Tijdreizen? Dat is heel eenvoudig

Back to the future of andersom: zal het ooit mogelijk zijn door de tijd te reizen?
Ja! (Is het korte antwoord.)

Foto Paul Faassen

In films doen ze het al lang. Ze pakken het ruimteschip, een verbouwde auto of desnoods een antieke telefooncel en flits!: weg zijn ze. Op naar de middeleeuwen, de tijd van Robin Hood, de pruikentijd misschien.

Tijdreizen. De nobele kunst van. Kán dat zomaar? Het korte antwoord is: ja, trouwens, u doet het al, met een snelheid van één uur per uur. Maar dat is flauw. Dat moet beter kunnen. Toch, Marieke Postma en Ivo van Vulpen?

Als er mensen rondlopen die de fijne kneepjes van het tijdreizen onder de knie hebben, moeten zij het zijn. Zij theoretisch kosmologe, hij experimenteel natuurkundige, beiden verbonden aan een onderzoeksinstituut waar bebrilde geleerden ingewikkelde formules op schoolborden schrijven: het Nikhef in Amsterdam. Beiden ogen bovendien een stuk jonger dan de 40-plus die ze op de teller hebben staan ¿ een goed teken, lijkt me.

Ach, tijdreizen. Een makkie is het, leggen ze uit. Het begint hiermee: tijd kun je vervormen. Nee, echt! Ontdekking van Albert Einstein.

(Dat komt, als u het echt wilt weten, doordat de lichtsnelheid altijd constant is. Een van de rare gevolgen is dat in een race met een lichtstraal het licht op een gegeven moment gaat vals spelen, door uw kilometers korter en uw uren langer te maken, zodat u nooit de 1,1 miljard kilometer per uur van de lichtsnelheid haalt.)

Vandaar dat de tijd aan boord van keihard vliegende ruimteschepen letterlijk langzamer gaat. Die planeet uit Interstellar, dé nerdfilm van 2014, draaide zó snel dat de tijd er trager ging. Matthew McConaughey kreeg er pech met zijn ruimteschip: toen hij na een paar uur vertrok, was zijn dochtertje dat thuis was gebleven dertig jaar ouder geworden.

Goed, tijdreiziger: ziedaar het vreemde heelal waarin we leven. Een plek waar 'nu' niet bestaat en waar je klokken langzamer kunt laten lopen, gewoon door zeer snel te bewegen of in een zwaartekrachtsveld te stappen. En ja, zo kunt u dus ook tijdreizen, door de tijd a l s e e n e l a s t i e k u i t t e r e k k e n.

De pest is alleen: wat heb je eraan?

Want leuk hoor, zo'n reis naar de toekomst, maar op een gegeven moment wilt u weer naar huis. Of liever nog: naar het verleden. Kijken of Cleopatra echt zo mooi was, Hitler van de trap duwen toen-ie nog jong was. Kom Marieke en Ivo, terúg in de tijd willen we. Dat moet toch kunnen?

Maar tegenover me zitten de twee natuurkundigen steeds moeilijker te kijken.

'Achteruit in de tijd, dat kan natuurlijk niet', zegt Ivo.

'Het lijkt me wel een voorwaarde dat je de reis overleeft', zegt Marieke.

'Je komt hier in een gebied waar natuurkundigen zich niet erg op hun gemak voelen', zegt Ivo.

Naar je ouders toen ze jong waren

Kijk, zo gaat het in films ook altijd. Net als de zaak verloren lijkt en iedereen zich met zijn lot heeft verzoend, begint een van de wetenschappers: tja, eigenlijk moet ik het helemaal niet zeggen en waarschijnlijk overleven we het niet, maar stel nu eens dat we... (waarna er iets volgt als: ...alle vermogen omleiden naar de main deflector dish?)

In theorie is er altijd nog de mogelijkheid van een wormgat, begint Marieke. Ook al zo'n beroemd rekwisiet uit de ruimtefilms. Een wormgat is zoiets als een gat in de muur maken naar het huis hiernaast, zodat u niet hoeft om te lopen via de voordeur. Een tunnel van A naar B door het weefsel van de ruimtetijd op twee plekken met elkaar te verbinden. U stapt hier het wormgat in en ergens achter in de Grote Beer stapt u er weer uit. Een doeltreffende manier om die lichtstraal te snel af te zijn.

Wonderlijk en gaaf als het zou lukken natuurlijk, alleen is dit niet helemaal wat u wilde. Zit u opeens ergens achter in de Melkweg, in uw speciaal aangeschafte historische kleding. Waar zijn nou die schattige middeleeuwse dorpjes die de tijdreisgids beloofde?

Om van een wormgat een tijdmachine te maken, is er nog iets nodig. Schrik niet, dit wordt een beetje raar: we moeten een uiteinde van het wormgat oppakken en keihard laten bewegen. Door hem in een ruimteschip te stoppen of hem een tijdlang met bijna de lichtsnelheid rondjes te laten draaien in een deeltjesversneller zoals in Genève, bijvoorbeeld. Zo vertraagt de tijd, net als op die planeet in Interstellar. En krijg je een wormgat waarvan de uitgang jónger is dan de ingang. Stel, u stapt er op woensdag in, dan komt u er vorige week vrijdag weer uit. En hop, weer terug.

Nou ja, er zijn wel een paar nadelen, begint Marieke, en ze gaat er eens goed voor zitten.

Om te beginnen: lekker middeleeuws tafelen of uw ouders bespioneren toen ze nog jong waren, is er niet bij. De wormgattijdmachine gaat namelijk nooit verder terug in de tijd dan de dag waarop hij is gemaakt. Als we hem vandaag zouden maken, is dat voor toekomstige tijdreizigers het eindstation, qua verleden. We zijn voorgoed van de geschiedenis afgesloten, of u het nu leuk vindt of niet.

Aan dat 'maken' van het wormgat zitten trouwens ook haken en ogen. Waarschijnlijk zijn wormgaten - áls ze al bestaan - kleiner dan een atoomkern en verdwijnen ze meteen weer in het niets. Daar heeft u natuurlijk niets aan. Om de tijdpoort stabiel te houden, en groot genoeg om er met uw koffer doorheen te kunnen, zijn er allerlei spullen nodig waarvan natuurkundigen niet eens weten of ze wel bestaan. Zoals 'exotische materie' of 'vacuümenergie' - bij de bouwmarkt zult u het niet vinden.

En zelfs als u al die hordes overwint, is het nog denkbaar dat het onmogelijk is de poort te maken. 'Omdat de natuurwetten van het universum tijdreizen niet toestaan', zegt Marieke nogal geheimzinnig. 'Telkens als we een tijdmachine proberen te bouwen, zal het op de een of andere manier misgaan. Op het moment dat je hem aanzet, zal hij ontploffen.'

Ik weet niet hoe het met u zit, tijd-reiziger, maar ik begin een beetje teleurgesteld te raken in tijdreisbureau Ivo en Marieke. Eerst heb je allerlei spullen nodig en dan beginnen ze erover dat tijdreizen misschien helemaal niet mág. Van 'het universum', wat dat ook mag zijn. Het zegt ook wel iets dat de twee natuurkundigen gewoon zijn komen aanlopen en niet met een flits zijn gematerialiseerd. Als tijdreizen mogelijk was, zou je af en toe toch bezoekers uit de toekomst moeten tegenkomen, merkte Stephen Hawking al eens op. Bij belangrijke historische gebeurtenissen zoals de kruisiging van Jezus of de Slag bij Waterloo zouden tijdreizigers rijen dik op de tribune zitten. En u raadt het: dat is niet het geval.

Foto Illustratie Paul Faassen

Het leed van de tijdreiziger

Ziedaar het leed van de tijdreiziger: we hebben uitzicht over de zeeën van tijd die ons omringen, maar intussen zitten we zelf gevangen op ons eilandje in het heden. Het enige wat we kunnen doen, is een beetje morrelen aan de tralies.

Fascinerend kan dat morrelen wel zijn. Want de effecten van Einsteins tijdvervorming zijn reëel - en meetbaar. Zo wordt u op aarde door de zwaartekracht 0,022 seconde per jaar minder snel oud dan in de ruimte, rekent Marieke uit. Op de begane grond loopt een klok 0,000000000000257 procent langzamer dan op de zevende verdieping, bleek bij een beroemd experiment. En wie het vliegtuig neemt en een rondje vliegt om de aarde, is daarna 59 miljoenste seconde jonger dan wie is achtergebleven.

Kruimelwerk voor een tijdreiziger natuurlijk, maar wel raar, raar, ráár. 'Dat zijn de fundamenten waarop we staan', zegt Ivo van Vulpen. 'Echt begrijpen doen we het nog altijd niet. Maar de natuur werkt nu eenmaal zo.'

Meer over