Thatchers erfenis is geen baken voor de toekomst

Voor Europa, dat historische tegenstellingen wil overwinnen, was Margaret Thatcher te benepen.

Bewondering overheerst na het overlijden van Margaret Thatcher. Groot-Brittannië en de westerse wereld zouden er anders uitzien als zij er niet was geweest. In eigen land maakte zij onder de slogan 'Labour doesn't work' korte metten met de linkse vakbonden, een klap waarvan het socialisme nooit meer echt is hersteld. Samen met Ronald Reagan, die in Maggie een politieke vriendin zag, stond ze pal tegen het Sovjetcommunisme, waardoor het Westen de Koude Oorlog won (al was dat nog meer te danken aan Michail Gorbatsjov, van wie ze meteen al vaststelde dat er zaken mee te doen waren). Met haar 'Brugge-speech' in 1988 zegde zij het Europese federalisme de wacht aan toen de euro nog geboren moest worden. Haar echo klinkt luid, anno 2013 luider dan ooit. David Cameron, de huidige premier, heeft de eurosceptische Britten een referendum over Europa beloofd.

Ik hoor tot de bewonderaars, aan de historische verdiensten van de Iron Lady wil ik niks afdoen. Maar ik hoor niet tot de dwepers, die haar erfenis als baken voor de toekomst zien. Dat is domweg mythologie. Met haar 'No, No, No' tegen alles dat naar soevereiniteitsoverdracht aan ongekozen bureaucraten in Brussel riekte, appelleerde zij aan diepe Britse instincten.

Thatcher verachtte het compromis en stond in de Churchilliaanse traditie van haar partij. Dat paste in de omstandigheden van de jaren tachtig, toen Groot-Brittannië, bakermat van de Industriële Revolutie, zijn fabrieken zag verdwijnen en een postindustriële samenleving werd. Dat was een inbreuk op de identiteit van het land. In 1982 kon niemand weten waar dat naartoe ging en staarde zij de mislukking in het gezicht. Maar haar gok om de Falklands van Argentijnse bezetting te bevrijden, deed wonderen voor haar reputatie van onverzettelijkheid. Wat haar niet verhinderde om een deal met China te sluiten waarin de overdracht van Hongkong aan Peking in 1997 werd bezegeld.

Thatcher wordt een beslissende rol toegedicht in de 'neoliberale revolutie' (meer een term van haar tegenstanders) die vanaf de jaren tachtig een mondiale kapitalistische zegetocht heeft ingeluid. De Big Bang in de Londense City stond daar symbool voor. Sinds de financiële crisis rust daarop een smet, maar dat heeft niet geleid tot een nieuw paradigma. Integendeel, de geldmarkten zijn nog steeds oppermachtig, al is niemand daar gelukkig mee. Tot veel rechtse zelfkritiek heeft dat nog niet geleid en links staat nog steeds machteloos. De enige die daar nu de strijd tegen aanbindt is Angela Merkel, die verder met haar terughoudende onderkoelde stijl het tegendeel is van Thatcher, met wie zij vaak is vergeleken.

Dat altijd met haar eeuwige handtas de confrontatie aangaan en nooit van wijken weten, gaf Thatcher een uniek charisma: 'The Lady is not for turning.' De mannen van Monty Python hadden het kunnen bedenken, maar het was Maggie zelf (met haar echtgenoot Dennis op de achtergrond) die daar vorm aan gaf. Op een bloedserieuze, niet te kopiëren manier.

Veel bewonderaars beseffen niet dat stijl en boodschap van Thatcher historisch gebonden zijn. In de jaren tachtig beet Groot-Brittannië van zich af, na een periode van verval waarin een wereldrijk was verspeeld en een pijnlijke gang naar het IMF was gemaakt. Die vernederingen hielden na Thatcher niet op. In september 1992 was er Black Wednesday, waarbij het Britse pond uit het Europese wisselkoersmechanisme werd gestoten. Tony Blair - in velerlei opzicht met New Labour een waardig opvolger van Thatcher - liep met al zijn onverzettelijkheid in Irak een bloedneus op. En hoewel Thatcher geprezen is voor haar standvastigheid in de Koude Oorlog, was haar houding insulair en bedreigend voor de eenheid van het democratische Westen.

Als het aan haar gelegen had, was de Duitse eenwording er niet gekomen, hoewel de Oost-Duitse bevolking er ondubbelzinnig voor gekozen had, de Amerikanen er hun gewicht achter zetten, en de val van de Berlijnse Muur de echte overwinning voor het Westen was. Thatcher verachtte Helmut Kohl, een medeconservatief, en kon niet met hem door een deur. Hier verzette de Iron Lady zich tegen de geschiedenis en leek zij het IJzeren Gordijn te prefereren. Zij had ook niet de grootheid om van mening te veranderen, wat François Mitterrand als een echt staatsman wel deed. Dat kostte Thatcher de kop. In november 1990 werd zij na een coup van conservatieve partijgenoten ten val gebracht. Haar onbuigzaamheid - in augustus na de inval van Irak in Koeweit nog van belang om George H.W. Bush bij de les te houden - was te veel geweest.

In de kern voerde Margaret Thatcher een achterhoedegevecht. Zij wilde aan Victoriaanse deugden vasthouden, uit de tijd dat Groot-Brittannië nog over de wereldzeeën regeerde. Dat maakte haar stuntwerk rond de Falklandeilanden er niet minder om, eerder moediger en meer tot de verbeelding sprekend. Zij liet zien dat machtsverval te stuiten was en had het geluk dat de Argentijnse junta - die extra sinister afstak tegen haar burgerfatsoen, waarmee ze ook de dwaze moeders van de Plaza de Mayo een hart onder de riem stak - nog veel meer in het verleden leefde.

Maar voor Europa - ook voor de VS en de westerse eenheid van belang - had ze geen talent. Europa wil historische tegenstellingen overwinnen en dat gaat niet zonder compromissen, diplomatie en verzoening (voor haar al snel appeasement). Over die schaduw kon en wilde Margaret Thatcher niet heenspringen, daarvoor was zij te benepen en te weinig conservatief met een kleine 'c' (het verraderlijke soort dat haar in 1990 de pas afsneed).

Wat verder niets afdoet aan haar verdiensten, alleen zijn die eenmalig en niet voor herhaling vatbaar.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden