Timmermans bezoekt verward Israël

Voor het eerst sinds zijn aantreden als minister van Buitenlandse Zaken is de voormalige criticus van Israël er op bezoek. Groot enthousiasme is er niet.

TEL AVIV - Minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken) arriveerde gisteravond vanuit Tunesië in een verward Israël. Sinds het aftreden van Avigdor Lieberman ontbeert het land een minister van Buitenlandse Zaken, voert het een onsamenhangend diplomatiek beleid en hangt de regering als los zand aan elkaar. Premier Benjamin Netanyahu, somberder dan ooit, heeft zelfs zijn eigen Likud-partij niet meer in de hand.


Israëls reactie op de Iraanse presidentsverkiezing is typerend voor de fatalistische sfeer in Jeruzalem. Terwijl de Amerikanen het aantreden van Hassan Rouhani omschrijven als een kans op een positieve politieke wending, waarschuwt Netanyahu voor komend onheil. Rouhani's gematigde taal zou de wereld in slaap kunnen sussen, waardoor de druk op Iran vermindert. Netanyahu lijkt het te betreuren dat de stokebrand en Holocaust-ontkenner Machmoud Achmadinejad niet meer als kop van jut kan fungeren.


De diplomatieke tour d'horizon die Timmermans gisteravond door Netanyahu werd voorgezet, kan evenmin optimistisch van toon zijn geweest. De Israëlische premier ziet rond zijn land overal chaos. Het is waar: de Arabische legers stellen nog weinig voor, terwijl Israël militair gezien nog nooit zo sterk was. Maar als je bijnaam 'Jeremia' is wimpel je dat voordeel weg.


Over de twee staten-onderhandelingen met de Palestijnen, ongetwijfeld het hoofdonderwerp van gesprek, blijft Netanyahu zeggen dat Israël die 'zonder voorwaarden vooraf' wil aangaan. De vraag is of dat ook regeringspolitiek is. Netanyahu's minister van Economische Zaken Naftalie Bennett zei gisteren opnieuw dat de twee-staten-oplossing nergens toe leidt en dat de Israëlische leiders openlijk moeten verklaren dat 'het hele land Israël' van het Israëlische volk is. Israël moet naar zijn idee het grootste deel van de Westelijke Jordaanoever inlijven en er 'bouwen en nog eens bouwen'. In die context mag minister Tzipi Livni van Justitie het vredesoverleg vlot trekken.


Nederland heeft diplomatiek weinig in de melk te brokkelen. Maar Timmermans krijgt hier waarschijnlijk een pluim voor zijn inspanning Hezbollah op de Europese lijst van terreurorganisaties te krijgen. Aan de andere kant zal hem te verstaan worden gegeven dat Europeanen rondlopen met 'een obsessie voor de nederzettingen'. Dat zelfs Nederland van plan is producten uit de bezette gebieden te etiketteren, is slecht gevallen. Het is een maatregel zonder vergaande economische consequenties, maar dat zou je, gezien de Israëlische reacties, niet zeggen. Op het ministerie van Buitenlandse Zaken in Jeruzalem wordt gebroed op tegenmaatregelen. Onderminister Ze'ev Elkin, een vertegenwoordiger van de kolonisten, heeft een rapport laten produceren dat Israëlische diplomaten een handje moet helpen. Hun belangrijkste argument moet zijn dat het uitgerekend de 22.500 Palestijnen zijn die in de nederzettingen werken - met een gezamenlijk inkomen van ruim 200 miljoen euro - die het zwaarst zullen worden getroffen. In het rapport staat ook dat ze per hoofd veel meer meer verdienen dan Palestijnen in de Palestijnse Gebieden en 9 procent van het Palestijnse budget leveren.


Minister Elkin en de kolonistenleiders lijken te vrezen dat het plakken van een labeltje met de plaats van oorsprong op een pot humus leidt tot het instorten van de kolonisten-economie. In werkelijkheid verandert er weinig. Zelfs een Europese importstop op producten uit nederzettingen belast de bezettingseconomie nauwelijks: het meeste gaat immers naar Israël en naar landen buiten Europa. Bovendien vormen bouwvakkers een belangrijk deel van de totale Palestijnse arbeidsmacht en die blijven gewoon bouwen.


Een importstop zou wel een politiek-psychologisch effect hebben. Het plakken van simpele consumenten-etiketten is in Israël begroet met een golf van hysterie - de maatregel is zelfs al vergeleken met nazi-politiek.


Minister Timmermans zou zijn Israëlische gesprekspartners kunnen vertellen dat industrieterreinen die Palestijnen werk bieden, beter aan de Israëlische kant van de 'groene lijn' kunnen worden gebouwd. En ook dat de vertegenwoordiging van die Palestijnen - het Palestijnse bestuur - Europa alleen maar aanmoedigt de daad bij het politieke woord te voegen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden