is. Daar worden schoenen van gemaakt, bijvoorbeeld, die helemaal verdwijnen als je ze een paar maanden in de grond stopt.' Behalve dan het zaadje dat door de schoenenfabriek OAT in die schoen wordt gestopt: dat komt uit.

In de auto's heeft Hulshof nu een sterke positie. Zijn leer komt niet in de gewone Mercedessen of Audi's: daar komt Zuid-Amerikaans leer in. 'Nee, het komt in de dure modellen die juist in China veel worden verkocht. Daar kiezen de rijke kopers gewoon alle extra's. Dan krijgen ze ons leer.' Ook sportwagenfabrieken Spyker en Wiesmann gebruiken Hulshofs leer. 'En als je een klassieke Ferrari restaureert, moet je ons leer gebruiken. Anders mag hij volgens de regels van de club geen authentieke Ferrari heten.'

Dankzij die enorme vraag uit Azië naar 'full option' BMW's en Mercedessen, is de prijs van leer omhoog geschoten. Geweldig voor de Europese looiers, want daardoor doen de loonkosten er minder toe, en dus wordt de concurrentie met lagelonenlooierijen makkelijker. Maar helaas: ook de huiden worden steeds duurder. 'Die zijn nog nooit zo duur geweest als nu. De afgelopen twee jaar was er een prijsexplosie; ze werden wel 30 procent duurder.'

Dat is nog tot daar aan toe, maar ook de aanvoer dreigt te stagneren, omdat er minder stieren worden geslacht. Een beetje paniekerig: 'Ik heb nu orders zat, maar nu kan ik niet aan huiden komen. Ik hoor net dat ik minder huiden krijg dan ik heb besteld. Dat is nooit eerder gebeurd.'

PROFIEL

Bedrijf: Hulshof Royal Dutch Tanneries

Waar: Lichtenvoorde

Sinds: 1876

Aantal werknemers: 150 man personeel

Jaaromzet: 38 miljoen euro (2013)

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden