Thailands andere gezicht: minder commercieel, minder druk

Rustig Thailand

De noordelijke provincie Loei toont een ander gezicht van Thailand. Minder commercieel, minder druk.

Een Tai Dam-man kijkt uit over de velden. Beeld Haroon Ali

Bij Thailand denken de meeste mensen aan witte stranden met wuivende palmbomen, vissersbootjes in de branding en felgekleurde cocktails in luxueuze resorts. Zon, zee en lage prijzen zijn voor velen de belangrijkste redenen om dit Aziatische vakantieparadijs te bezoeken (of te mijden). En daarnaast, voor sommige groepen reizigers, de exotische feesten en het sekstoerisme in Phuket en Pattaya.

Maar de provincie Loei in het noordoosten van Thailand is een ander verhaal. Hier kom je voor de rust en de natuur: bergen, bossen, goudbruine rivieren en eindeloze rijstvelden. Geen fullmoonparty's, maar stilte zodra de avond valt. Tempels in overvloed, terwijl de mensenmassa's ontbreken. Onderweg kom je weinig westerlingen tegen. Word je in het zuiden vaak gezien als een wandelende portemonnee, in Loei kun je rekenen op een oprechte glimlach.

De provincie was lange tijd ontoegankelijk voor toeristen, zegt gids Arkané Sawangkamol. 'Loei lag in de beruchte Gouden Driehoek, er werd in dit gebied veel opium geproduceerd en vervoerd, met alle gevaren van dien.' De opiumteelt is vervangen door onschuldiger vormen van landbouw. Noten, passievruchten en koffie worden verbouwd in de hoger gelegen gebieden, rijst, katoen, bananen en rubber aan de voet van de bergen. 'Het is hier nu veilig', zegt de gids.

Reisinformatie

Air Asia (airasia.com) en Nok Air (nok air.com) vliegen vanaf Bangkok naar Loei. Daar zijn auto's te huur. Let op: links rijden.

Kras biedt georganiseerde reizen die de provincie Loei aandoen: kras.nl.

Voor individuele reizen zie: Riksja Travel, thailandonline.nl of Tenzing Travel, tenzingtravel.nl

Omdat de inwoners nauwelijks Engels spreken (en u waarschijnlijk geen Thai), is een Thaise gids handig. Boeken kan via Wild Thailand, wildthailand.com, Asian Trails, asiantrails.travel of Smart Travel, smarttravel.co.th.

Omringd door groen

Loei is ook beter bereikbaar dan voorheen. Sinds de millenniumwisseling is er veel geïnvesteerd in betere wegen, zegt Sawangkamol. Met prijsvechters Air Asia en Nok Air vlieg je vanaf Bangkok in een uurtje naar de luchthaven van Loei. Niet alleen makkelijk, het is ook een mooie vlucht. Vanuit de lucht heb je een spectaculair uitzicht op de bergen, valleien en kronkelende zandweggetjes. Als je over de landingsbaan naar de aankomsthal loopt, ben je omringd door fris groen.

Naast de drie nationale parken Phu Kradueng, Phu Ruea en Phu Suan Sai zijn er talloze regionale parken en bossen. Met een jonge boswachter wandel ik door het Phu Luang ('Grote Berg') Wildlife Sanctuary. Er zouden hier olifanten, wilde katten, apen, geiten en fazanten rondlopen, maar vandaag zien we helaas alleen maar de sporen van een olifant, en veel soorten orchideeën. Ik wandel door het groen en luister naar de vogeltjes.

De boswachter gaat vaak op patrouille met collega's - gewapend. Hij vertelt over de torenhoge boetes en gevangenisstraffen die er staan op stropen en op illegale houtkap. Ook waarschuwt hij dat je het reservaat niet in moet gaan zonder gids. 'Veel Thaise mensen denken dat ze de weg weten. Een groep studenten ging een keer zonder gids op pad. Eén van hen verdwaalde en werd pas vijf dagen later gevonden. Hij overleefde door te kijken welke vruchten de apen en vogels aten.'

Boswachter in het Phu Luang Wildlife Sanctuary. Beeld Haroon Ali
Uitzicht op de rijstvelden vanaf het Phu Ruea Mai Resort. Beeld Haroon Ali

Tempels en fallussen

Loei heeft ook veel te bieden voor cultuurliefhebbers. Indrukwekkend is het Phra That Si Song Rak-monument, rond 1560 gebouwd in het Dan Sai District. Met deze met goud versierde stoepa wordt de vriendschap herdacht tussen Thaise en Laotiaanse koningen, die Birma (nu Myanmar) als gemeenschappelijke vijand hadden. Het is op het terrein verboden om rood te dragen, omdat die kleur symbool staat voor het bloedvergieten. De ondergaande zon op de witte koepel en de blaadjes op de grond leveren een sereen tafereel.

Nog zo'n eeuwenoude parel: de Wat Phon Chai-tempel, tien minuten rijden verderop. De tempel is vrij eenvoudig, al staat er wel een enorme gouden Boeddha in. Belangrijker is dat dit het centrum is van het jaarlijkse Phi Ta Khon-festival (ergens tussen maart en juli), een parade van gemaskerde, dansende 'geesten', in kleurrijke pakken met veel belletjes, en houten fallussen. Ook voor wie buiten het festival om de tempel bezoekt, staan er dansers klaar voor een show. Beetje plat, maar leuk voor de selfies.

Een bezoek aan een in deze regio wonend volk geeft nogal een pretparkgevoel. De kennismaking met de Tai Dam, oorspronkelijk uit Vietnam, verloopt volgens een vast stramien. Het hoofd doet de ontvangst in traditioneel zwarte kledij (met gympen), waarna een welkomstceremonie volgt, een rondleiding in een klein huismuseum, een ritje met een tractor, een workshop weven en een lunch ter afsluiting, met hartige en zoete kleefrijst. Het voelt weinig authentiek, maar de omgeving is prachtig.

Een Phi Ta Khon-danser bij de Phon Chai-tempel. Beeld Haroon Ali
Drie leden van het Tai Dam-volk. Beeld Haroon Ali

Geen bar te bekennen

Banjer liever rond in het stadje Chiang Khan (tienduizend inwoners), aan de Mekongrivier, de natuurlijke grens met Laos. De plaats trekt, net als de rest van Loei, bijna alleen Thaise toeristen. De nachtmarkt (een trekpleister in heel Azië) is hier gemoedelijk: geen harde muziek en toeterende auto's, geen schreeuwende groepen Amerikanen. Ook is er vooralsnog geen bar te bekennen aan Mekong Street - heerlijk rustig.

Op veel plekken in Azië kun je 's ochtends aalmoezen geven aan boeddhistische monniken die naar hun klooster wandelen. Dat kan ook in Chiang Khan, met als voordeel dat het er hier wat gemoedelijker aan toe gaat. Langs de hoofdstraat zit een handjevol mensen klaar op een rieten matje. Toch komen er tientallen monniken een voor een voorbij, die etenswaren en geschenken krijgen van voorbijgangers. Als dank spreken ze een gebed of zegen uit.

Als ik even later met een tuktuk op pad ga, zie ik de inwoners voor hun huis wachten op de monniken. Ook zie ik een kloosterling op de markt etenswaar verzamelen. Het laat zien dat de geestelijken hier nog deel uitmaken van het dagelijks ritme van de stad. Terwijl ik koffie met gecondenseerde melk drink, knikt een kale voorbijganger in oranje gewaad vriendelijk.

De machtige Mekong ligt pal achter de hoofdstraat. Er loopt een promenade langs. Je kunt hier een mountainbike huren en langs de kade met houten huisjes rijden. Thailand ontdekt de toeristische waarde van de fiets, al ontbreken voorlopig nog de vrijliggende fietspaden. Het mooist is echter een boottocht bij zonsondergang, als de Mekong roze kleurt.

Een monnik op straat in Chiang Khan. Beeld Haroon Ali
Een rijstboer aan het werk. Beeld Haroon Ali

Luxe op het platteland

Loei wil het toerisme slimmer aanpakken. In de ecolodges op het platteland wordt ingespeeld op de behoefte aan duurzaam toerisme. Zo kun je in het Phunacome Resort helpen met het planten en oogsten van gewassen die worden gebruikt in de keuken. Als je uit je houten blokhut stapt, kijkt een stel waterbuffels op. Het Chachanat Woodland Resort is gebouwd op heuvels waarvan de begroeiing was platgebrand door boeren. Dankzij de huidige eigenaren is de heuvel in 25 jaar tijd weer weelderig bebost, met hulp van de bevolking.

Het Phu Ruea Ruean Mai Resort geeft het ecotoerisme een duw in de rug. Het wordt gerund door de hippe twintiger Jitchanok Tahwichai en haar moeder Ubol. Hun verhaal is aandoenlijk: lerares Ubol ging met pensioen en kocht een stuk land, waarop ze een klein resort liet bouwen. Een deel van de grond werd gebruikt om rijst te kweken. Dochter Tahwichai studeerde social administration aan een universiteit in Bangkok, maar kwam terug om haar moeder te helpen.

Ubol zag dat de boeren ziek werden van de pesticiden. Daarom stapten moeder en dochter over op biologische bestrijdingsmiddelen en efficiënte manieren om te planten. Tahwichai nam ook creatieve ideeën en zakelijke inzichten mee uit Bangkok. Ze geeft nu workshops over rijstteelt en opende een koffiebar met uitzicht over de rijstvelden. Het is inmiddels een populaire plek voor jongeren uit de buurt.

Loei haalt zo alle clichés over Thailand onderuit en probeert iets anders te laten zien. En wie op het terras van het rijstresort met een espresso in de namiddagzon zit te mijmeren, turend naar een boer die het veld omploegt, met die glooiende bergen op de achtergrond, mist het strand niet.

Duurzaam logeren

Het ecologisch bewuste én rookvrije Phunacome Resort (phunacomeresort.com) biedt logés de kans om te helpen op het land. Je slaapt in blokhutten en er lopen waterbuffels rond.

Chachanat Woodland (chachanatwoodland.com) is gebouwd op landbouwgrond die door boeren was platgebrand. De heuvels zijn nu opnieuw bebost.

Het Phu Ruea Ruean Mai Resort (phuruarounmairesort.com) wordt gerund door moeder en dochter. Ze verbouwen rijst en er is een koffiebar met terras met uitzicht over de rijstvelden.

Uitzicht op de rijstvelden vanaf het Phu Ruea Mai Resort. Beeld Haroon Ali
Een modderige rivier bij het Chachanat Woodland-resort. Beeld Haroon Ali
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.