Tessa de Loo

De kloeke Kenau had een beter boek verdiend dan dat van Tessa de Loo.

DANIËLLE SERDIJN

Tessa de Loo: Kenau

**

De Arbeiderspers; 300 pagina's; euro 18,95.

Over Kenau Simonsdochter Hasselaer (1526-1588) zijn een paar feiten bekend. Dat ze de weduwe was van Nanning Gerbrantszoon Borst, dat ze zijn scheepswerf erfde en dat ze hout en schepen leverde aan de gemeente Haarlem. Verder weten we dat ze minstens twee dochters had, en dat ze procedeerde tegen de stad, omdat die weigerde te betalen voor het hout dat ze verstrekt had tijdens de strijd om Haarlem.

Meer dan de feiten spreken de verhalen. Kenau zou 300 vrouwen hebben aangevoerd tijdens het Beleg van Haarlem (1572-1573). Vanaf de stadswallen zouden zij kokende olie, hete pek en brandend stro naar beneden hebben gegooid. Dergelijke avonturen werden opgetekend door de historicus Emanuel van Meteren (1535-1612), die zich baseerde op een eerdere tekst, die weer tot stand was gekomen na het verslag van een ooggetuige. Vervolgens is het P.C. Hooft geweest die de historie blindelings overnam, waarna Kenau kon uitgroeien tot een nationale legende.

Tessa de Loo (1946) schreef de roman Kenau. Leidraad was het scenario van de film die in februari 2014 in première gaat. We hebben dus op voorhand met een aanzienlijke hoeveelheid afgeleiden te maken. Voor de kern van het verhaal maakt dat weinig uit; die is sinds de overlevering al dik in orde.

In De Loo's voorstelling is Kenau een vrouw met een goed hart. Lomp misschien, maar niet gevoelloos. Daarnaast is ze zorgzaam. Wanneer haar neef uit Zutphen half bevroren voor haar deur staat en ter plekke dood dreigt neer te vallen nadat hij in de ijzige kou gevlucht is voor de Spanjaarden, zegt zij: 'Hier wordt (...) niet gestorven.' Onmiddellijk draagt zij haar personeel en dochters op de jongen te verzorgen. Zo redt hij het.

Op vergelijkbare manier bekommert zij zich om haar stad. Zodra zij in de gaten krijgt dat de regenten onjuiste informatie hebben over de exacte aanvalslocatie, komt ze in actie. Ze wil de heren spreken, maar die honen haar weg. Daarop besluit ze de hulp in te roepen van alle Haarlemse vrouwen en de verdediging zelf uit te voeren. Aldus geschiedt.

Zulke kordaatheid zou zomaar een karaktertrekje kunnen zijn. Sommige mensen zijn gewoon zo; vastberaden, humeurig, onverbiddelijk. Maar hier is dat helaas niet het geval, of hoogstens ten dele. De Loo heeft de noodzaak gevoeld een (psychologische) motivatie te verzinnen voor dit karakter.

Een van haar dochters, Cathelijne, is verliefd geworden op de zoon van Ripperda, de man die het verzet tegen de Spanjaarden zou moeten leiden. Die zoon steunt de reformatie, en Cathelijne ook. De jonge geliefden doen mee aan de Beeldenstorm in de Sint Bavo, waarna ze worden opgepakt en veroordeeld tot de brandstapel. Kenau is getuige als de straf wordt uitgevoerd.

Zo'n heftige verklaring voor de luimen van Kenau doet geforceerd aan. Hetzelfde geldt voor de gedachten die zij besteedt aan de machtsverhoudingen tussen de geslachten. Kenau is in haar commentaar te nadrukkelijk bezig met die vrouwenemancipatie. Nergens voor nodig. Het verhaal spreekt voor zichzelf. Sterker is dan het fragment waarin Kenau van het slagveld afkomt en zich realiseert dat ze nog brood moet kopen.

Goed dat Kenau's verhaal wordt verteld, maar wat stijl betreft ziet Kenau er bij vlagen uit alsof het in haast is geschreven. De Loo gebruikt veel vaste uitdrukkingen en deinst niet terug voor anachronismen in de taal. Zo heet iemand 'een lekker ding', en is er iets 'dat niet in het plaatje past'. Niet fraai.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden