Tikje stijf en loyaal als een blindengeleidehond

Samen met makker Diederik Samsom hekelde hij tien jaar geleden het regentendom in zijn PvdA. Nu zit Jeroen Dijsselbloem zelf aan de knoppen. In de formatie. En straks als minister.

Een rebel die op het punt staat de macht te grijpen - het is niet het eerste waaraan je denkt als je Jeroen Dijsselbloem (46), een frêle figuur met wapperende jaspanden, door de straten rondom het Binnenhof ziet gaan. Nette bril, keurige confectie.


Ook met zijn achtergrond ben je snel klaar. Een katholiek onderwijzersmilieu uit Eindhoven, vader doceerde Engels, moeder was juf op de basisschool. Opa zat ook al in het onderwijs, evenals veertien ooms en tantes. Een beetje saai.


Zijn vader was maar matig geïnteresseerd in de politiek. Alleen als Den Uyl op de televisie kwam, ontvlamde hij. Dan moest het toestel meteen uit. Vreselijke vent, die Den Uyl.


De politieke journalistiek moet het deels hebben van het oudehoercircuit, van achterklap en serieuze lekken. Als journalist heb je in dit opzicht weinig aan de vicefractievoorzitter van de PvdA. Hij is altijd bereid een broodje mee te eten, maar voor het saillante nieuws moet je niet bij hem zijn. Dan zegt hij: het gaat over mijn club, daar zeg ik niks over.


Hij kan dienstbaar zijn als een blindengeleidehond. Hij bleef loyaal aan Job Cohen toen menigeen allang wist dat het niets kon worden. Op het laatst heeft hij het toch gevraagd: Job, hoe lang nog? Ze hadden afgesproken, hij en Cohen, dat ze er niet omheen zouden draaien.


Een fatsoenlijke, burgerlijke man is Dijsselbloem. Hij deed een ingenieursopleiding in Wageningen, werd beleidsmedewerker op Landbouw. Hij is gereserveerd, een tikkeltje stijf. Toen hij een keer op tv was, stuurde Wouter Bos hem een sms: 'Ontspan, lach.' Hij wil niet meedoen aan de televisiecultuur van altijddurende opgewektheid. Als er niks te lachen valt, valt er niks te lachen.


Hij was secretaris van de fractie en is al een aantal jaren vicevoorzitter. In die functie leid je de wekelijkse vergaderingen en weet je van de hoed en de rand. Maar Dijsselbloem heeft nooit geprobeerd partijleider te worden, ook niet deze zomer. Hij weet van zichzelf dat hij te rechts wordt gevonden binnen de PvdA. En nog meer weet hij dat zijn gereserveerde karakter hem ongeschikt maakt voor de functie.


Toch is hij op eigen wijze een romanticus in de politiek. Samen met Diederik Samsom, nu partijleider, en Staf Depla, voormalig Kamerlid en nu wethouder van Financiën in Eindhoven is hij sinds 2002 bezig met wat je gerust een missie mag noemen. Ze noemden zich de Rode Ingenieurs, rood vanwege hun lidmaatschap van de PvdA, ingenieur vanwege hun gedeelde vooropleiding. Wat ze wilden bereiken was een afrekening met de PvdA onder de paarse kabinetten van Kok. Het had in hun visie een kaste van zelfgenoegzame regenten voortgebracht, bobo's - vaak genoeg hoog genoteerde partijgenoten - die zich genesteld hadden in de besturen van welzijnsorganisaties, onderwijskoepels en zorginstellingen. Tevreden bestuurders waren het, tevreden zo niet met de wereld, dan toch in elk geval met zichzelf.


Dijsselbloem had het over 'een enorm betonblok van PvdA-regenten' dat moest worden gesloopt. Vanzelf ging het niet en al helemaal niet zonder slag of stoot. De Rode Ingenieurs vochten bloedige botsingen uit in de fractie - nog een geluk dat ze vanaf enige afstand broodnodige steun kregen van Wouter Bos.


Depla vertrok twee jaar geleden naar het lokale bestuur van Eindhoven. Samsom wilde altijd al partijleider worden en bleef. Dijsselbloem heeft een aantal keren overwogen op te stappen uit de Kamer, omdat naar eigen gevoel zijn inspanning te weinig zoden aan de dijk zette. Dit jaar had hij het vaste voornemen te vertrekken. Totdat metgezel Samsom in juni de strijd om het partijleiderschap won.


Opeens, na het eclatante en onverwachte verkiezingssucces is aan de onruststokers van begin deze eeuw de macht toegevallen. Samsom is de onbetwiste leider van een herrezen Partij van de Arbeid. Dijsselbloem, kornuit van het eerste uur, is de medeonderhandelaar in de gesprekken met de VVD.


Samsom had een ander kunnen meenemen, Jetta Klijnsma bijvoorbeeld, nummer 2 op de kandidatenlijst. Of Ronald Plasterk, de financiële man van de fractie - die na zijn nederlaag in de slag om het leiderschap razendsnel aansloot achter overwinnaar Samsom.


Dat de nieuwe leider koos voor een oude, politieke vriend lijkt meer te zijn dan zomaar een geste. Het is de schone voltooiing van een programma waaraan ze in de verkiezingscampagne van 2002/2003 begonnen. Ze waren jochies in de politiek (Samsom had nog een krullenbol), ze stonden bescheiden genoteerd, de top-10 van de lijst was toch alleen maar bezig met zichzelf, waarom zouden ze niet als trio het land intrekken?


Ze wilden te werk gaan als ingenieurs. Ze trokken letterlijk rode overalls aan en fleecetruien van de waarachtige werkman. Zo gingen ze op pad. Het plezier spatte ervan af. Wat hen bond was de methode, de aanpak. En achter de methode zat het gezamenlijke verlangen naar nieuwe legitimiteit. Wat hielp was dat ze elkaars geldingsdrang prettig vonden en elkaar blind vertrouwden. Er was geen jaloezie. Ze begrepen dat ze elkaar nodig hadden.


Dijsselbloem was de strateeg, Depla de verbindende factor met de fractie en Samsom de wandelende encyclopedie - ook toen al kende hij de spreadsheets vol cijfers van de rijksbegroting uit zijn hoofd.


Hun methode was die van de praktische politiek. Geen dogma's, geen taboes en al helemaal geen eigendunk. Ze wilden de problemen ter plekke opzoeken en aanpakken.


De Fortuyn-revolte had op pijnlijke wijze het tekort aan legitimiteit van de oude politiek blootgelegd. Ze vonden dat veel fractiegenoten - zeg maar de kring rondom fractievoorzitter Ad Melkert - krampachtig reageerden. Het was zaak de mensen in het land te vragen naar hun concrete problemen en thuis te komen met concrete voorstellen voor verandering.


Zo bezochten ze in Arnhem een wijk in achterstand. Voor dit soort buurten gold als partijlijn dat de deprimerende woningen uit de wederopbouw snel moesten worden opgeruimd en vervangen door frisse nieuwbouw. De ingenieurs keerden terug naar Den Haag met een ander verhaal: niet de huisvesting, maar het schuim op straat vormde het grootste probleem voor de buurt; de bewoners wilden in de allereerste plaats veiligheid.


In Eindhoven begaven ze zich onder allochtonen. Ze zagen hoe Turkse vrouwen door hun Turkse mannen achter de Hollandse geraniums werden gehouden. Terug in Den Haag pleitten de ingenieurs onder de collega's voor verplichte inburgering van Turkse vrouwen om aan het huisarrest van hun mannen te ontsnappen.


Hun voorstellen zetten kwaad bloed. Dijsselbloem en de zijnen kwamen met oplossingen die haaks stonden op het multiculturele denken in de PvdA. Daarnaast en misschien wel daarenboven bemoeiden de snaken zich met onderwerpen die in de portefeuilles zaten van gearriveerde collega's.


De uitbarsting kwam tijdens een fractieweekend in Noordwijk, begin 2003. Jeroen Dijsselbloem was het mikpunt van de oude hap. Vooral hij kreeg het om zijn oren. Wie hij wel dacht dat hij was? Waarom hij zo oncollegiaal optrad? Waar hij de arrogantie vandaan haalde te menen dat hij van elk deelterrein verstand had? Hoe hij erbij kwam te pleiten voor een harder integratiebeleid, voor verplichte inburgering?


Het liep hoog op. Mannen schreeuwden en tierden, vrouwelijke Kamerleden liepen huilend rond. Dijsselbloem bleef ijskoud.


Hij is een conservatief, zeker naar de maatstaven van de PvdA. In 2008 was hij de voorzitter van een parlementaire onderzoekscommissie naar onderwijsvernieuwing. Het oordeel was vernietigend. Twintig jaar lang was de ene vernieuwing op de andere gestapeld, leerkrachten en ouders waren met succes stapelgek gemaakt en de hervormingen muntten stuk voor stuk uit in ineffectiviteit. Zijn voorzitterschap werd alom geprezen, maar in de PvdA werd het rapport begrepen als een afrekening met de eigen onderwijstraditie.


Jeroen Dijsselbloem is ook een zedenmeester die teruggrijpt op vooroorlogse ideeën over verheffing. 'Dominee Dijsselbloem' zeggen ze wel in PvdA-kring. Het kan hem niet schelen. Moraal is geen privézaak, meent hij. Hij kreeg in 2007 een prijs van de jongeren van de ChristenUnie, omdat hij zich had verzet tegen 'bloot op de televisie'. Hij trekt van leer tegen 'de shit' van de reclame, de porno-industrie, de computergames en de seksistische videoclips. Je hebt pornoverslaafden, huwelijken gaan eraan kapot, weet hij. Waarom doen we zo weinig aan de seksualisering van de maatschappij? Niet iedereen in zijn politieke omgeving vindt het een aansprekende vraag. Een Rode Vrouw beet hem toe of dit betekent dat vrouwen niet meer mogen klaarkomen.


De macht in de PvdA is nu toegevallen aan deze Jeroen Dijsselbloem en de zijnen. Na een tocht van tien jaar waarvan een belangrijk deel door de woestijn voerde, hebben ze de regie in handen. Samsom zal in een coalitie met de VVD als fractievoorzitter het bastion bewaken, zijn kompaan Dijsselbloem gaat naar het kabinet.


CV

1966 Geboren in Eindhoven


1985-1991 Studie agrarische economie in Wageningen


1993-1996 Beleidsmedewerker bij de PvdA-fractie in deTweede Kamer


1994-1997 Gemeenteraadslid in Wageningen


1996 Politiek medewerker van de minister van Landbouw


1998 Stafmedewerker op het ministerie van Landbouw


2000 Beëdigd tot lid van de Tweede Kamer, voor de PvdA


2007 Voorzitter van de parlementaire onderzoekscommissie Onderwijsvernieuwingen


2008-heden Vicevoorzitter van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer


Jeroen Dijsselbloem heeft een vriendin. Ze hebben twee kinderen: een zoon van 17 en een dochter van 14. Het gezin woont in Wageningen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden