Toekomst Turkije staat op het spel

NAVO-secretaris-generaal Willy Claes wordt op zijn wenken bediend. En nog wel door het lastigste NAVO-lid, Frankrijk. Als huidige EU-voorzitter is Parijs er in geslaagd een concreet obstakel op te werpen tegen 'een gevaar, groter dan het communisme', zoals Claes het islamitisch fundamentalisme noemde in zijn omstreden en later afgezwakte interview...

Na veel hangen en wurgen wist de Franse diplomatie het Griekse veto tegen een douane-unie tussen de Europese Unie en Turkije te overwinnen. En omdat alles zijn prijs heeft, beloofde de EU aan Athene dat Cyprus een voorkeursbehandeling krijgt bij onderhandelingen over uitbreiding van de EU.

Maar dinsdag leek het akkoord weer op losse schroeven te staan. Niet omdat het Europese Parlement al eerder had laten weten de douane-unie met Turkije te zullen afkeuren als Ankara geen ernst zou maken met naleving van de mensenrechten. Trouwens, het parlement beslist pas in oktober en bovendien zijn de Europese parlementariërs wel vaker - na een hoop geblaas - voor de Europese Commissie door de knieën gegaan.

Maar omdat de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Karayalcin de feestvreugde bedierf. De champagneglazen waren nog niet leeg, of hij dreigde dat Turkije de 'Turkse Republiek van Noord-Cyprus' zal 'integreren' als de EU besprekingen met Cyprus begint over toetreding tot EU, voordat de kwestie-Cyprus is geregeld. En in Ankara kreeg de alleen door Turkije erkende president Denktash van de Turkse Republiek van Noord-Cyprus de verzekering dat er in ruil voor de douane-unie met de EU geen compromissen waren gesloten.

Vervolgens protesteerde de regering van Cyprus tegen het Turkse dreigement en vroeg Athene een spoedbijeenkomst van de Europese ministerraad over de uitlatingen van minister Karayalcin. En tenslotte eiste zijn Griekse collega een 'duidelijk en onomwonden' antwoord op het Turkse dreigement van zijn ambtgenoot Juppé, namens het voorzitterschap van de EU.

Kortom, het bekende gedoe tussen twee aartsrivalen? Zo lijkt het. Toch is gedoe een te frivole aanduiding voor wat er op het spel staat: de toekomst van het islamitische Turkije als seculiere samenleving zoals vormgegeven door de grondlegger van de republiek, Kemal Atatürk.

Voor degenen die wel iets zien in de bestrijding van het fundamentalisme als nieuwe taakstelling voor de NAVO, zal het een teleurstelling zijn dat Turkije al jaar en dag lid is van het bondgenootschap. Ook dat heeft niet kunnen voorkomen dat zich in Turkije een steeds grotere aanhang voor de fundamentalistisch geörienteerde Welzijnspartij aftekent.

Drie staatsgrepen in de afgelopen 35 jaar, gepleegd door het leger dat zich beschouwt als bewaker van het erfgoed van Atatürk, hebben Turkije niet kunnen vrijwaren van de gevaren die het steeds weer bedreigen. Gevaren van economische, militaire en politieke aard die langzamerhand een onontwarbare kluwen zijn geworden en die fundamentalisten èn economen pretenderen te kunnen ontwarren.

De seculiere partijen verliezen intussen aanhang. De recente fusie tussen de twee sociaaldemocratische partijen kwam zo laat dat ze geen zoden meer aan de dijk zet. Ernstiger is dat premier Ciller, de leider van de Partij van het Juiste Pad, weigert in zee te gaan met de oppositionele rechts-liberale Moederlandpartij. Daardoor zou zij haar steeds smaller wordende basis in het parlement aanzienlijk kunnen vergroten en een effectiever beleid kunnen voeren op het terrein dat velen zien als dè oorzaak van het groeiende fundamentalisme: de economische en sociale problemen.

Vooralsnog doet zij liever concessies aan de opvattingen van nationalisten en de belangen van agrarische en religieuze elementen in haar partij, of zoekt zij gelegenheidssteun van onafhankelijke parlementariërs en zelfs van de fascistoïde Nationalistische Actie Partij (MHP). Intussen, zo blijkt uit verkiezingsuitslagen sinds 1991, is het kiezerspercentage voor de Welzijnspartij gestegen tot bijna 20 procent. Het benadert daarmee het niveau van de Partij van het Juiste Pad en de Moederlandpartij. Dat zou niet verontrustend zijn, als Turkije geen kiessysteem had dat een partij met 30 procent van de kiezers al een absolute meerderheid in het parlement verschaft.

Om het tij te keren ligt het voor de hand Turkije via de douane-unie te helpen zijn economie te moderniseren, te dwingen zijn inefficiënte staatssector te saneren en grotere exportkansen te geven. Meer dan de leverantie van oude NAVO-wapens aan het Turkse leger in zijn strijd tegen links terrorisme en de Koerdische opstand in het zuidoosten, lijkt dat hèt middel tegen fundamentalisme, terrorisme en separatisme.

De ellende is dat het fundamentalisme, of voorzichtiger, de steun voor de Welzijnspartij, samenhangt met die andere problemen waarop de EU nauwelijks invloed heeft. Problemen, zoals emigratie van honderdduizenden Koerden naar de grote steden als gevolg van de vernietiging van honderden dorpen door het leger, of de voortdurende schendingen van mensenrechten die Ankara ontkent of tijdelijk tracht te smoren met loze beloften aan de EU en de Verenigde Staten.

Maar gesteld dat de douane-unie met de EU per 1 januari 1996 een feit is en sociaal-economische ontreddering de oorzaak van de groei van het fundamentalisme is, dan nog is het onzeker of dat zal helpen. Vaststaat dat de potentiële kiezers op de Welvaartspartij de grootste klappen van een moderne markt-gerichte sanering van de Turkse economie moeten opvangen. Zoals vaker staan een verstandig economisch beleid en politieke wijsheid op gespannen voet.

Joris Cammelbeeck

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.