Tien geboden voor formeren

Ze maken lange dagen in een warm vertrek van de Eerste Kamer. Heel af en toe zoeken ze een locatie met wat frisse lucht....

Yvonne Doorduyn en Kim van Keken

Gun de tegenstander ook een puntje

Ze maken lange dagen in een warm vertrek van de Eerste Kamer. Heel af en toe zoeken ze een locatie met wat frisse lucht. De verschillen zijn groot tussen de Paars-pluspartijen, maar Mark Rutte (VVD), Job Cohen (PvdA), Femke Halsema (GroenLinks) en Alexander Pechtold (D66) onderhandelen dapper door. Gebod 1 van de tien geboden voor een geslaagde formatie luidt: de basis voor vruchtbare onderhandelingen is vertrouwen. ‘Chemie’ tussen de hoofdpersonen is soms belangrijker dan de inhoudelijke afstand tussen verkiezingsprogramma’s. Elkaar een punt gunnen en niet om elk wissewasje strijd leveren, komt de slagingskans van de onderhandelingen zeer ten goede. Paars-plus heeft het voordeel dat de band tussen de hoofdpersonen prima is. PvdA-leider Cohen valt er qua leeftijd (62 jaar) een beetje buiten, maar de veertigers Rutte (VVD), Halsema (GroenLinks) en Pechtold (D66) zien hem als een redelijk man. Wat gebrek aan vertrouwen kan doen, weten Jan Peter Balkenende (CDA) en Wouter Bos (PvdA). Zij maakten elkaar in de verkiezingscampagne in 2007 voor rotte vis: zie dan maar eens vredig samen te werken aan een coalitieakkoord.

Lek met mate

Het chique woord formeren gaat gepaard met de rituele geheimzinnigheid. Zelfs D66, waar normaal journalisten welkom zijn bij de wekelijkse fractievergadering, bezigt plots verhullende taal. De radiostilte levert na twee weken louter clichés op. ‘De verschillen zijn groot, maar de onderlinge verhoudingen zijn uitstekend.’ Daar mogen de journalisten het mee doen.

Nee, neem dan 2003. Toen wist iedereen op dag-1 van de onderhandelingen al dat de PvdA-vegetariër Wouter Bos gado gado at en carnivoor Jan Peter Balkenende (CDA) een tournedos. Er werd openlijk in de kranten en op televisie gesteggeld over de oorlog in Irak en over de mate van bezuinigingen. Na tien weken geruzie, klapte de boel. Net als in 1977 toen Den Uyl ‘op straat formeerde’, en ondanks tien zetels winst geen tweede kabinet bij elkaar kon onderhandelen.

Een radiostilte heeft zijn merites.

Niettemin kan het handig zijn een deelakkoordje te lekken naar de media. Weet de achterban van de partij in ieder geval dat er best iets wordt binnengehaald, daar in die donkere achterkamer.

Zit niet met te veel man aan de formatietafel

Het aantal secondanten uit de Kamer dat Mark Rutte (VVD) bij de onderhandelingen meeneemt, is nu al niet meer op één hand te tellen: Fred Teeven, Stef Blok, Charly Aptroot, Edith Schippers, Helma Neppérus. Bij de andere partijen gaat het ook hard. Job Cohen (PvdA) nam Ronald Plasterk, Mariëtte Hamer, Jeroen Dijsselbloem, Diederik Samsom, Sharon Dijksma mee. En dan wordt de rest van de fractie ook nog eens een à twee keer per week bijgepraat. Bij D66 mogen Kamerleden niet op vakantie buiten Nederland, zelfs de Waddeneilanden zijn verboden.

Zeker, je kunt als partijleider niet van alle markten thuis zijn. En een eventueel akkoord moet ‘landingsrechten’ hebben in de fractie. Als de fractie in de Tweede Kamer zich niet committeert, zijn al die onderhandelingsuren voor niets geweest.

Maar te veel onderhandelaars en ingewijden zijn een recept voor mislukking. Niet alleen vergroot het de kans op lekken naar de media, de onderhandelaars bouwen ook geen band op als er steeds een nieuw gezicht aanschuift.

Sluit geen bondjes

Misschien is het de buitenkant en gedraagt Alexander Pechtold zich achter de schermen rechts-liberaler. Maar Binnenhof-watchers zien de D66-leider dezer dagen wel erg vaak in het linkse kamp. Hij komt met Halsema (GroenLinks) en Cohen (PvdA) naar buiten, terwijl Rutte (VVD) na een onderhandelingsdag eenzaam de Eerste Kamer verlaat en alleen naar ‘de overkant’ beent. Dat terwijl de VVD’er zich sowieso al niet senang voelt in Paars-plus.

Een links bondje of niet, het zou de onderhandelingen ten goede komen als Pechtold zich – in elk geval intern – van zijn rechtsere kant laat zien. D66 zit op sociaal-economisch gebied (bezuinigen op uitkeringen) immers dicht bij de VVD. Twee tegen twee in plaats van drie tegen één, of een per onderwerp wisselende rolverdeling vergroot de slagingskans aanzienlijk.

Op sommige onderwerpen gebeurt dat vanzelf: drie liberale(re) partijen (VVD, D66 en GroenLinks) tegenover één sociaal-democratische (PvdA) over de versoepeling van het ontslagrecht bijvoorbeeld. In andere gevallen kan het raadzaam zijn het expliciet op te zoeken.

Kies een onafhankelijke informateur

Uri Rosenthal (VVD) en Jacques Wallage (PvdA) benadrukten het expliciet in hun eerste persconferentie: ‘Wij houden de partijkaarten op zak.’ Hoewel beide informateurs een scherp politiek profiel hebben – vertrouwelingen bovendien van de hoofdpersonen Rutte en Cohen – is het van groot belang dat ze als team opereren en zich nooit opstellen als onderhandelaar namens de partij. ‘Zíj kraken de noten’, verklaarde Wallage, verwijzend naar de partijleiders. ‘Niet wij.’

De informateurs zijn procesbegeleiders en ze beoefenen een fijngevoelig spel. Hebben ze de meningen op een rij, dan komen ze met tekstvoorstellen voor een compromis. Krijgt één van de partijleiders ook maar het minste gevoel van partijdigheid, dan is het hommeles.

De rol van de informateur(s) kan per formatie danig verschillen. Het wereldbeeld van CDA-informateur Herman Wijffels was in 2007 in het uiteindelijke coalitieakkoord duidelijk aanwezig. Bij die onderhandelingen was een vaderfiguur nodig die de kibbelende partijen aan de hand nam.

Idealiter drukt de informateur minder duidelijk zijn stempel.

Gebruik wat acteertalent

Acteren behoort tot de basisvaardigheden op het Binnenhof. Maxime Verhagen (CDA) begon er na de verkiezingen mee: ‘Ons past bescheidenheid’, zei hij na het verlies van zijn partij. Waar hebben we dat eerder gehoord? Juist, Wouter Bos zei het in 2006 ook , toen zijn PvdA tien zetels had verloren. Het is pure tactiek: ze willen zielsgraag regeren, maar de winnaar moet eerst tot de slotsom komen dat andere coalitiemogelijkheden een doodlopende weg zijn.

Ook nu, bij de formatie van Paars-plus, is acteertalent vereist. Uiteraard speelt elke onderhandelaar hard to get. Maar er is nog iets: ook al gaat het achter de schermen voortvarend, een formatie mag nooit te gemakkelijk ogen. De achterban moet immers denken dat hun onderhandelaar het onderste uit de kan heeft gehaald. Dus: straal altijd uit dat het moeizaam gaat.

Vooral Rutte is aan deze tactiek veel gelegen. Zijn achterban mort. Ze zijn tegen een links kabinet onder VVD-leiding. Het kan zeker misgaan. Maar het valt ook niet uit te sluiten dat Paars-plus er pas komt als de VVD, louter voor het beeld, de onderhandelingen nog een keer afbreekt.

Houd de ambtelijke macht in het vizier

De ambtenaar op een ministerie is dienstbaar, luidt een Haagse tegeltjeswijsheid. Maar op ambtenaren is als nieuw bewindspersoon soms moeilijk grip te krijgen. Het ambtelijk apparaat regeert mee, en soms niet zo’n klein beetje ook.

Nederland telde sinds de Tweede Wereldoorlog 26 kabinetten, waarvoor per kabinet gemiddeld 90 dagen is geformeerd. In totaal is het landsbestuur in de afgelopen 55 jaar dus zo’n 6,5 jaar demissionair geweest – de demissionaire perioden vóór verkiezingen niet eens meegeteld! De ambtenaren bestuurden het land, samen met de vertrekkende ministers. Op het ministerie van Financiën bereiden ambtenaren op dit moment de begroting (bezuinigingen) van volgend jaar al voor. Of er tegen die tijd wel of geen kabinet is, Prinsjesdag gaat in september hoe dan ook door.

Dan is het als onderhandelaar verstandig de vinger aan de pols te houden. De PvdA heeft een voorsprong wat ambtelijke contacten betreft. De sociaal-democraten zaten begin dit jaar nog in het kabinet en de oud-ministers kennen vast nog veel ambtenaren op VROM, Onderwijs en Financiën.

Laat je niet opjagen

In tijden van economische crisis moet zeer spoedig een nieuwe ministersploeg op het bordes staan, is het credo. Koningin Beatrix heeft ook tot snelheid gemaand in haar eerste opdracht naar de formateurs. Maar in ‘Nederland-coalitieland’ gaat weinig snel. CDA-leider Balkenende maande eind 2006 ook tot spoed bij de formatie. Destijds ‘met oog op de regeerbaarheid van het land’. Balkenende IV stond er pas drie maanden later. Niet snel, wel keurig binnen de gemiddelde onderhandelingstijd van drie maanden.

Over Paars I (PvdA, VVD, D66) werd 111 dagen onderhandeld. Toenmalig VVD-leider Frits Bolkestein brak de onderhandelingen met de PvdA na anderhalve maand af door plots 5 miljard euro te willen bezuinigen op de sociale zekerheid. Toch schoof hij drie weken later weer aan tafel en kwam er een kabinet. Bolkestein had die drie weken nodig om de achterban van de VVD mee te krijgen. Ook toen gruwden de liberalen van het idee te moeten regeren met de socialisten (PvdA). Als het moeilijk is, moet je tijd winnen.

Gooi de blackberry uit het raam

Het was premier Balkenende die bij de onderhandelingen over het crisispakket in 2009 welhaast ontplofte, toen hij een berichtje van een persbureau op zijn blackberry zag. Zijn eigen CDA-minister Piet Hein Donner zei openlijk tegen investeringen te zijn. Net op het moment dat de toch al broze coalitie met PvdA en ChristenUnie al weken onderhandelde over een bezuinigingspakket tegen de economische malaise. Voor de duidelijkheid: de PvdA was vóór investeren en ‘onafhankelijk’ onderhandelaar Balkenende moest uit de impasse zien te komen. De woorden van Donner waren ietwat uit zijn verband gerukt, maar de woede was al gewekt. Balkenende bleef die dag chagrijnig.

Ruis komt onderhandelingen niet ten goede. Dat had informateur Herman Wijffels al door toen hij in 2007 Balkenende IV tekende. Het was nog het twitterloze tijdperk, maar alle onderhandelaars moesten hun mobieltjes uithouden aan de formatietafel. Een kwaadaardig sms’je is immers zo verstuurd. De huidige informateurs hebben al een twitterverbod uitgevaardigd. Alleen D66’er Pechtold houdt zich daar niet aan. Al twittert hij wel keurig buiten de formatie-uren.

Juich niet te vroeg

Reeds twee weken aan de onderhandelingstafel, dat moet wel goed nieuws opleveren, zou de nuchtere buitenstaander denken. Maar in dit land is het traditie lang te onderhandelen, met vele schijnbewegingen. Zo was het kabinet met PvdA en CDA welhaast rond in 2003. Tenminste voor degenen die de krantenkoppen zagen. Zeker, het ging moeizaam tussen christen-democraat Balkenende en PvdA’er Bos. Maar na tien weken onderhandelen hadden ze de nodige hordes genomen. De ruzie over de oorlog in Irak leek gesust. Er was zelfs op 1 april al een bezuinigingsbedrag van 20 miljard euro (in vier jaar tijd) vastgesteld. Ze moesten alleen nog ministers zoeken – dat was het beeld in de media. En toen kwam opeens ‘de Wijn-lijst’, genoemd naar CDA’er Joop Wijn, destijds staatssecretaris van Financiën. Hij stelde een reeks extra bezuinigingen voor. De PvdA kon met tientallen punten niet akkoord gaan. ‘De liefde moet wel van twee kanten komen’, zei Bos. Op 11 april gingen de twee partijen alsnog uit elkaar en kwam er uiteindelijk een kabinet van CDA, VVD en D66.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden