The Child of D'Angelo

De nieuwste lieveling van de Britse muziekpers komt uit Amsterdam. Het wonderlijke verhaal van The Child of Lov - in eigen woorden.

Daar sta je dan, op je interviewafspraak met een debuterende soulzanger en producer, over wie de Britse muziekpers inmiddels erg lovend is. Je bent geïntrigeerd geraakt door zijn vreemd broeierige, soms een tikje duistere funk en stelt je nu, in de krochten van het Amsterdamse People's Place, in je beste Engels voor, namens a Dutch national newspaper. Hi, hello. Krijg je terug: 'Praat maar gewoon Nederlands hoor, ik kom hier vandaan.'


Hoe belandden we hier?


Het begon als zo vaak. Je krijgt een gekopieerde cd opgestuurd of een linkje in je e-mail: of je tijd voor en zin in een interview hebt op die en die dag. Je leest en luistert even of er een verhaal in zit en besluit, zoals ook wel vaker, ja, waarom niet? The Child of Lov noemt deze jongen zich, en zijn plaatje klinkt leuk. De door elektronische beats ondersteunde funk doet hier en daar denken aan de kolderieke elektrofunk van de wonderlijk bebaarde Amerikaanse dj en yogaleraar Gonjasufi. Dan weer klinkt het wat duisterder, à la de gelauwerde Canadese r&b-zanger en -producer The Weeknd, of de hipster-r&b van de Amerikaans-Duitse producer How To Dress Well.


Uit de bio pikken we nog even mee dat The Child of Lov Cole Williams heet, en dat hij heeft gewoond in Londen, Parijs en, jawel, Amsterdam. Best een leuk feitje, maar aan de andere kant: globetrotters zonder vaste woon- of verblijfplaats genoeg in Amsterdam. Nee, wat echt de doorslag geeft om erop af te gaan is dat zijn plaat is opgenomen in de Londense studio van Damon Albarn, onder meer zanger en componist van Britpopgrootheden Blur en later het succesvolle, eclectische collectief Gorillaz, die cartoonband. Vorig jaar nog was Albarn medeverantwoordelijk voor de knappe comeback van soulzanger Bobby Womack.


We willen dus op zijn minst wel even van Williams weten hoe hij al voor zijn debuut met deze grootheid uit de hedendaagse Britse popmuziek in contact kwam. En hoe hij, als we dan toch bezig zijn, die andere relatieve grootheid, underground-rapper DOOM, zover heeft gekregen op zijn plaat mee te doen.


'Hi, I'm Gilbert, I write for a Dutch National Newspaper.' 'Spreek maar gewoon Nederlands hoor.' Goed, de oplettende lezer van Britse muziekbladen had al kunnen weten dat Williams in Amsterdam woonde. In november 2012 was in muziektijdschrift NME The Child Of Lov al verkozen tot Radar band of the week, de belofte van de week. Williams gaf bij die gelegenheid zijn eerste interview; op de begeleidende foto hield hij zijn gezicht bedekt en weigerde hij zijn echte naam te geven. Tel dat op bij het feit dat er in het persmateriaal nogal bedekt met zijn Amsterdamse herkomst werd omgegaan, en je begint je af te vragen waar al die geheimzinnigheid vandaan komt. Was het juist niet leuker geweest om in Amsterdam tegen de Nederlandse media op te scheppen over je Britse platencontract, en dat je daar geen Nederlandse kruiwagen bij nodig hebt gehad? En wie is die 25-jarige jongen in trainingsjack eigenlijk, met zijn tot een knotje verwerkte haar, boven op zijn hoofd?


'Ik heet Williams. Cole is niet mijn echte voornaam maar ik word al zo genoemd sinds ik een jaar of 12 was en in Alkmaar, waar ik opgroeide, op straat speelde. Ik ben in België geboren, heb een Belgische vader en Nederlandse moeder.' Cole Williams woont een jaar of vijf, zes in Amsterdam, waar hij zijn bachelor literatuurwetenschappen haalde aan de UvA. Maar afmaken zou hij de studie niet. Terwijl hij voor zijn master ging, kreeg hij een platenaanbieding. 'Die studie had ik ook wel gezien, dus dat kwam goed uit.'


De aanbieding kwam van niet zomaar een label: het Britse Domino, onderdak van grote acts als Arctic Monkeys, Franz Ferdinand en Animal Collective. Hoe wist Williams ze zo ver te krijgen? Dat kwam, zo legt hij uit met een stem die veel schorder is dan je na beluistering van zijn album zou verwachten, door de Amerikaan Trey Reames. Hij is de man die een plaatsje in de popgeschiedenis heeft verdiend door ooit rapper Cee-Lo Green (Gnarls Barkley) aan producer Danger Mouse voor te stellen, wat uiteindelijk zou resulteren in de wereldhit Crazy, in 2006. Door 'persoonlijke omstandigheden' was Reames inmiddels neergestreken in Nederland.


Williams leerde Reames kennen via een wederzijdse kennis, aan wie Williams wel eens wat van zijn muziek had laten horen. 'Ik was erg verlegen met mijn eigen werk. Ik rommelde wat met elektronica en zingen. Ik had wat liedjes, maar die waren nog niet af. Maar die kennis van mij, de enige aan wie ik het durfde te laten horen, kwam ineens met Trey bij mij thuis.' Reames deed op dat moment al niet zo veel meer in de muziek, maar had wel veel contacten, zo werd Williams al snel duidelijk. 'Hij werd meteen enthousiast toen ik hem voorzichtig wat demo's liet horen. Ik had eigenlijk nog niet veel ambities maar dacht ach, leuk, een release op een klein label.'


Zo klein was het label dat Reames als eerste aanschreef niet, en Domino's baas Laurence Bell was zo enthousiast dat hij al naar Amsterdam kwam 'toen hij nog maar drie liedjes onaf gehoord had'. Zo begon het avontuur, zegt Williams. Vanaf het allereerste begin liep meteen alles via Britse contacten en agenten. Nederland speelde direct geen rol meer, anders dan dat Amsterdam toevallig de plaats was waar zowel Reames als Williams woonde. Maar anders dan je misschien zou denken was dat geen onderdeel van een masterplan. 'Er zit echt geen strategie achter. Het is niet dat we Nederland willen overslaan, maar als een label als Domino zich meldt en we snel media-aandacht krijgen in NME en op grote sites als Pitchfork en Stereogum, dan hoef ik hier even niet zo nodig iets te doen. Ik ken hier ook helemaal niemand in de business.'


Manager Reames ook niet echt, maar hij kende wel Damon Albarn, die als man achter de Gorillaz nog met Danger Mouse gewerkt heeft, en ook Albarn hoorde wel wat in Williams' muziek. 'Niet dat ze elkaar wekelijks spreken, maar je ziet meteen dat Trey en Damon iets met elkaar hebben. Het voelde ook meteen goed toen Trey ons aan elkaar voorstelde. Damon is zo iemand die in de studio de rust kan uitstralen van iemand met veel zelfvertrouwen. Bovendien werken we allebei erg snel. In twee weken was alles klaar. Toen ik zijn Londense studio binnenkwam had ik eigenlijk vooral dingen die onaf waren. We gingen aan het werk en hij zei dan steeds al vrij snel: het nummer is af, we gaan een volgend nummer doen. Heerlijk, want zo werk ik ook.'


De tien nummers op zijn debuut werden vrij vol geproduceerde liedjes. Later werden er nog enkele baspartijen van Thundercat aan toegevoegd, bandlid van zowel Flying Lotus als Erykah Badu, die door Williams allebei zeer hoog worden aangeslagen. Ook rapper DOOM - 'een rapper zo goed en soulvol dat ik zeker weet dat we naar hem over dertig jaar nog zullen luisteren' - leverde nog een bijdrage. 'Ik heb hem ontmoet, een onwijs aardige gast, waar ik een nors donker persoon had verwacht. Zijn rap heeft hij uiteindelijk gewoon opgestuurd.' Damon Albarn zelf zingt ook nog een stukje in One Day, het sterkste nummer van de plaat. 'Damon vraagt iedere keer wanneer we die crazy track van ons gaan uitbrengen op single, zo blij is hij ermee.'


Zelf is Williams ook blij. Hij hoopt dat op zijn album iets van zijn voorliefde voor rauwe funk en soul doorklinkt, zonder dat hem wordt aangewreven een soort retrosoul te maken. 'Mijn grote held is D'Angelo. Zijn plaat Voodoo is de beste ooit gemaakt. Dat geluid van die synths in combinatie met die broeierige hitsige zang is ongeëvenaard. Vorig jaar kwam hij hier in Paradiso. Ik was zenuwachtig joh, echt. Zelfs emotioneel. Ik ben opgegroeid met zijn muziek. Nee, objectief kan ik er niet over zijn, daarvoor betekent D'Angelo te veel voor mij.'


Een andere held is Frank Ocean, die Williams eerder dit jaar ontmoette tijdens de uitreiking van de NME-awards, waarvan beiden er een wonnen. 'Frank zingt prachtig, maar zijn muziek mag best wat voller en warmer, hij klinkt soms zo depressief.'


Het meest houdt Williams nu van funk, die hij 'het vieze kamertje in het huis van de soul' noemt. Maar het begon voor hem allemaal met hiphop. 'Alles begon voor mij met beats maken. De eerste plaat die me daartoe inspireerde was Binnenlandse Funk van Extince. Via die plaat kwam ik bij andere rappers en producers als Tupac, Madlib en J Dilla. Maar Extince en ook Kempi, dat is voor mij echt buitencategorie. Echter dan alle anderen.'


En verder in Nederland? 'Niks eigenlijk. Ik heb er ook nog niet over nagedacht. Ik repeteer nu in Londen met een liveband. We staan geboekt op Glastonbury, beter kun je het niet hebben. Lowlands en Pukkelpop komt volgens mijn Engelse agent ook wel goed.'


Die agent heeft overigens nog nooit meegemaakt dat er in zo'n vroeg stadium al zo veel naar optredens van een nieuwe artiest gevraagd wordt. 'Ik ben flink aan het oefenen.' Veel tijd voor Nederland heeft Williams dus niet. Het gebruikelijke traject: aandacht zoeken bij VPRO's 3Voor12, een plaatje pluggen bij 3FM, smeken om een minuutje in DWDD, daar zal hij niet aan toe komen. 'Niet uit arrogantie, maar omdat de Engelsen nu te veel van me vragen. En ik wil op Glastonbury alles uit de kast trekken.'


Maar waarom niet van de daken geschreeuwd dat een Nederlandse artiest getekend is door een belangrijk Brits label? 'We vonden het wel leuk om eens te kijken wie er in Nederland interesse zou hebben, puur afgaand op de plaat en wat er tot dan toe al in de Britse media was verschenen. Het gaat me om de muziek. Al het andere is bijzaak. Mijn persoon en achtergrond doen er eigenlijk niet toe. Laat alles maar geheimzinnig blijven, ik heb aan de Engelsen al gemerkt dat ze dat juist leuk vinden.'








Freaky in a good way

De Britse reacties op het debuutalbum van The Child Of Lov, dat twee weken geleden verscheen, zijn zeer lovend. NME beoordeelde de plaat met een 9: 'Dutchman's Debut Sprinkled With Damons Magic Dust.' Het maandblad Uncut (een 8) heeft het over de Dutch D'Angelo. Mojo (4 sterren) vindt de plaat 'freaky in a good way'. The Observer (3 sterren) stelt, niet ten onrechte, dat The Child Of Lov nog wat te veel tegelijk wil maar 'the next album could be very good indeed'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden