Tijdlijn van Pakistan

1940: Mohammed Ali Jinnah, leider van de Moslim Liga, vraagt voor het eerst om een thuisland voor de moslims in Brits-Indië. In de Britse kolonie lopen spanningen tussen moslims en hindoes steeds verder op. In de ‘Lahore-resolutie’ eist Jinnah dan ook een onafhankelijke moslimstaat.

1947: Brits-Indië krijgt in augustus haar onafhankelijkheid en hierbij wordt het land opgesplitst in de islamitische republiek Pakistan en het seculiere India. De scheiding leidt tot grootscheepse volksverhuizingen en moordpartijen tussen moslims en hindoes waarbij honderdduizenden mensen om het leven komen. In oktober breekt de eerste oorlog om de deelstaat Kasjmir uit, een gebied in de Himalaya waarvan beide landen vinden dat het bij hen hoort.

Pakistan heeft Jinnah als staatshoofd en bestaat uit twee delen: Oost-Pakistan (het huidige Bangladesh) en West-Pakistan (het huidige Pakistan).

1948: Jinnah overlijdt op 11 september.

1949: De Verenigde Naties bewerkstelligen een wapenstilstand tussen India en Pakistan en Kasjmir wordt opgedeeld. De VN dringen aan op een referendum onder de bevolking over aansluiting bij India of Pakistan. Dat referendum komt er uiteindelijk niet.

1951: Premier Liaqat Ali Khan wordt op 16 oktober vermoord. Nu twee kopstukken binnen de Pakistaanse regering zijn overleden, volgt een periode van politieke instabiliteit.

1958-1968: Het leger komt aan de macht onder leiding van Ayub Khan. Het militaire regime schort de nieuwe grondwet en de geplande verkiezingen op.

1965: Opnieuw oorlog met India om Kasjmir.

1968-1970: Na aanhoudende rellen en stakingen vanwege het falende beleid van Ayub Khan, treedt hij af en zet Yahya Khan het mililtair regime voort.

1970: Voor het eerst democratische verkiezingen. In Oost-Pakistan wint de Awami Liga, in West-Pakistan de Pakistaanse Volkspartij (PPP) van Zulfikar Ali Bhutto.

1971: Oost-Pakistan wil zich afscheiden en als Bangladesh verder gaan. Het gevolg is een burgeroorlog waarin het Pakistaanse leger volksopstanden in Oost-Pakistan hard neerslaat. Na militaire inmenging van India geeft Pakistan Bangladesh uiteindelijk op 16 december op.

1971-1977: Bhutto wordt premier van Pakistan. Hij voert in 1973 een nieuwe grondwet in.

1972: Na drie Indiaas-Pakistaanse oorlogen tekenen Bhutto en de Indiase premier Indira Gandhi in juli een vredesakkoord in het stadje Shimla. Ze accepteren de bestandslijn in Kasjmir en spreken af tot een definitieve regeling te komen over de regio. Kasjmir blijft in de toekomst echter een twistpunt tussen beide landen.

1977: Generaal Mohammed Zia ul-Haq pleegt een staatsgreep waardoor opnieuw het leger aan de macht komt. Hij belooft nieuwe verkiezingen binnen drie maanden, maar maakt die belofte niet waar.

1979: Bhutto wordt na een schijnproces door het regime van Zia ul-Haq veroordeeld en op 6 april opgehangen omdat hij een politieke opponent zou hebben laten vermoorden. Zijn dochter Benazir, de latere premier van Pakistan, en zijn vrouw verdwijnen voor jaren in de gevangenis.

1981: Het regime voert een nieuwe grondwet in waarbij de islamitische wetgeving wordt benadrukt.

1988: Zia-ul Haq komt om bij een vliegtuigongeluk op 17 augustus. De oorzaak van het ongeluk wordt nooit bekend. Ghulam Ishaq Khan volgt hem op en schrijft verkiezingen uit voor november. Benazir Bhutto wint met haar Pakistaanse Volkspartij en wordt premier.

1990: Khan ontslaat Bhutto en haar kabinet wegens corruptie en wanbeleid. De daaropvolgende verkiezingen worden gewonnen door Nawaz Sharif en zijn Pakistaanse Moslim Liga.

1993: Sharif wordt ontslagen – ook wegens corruptie en machtsmisbruik. Bhutto wint de verkiezingen.

1996: De regering van Bhutto wordt in november om weer dezelfde redenen ontbonden. Sharif wint opnieuw de verkiezingen.

1998: Pakistan houdt op 28 mei voor het eerst kernproeven, in navolging van India. Een groot deel van de internationale gemeenschap reageert met economische en diplomatieke sancties.

1999: Bhutto wordt vervolgd wegens corruptie en wacht de rechtszaak niet af, maar verdwijnt naar het buitenland.

In oktober neemt het leger voor de derde keer in de Pakistaanse geschiedenis de macht over door middel van een coup. Generaal Pervez Musharraf neemt de leiding en stuurt Sharif in ballingschap naar Saoedi-Arabië. Hij kondigt de noodtoestand af, ontbindt het parlement, ontslaat de ministers en schort de grondwet op. Het hooggerechtshof oordeelt dat de democratie binnen drie jaar weer hersteld moet zijn.

2001: Musharraf stuurt president Rafiq Tarar in juni naar huis en benoemt zichzelf tot president. Daarnaast blijft hij ook opperbevelhebber van het leger. Na de aanslagen van 11 september in New York schaart hij zich als bondgenoot achter de VS in de oorlog tegen terrorisme.

2002: Musharraf schrijft in mei een referendum uit waarin hij wordt herkozen als president. Zo kan hij zijn regeertermijn met vijf jaar verlengen vóór de beloofde parlementsverkiezingen van oktober. De oppositie boycot dit referendum. De PML-Q, de partij die Musharraf steunt, wint vervolgens de verkiezingen. Mir Zafarullah Khan Jamali wordt de eerste premier sinds Musharrafs staatsgreep.

2003: Musharraf overleeft in december twee tegen hem gerichte bomaanslagen.

2007: Onder druk van de binnenlandse oppositie en de VS zet Musharraf één pet af en trekt zich terug als opperbevelhebber van het leger. Hij wordt beëdigd als burgerpresident.

Oppositieleidster Bhutto komt terug uit zelfverkozen ballingschap en ontsnapt in oktober aan een zelfmoordaanslag. Tijdens een verkiezingsbijeenkomst in Rawalpindi komt ze op 27 december om het leven door een tegen haar gerichte bomaanslag. Na haar dood breken ernstige rellen uit. De geplande parlementsverkiezingen worden na de onrust die Bhutto’s dood veroorzaakt vooruitgeschoven naar 18 februari.

2008: In de aanloop naar de verkiezingen worden wekelijks meerdere aanslagen gepleegd waarbij tientallen mensen omkomen. Door het oplaaiende geweld blijft de verkiezingsopkomst laag. De uitslag blijkt verrassend eerlijk en open: de oppositie wint. PPP-er Yousaf Raza Gilani wordt gekozen tot nieuwe premier.

Pakistaanse rechters protesteerden in februari 2008 tegen het beleid van president Musharraf. (AP)Beeld AP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden