To Breda, or not to Breda

Een stad is een verzameling', zegt Ed Schilders in Over Helden, Schurken en Hadewijch - Het geheugen van een stad, 'je woont er, je komt er, of je komt er niet.'..

Elke stad kent vele beroemde zonen en beroemde dochters, ook het dit jaar 750-jarige Breda. Dat wordt dit jaar gevierd, met een tentoonstelling in het hart van de stad, met madrigalen en met boeken. Vorige maand verscheen een literair stadsepos, aan de hand van 'wie er woonde en wie er was', en volgende week verschijnt een kunstcatalogus, interpretaties van Breda's helden en schurken door fotografen, schilders, beeldhouwers, filmers, grafici, architecten, modeontwerpers en vormgevers.

Vincent van Goghs moeder woonde er, Anna Carbentus. Hij heeft haar in 1888 geschilderd. In 1901 nam Bredanaar Abraham de Winter, toen gevierd cabaretier, de eerste plaat op in Nederland. Vanaf de kansel van de Grote Kerk hield bisschop Joannes van Hooydonk 'donderpreken' over carnavalsontucht en de verwording van het geloof. D.A.F. markies de Sade verbleef er welgeteld éen dag en één nacht. Fysicus en astronoom Christiaan Huygens studeerde aan de Illustere School van Breda, de uitvinder van het vaccin tegen pokken was Jan Ingen-Housz uit Breda, René Descartes schreef er zijn Compendium Musicae, de provocerende schilder Adriaen Brouwer verbleef er tijdens de belegering door Spinola, en Dries van Kuijk, alias Colonel Tom Parker, Elvis' manager, is in Breda geboren.

Schilders speurde naar Breda in de boeken van buitenlandse reizigers. Hij maakte lijstjes van reizen en routes. Misschien was een verblijf in de stad wel aangenaam, in de negentiende eeuw - met zijn 'altijd groene mast- en sparrebosschen (. . .) welker aromatieke uitwasemingen veel toebrengen aan de gezondheid' -, maar de reis ernaartoe was beslist geen pleziertochtje. De wegen waren slecht. 'Van Utrecht tot 's-Hertogenbosch', schreef William Beckford in zijn reisverslagen, 'niets dan zand en heide.' Vooral Moerdijk had een slechte reputatie. Zijn inwoners, zei Beckford, zijn 'de lompste tweevoeters in het universum'.

'Ic al di! Ik hoor om jou te behoren./ Stroom, jouw beloften in mijn stede gloren.' Zo luiden enkele regels van een van de vijf verzen in madrigaalvorm, 'De Nieuwe Rivier', die Yvonne Né voor het 750-jarige Breda dichtte. 'Wat ik innig liefheb is mij paradijs./ Ik groet jou, rivier, jij droombeeld van mijn reis.' Het water heeft Breda gevoed, met langskomende turfschepen. En toch noteerde de Fransman Pierre Famin in 1760 over zijn tocht in een berline met een span van zes paarden naar Moerdijk: 'Op dit gebied - een en al woeste grond - lijkt een vloek te rusten.'

Breda, dat was carnaval en dansen, én drinken. Breda, dat was de herbergierster van De Drie Hoefijzers nabij het kasteel, de Engelse Mary Read die zich als man verkleedde en zich later tot de zeeroverij bekeerde. Breda, dat was ook Kwatta. Waar is dat soldaatje gebleven, dat poppetje op de verpakkingen uit de chocoladefabriek? En Breda, dat was voor velen 'de grote ploegleider' in de wielersport Kees Pellenaars, 'de Pel' of 'Pelle' voor de Vlamingen.

Over helden, schurken en Hadewijch is een literaire bloemlezing met teksten van onder anderen Dirk van Weelden over het Hof van Hendrik III, Atte Jongstra over Adriaen Brouwer, Cherry Duyns over cabaretier De Winter en Theo van Gogh over 'de glorie van Breda', de schilder van de Zonnebloemen. Van Gogh heeft naar eigen zeggen weleens in een zo giftig groen mogelijk jasje in de stromende regen voor het Van Gogh-museum gestaan, koekeloerend in de camera: 'Ik wil m'n schilderijen terug! Dan hoef ik dit kutprogramma niet te presenteren!'

To Breda, or not to Breda. Wie vroeger van Amsterdam of Den Haag met de postsjees naar Antwerpen reisde, was ongetwijfeld door Breda gereden: Denis Diderot tijdens zijn reis door Holland, Giacomo Casanova die in 1757 en 1760 Nederland bezocht, op zoek naar appetijtelijke avonturen, of de dichter Paul Verlaine die over de brug over de Moerdijk schreef in Quinze jours en Hollande. Of hij er ooit kwam, weten we niet, misschien was hij alleen maar een passant. Schilders echter concludeert in zijn 'reizigersboekhouding' dat Verlaine in Breda is geweest, 'al was het maar in een stilstaande trein op perron 2'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.