Nieuws Toerisme in Nederland

Terwijl de politiek worstelt met miljoenen toeristen, zet Lonely Planet Nederland op de kaart

Een verliefd Deens-Chinees bruidspaar maakt foto's in de bollenvelden bij Noordwijkerhout. Beeld Najib Nafid

De internationale ‘iconische’ reisgids Lonely Planet tipt Nederland als vakantiebestemming. De positieve reisrecensie zal het toeristenaantal ongetwijfeld verder doen toenemen. Moeten we dat wel willen?

De jaarlijkse lijst van Lonely Planet rangschikt landen, steden en regio’s op basis van culturele en exterieure aantrekkelijkheid. Nederland staat op een zevende plaats en is volgens de redacteuren een bezoek waard vanwege de feestelijke agenda: zo vieren we volgend jaar 75 jaar vrijheid sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog. Ook Koningsdag en het Eurovisiesongfestival zijn een reden de champagne te ontkurken.

De reisgids heeft niet alleen aandacht voor de feestelijkheden, toeristen wordt ook aangeraden de ‘rust van de Friese Waddeneilanden’ op te zoeken. ‘Bij Camping Stortemelk kun je overnachten in de duinen, om door het geruis van de golven in slaap te worden gezongen’, is de bijna romantische omschrijving van Vlieland. Prachtige woorden, maar hoe relevant is een reisgids nog in het huidige tijdperk, waarin reizigers hun oordeel via sociale media binnen enkele seconden met rest van de wereld delen? Jan van der Borg, hoogleraar toerisme in Leuven, typeert Lonely Planet als ‘een iconische en toonaangevende bron van informatie’.

‘In het begin was de gids er vooral voor jongeren, maar de Lonely Planet wordt nu door alle toeristen gelezen. De autoriteit is gegroeid’, zegt Van der Borg. Dat een vermelding de bezoekcijfers flink kunnen aanjagen, hebben de inwoners van Texel aan den lijve ondervonden. Het Waddeneiland prijkte in 2016 op de negende plaats op de lijst van ‘onontdekte’ Europese bestemmingen. De ‘ongerepte duinlandschappen en glorieuze verlaten Texelse witte stranden’ werden van harte aanbevolen in de reisgids.

Amerika, Canada en Azië

Verlaten waren de stranden na de publicatie in ieder geval niet meer, lacht Frank Spooren, directeur van de Texelse VVV. ‘Ik geloof zeker in het Lonely Planet-effect’, zegt hij. ‘De media-aandacht groeide en daarmee de naamsbekendheid. We merkten dat een diverser publiek deze kant op kwam: toeristen uit Amerika, Canada en Azië.’ Hij schat dat sindsdien jaarlijks zo’n 1,2 miljoen bezoekers naar Texel komen. Voor de vermelding van Lonely Planet schommelde het aantal ‘rond de miljoen’.

Renske Satijn, citymarketeer in Rotterdam, zag tot haar grote vreugde dat ook haar stad werd aanbevolen in de reisgids. De vermelding opende de deur van de Maasstad voor nieuwe bezoekers uit Australië en Amerika. ‘De gids wordt in die landen goed gelezen, dus Lonely Planet heeft ons daar echt op de kaart gezet’, zegt Satijn. ‘Na de uitgave van de reisgids kregen internationale journalisten aandacht voor Rotterdam. Het aantal hotelovernachtingen steeg fors, net als het bezoek aan musea en andere toeristische attracties. Ook vestigden tachtig internationale bedrijven zich hier: een record.’

Capaciteit

Na Rotterdam en Texel zet Lonely Planet nu de schijnwerper op héél Nederland, met mogelijk hordes nieuwe toeristen tot gevolg. Is dat wel wenselijk? Vorig jaar kwamen zo’n 19 miljoen buitenlandse toeristen naar Nederland. Dat aantal zal volgens prognoses van het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen (NBTC) de komende jaren explosief stijgen tot 28 miljoen zijn in 2030; samen met binnenlandse gasten telt Nederland dan naar verwachting bijna 60 miljoen toeristen. En dat was vóór publicatie in de reisgids.

Vorige maand toonde de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (RLI) zich uiterst kritisch over het gebrek aan politieke sturing van toerisme. De overheid moet niet alleen kijken naar de verdiensten, maar ook oog hebben voor de schaduwkanten. Daarvoor is extra tijd en geld nodig, concludeerden de onderzoekers. Zo draagt toerisme twee keer zo veel bij aan de economie als bijvoorbeeld de landbouw, waar een heel ministerie voor is opgetuigd. Toerismebeleid ligt in handen van slechts een paar ambtenaren en daardoor ontbreekt de regie, constateerde de RLI.

De molens in Kinderdijk. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Toerisme-expert Stephen Hodes heeft het Lonely Planet-nieuws met ‘gemengde gevoelens gelezen’. Hij meent dat er maar één oplossing is om toeristenstromen beheersbaar te houden: beperking. Hodes voorziet dat Nederland anders is overgeleverd aan het commerciële massatoerisme. ‘Staatssecretaris Keijzer doet allerlei voorstellen over spreiding, maar die zullen allemaal geen effect hebben’, zegt Hodes. ‘Als het zo doorgaat loopt het op bepaalde plekken totaal uit de hand. Het enige dat helpt, is een beperking van het aantal toeristen door een grens te stellen aan hotelovernachtingen of het via Schiphol te regelen. Maar niemand heeft het lef om dat te initiëren.’

Van der Borg denkt dat een spreidingsstrategie wel kan werken. ‘Nederland heeft genoeg gebieden die extra toeristen kunnen hebben. Het is goed dat Lonely Planet alternatieve plekken noemt, zodat de druk op bekende trekpleisters afneemt’, zegt Van der Borg. ‘Toerisme wordt de belangrijkste industrie van de wereldeconomie, maar we moeten toerisme niet alleen vanuit een economisch perspectief zien.’

Symptoombestrijding

‘De politiek moet ook de culturele en sociale kant belichten. We moeten de vraag stellen hoe we dit beheersbaar houden’, aldus de hoogleraar. ‘Dat kan alleen door aandacht te hebben voor kwaliteit in plaats van kwantiteit. In Vlaanderen noemen we dat florerende bestemmingen.’ Van den Borg stipt Brugge aan als voorbeeld. Daar is een lang verblijf relatief goedkoper dan een vluchtig bezoek.

In tegenstelling tot andere steden waar gasten ‘als een razende’ door de stad worden gedirigeerd, is het in Brugge relatief duur om kort te blijven. ‘In Brugge staat niet de economie, maar de inwoner centraal. Die krijgt inspraak. Die slag moet Nederland nog maken. Vooral Amsterdam is – als het om toerisme gaat – toch vooral bezig met symptoombestrijding.’

DE MILJARDENINDUSTRIE ACHTER HET TOERISME 

Vorig jaar ontving Nederland negentien miljoen buitenlandse bezoekers uit alle werelddelen, twee keer zoveel als tien jaar geleden. Met een gezamenlijke besteding van bijna 14 miljard euro is toerisme een volwassen economische sector. Maar wie verdient er eigenlijk aan die enorme toestroom, en op welke manieren? Deze zomer dook de Volkskrant in de commerciële kant van toerisme.

Aflevering 1: Het groeiend aantal buitenlandse toeristen zorgt voor extra concurrentie onder ondernemers. De strijd om de bezoeker wordt steeds meer buiten de steden gevoerd. Dat moet ook wel: bekende trekpleisters lopen tegen de capaciteitsgrenzen.

Aflevering 2: De bezoekers van de ruim 1.100 kleine en grotere festivals in Nederland komen meer en meer uit het buitenland, terwijl de bedrijven die hier de podia bouwen en wc’s plaatsen steeds vaker de grens over gaan. En niet alleen bij vrolijke evenementen.

Aflevering 3: De miljoenen toeristen doen Amsterdam uit zijn voegen barsten, maar zijn ook een grote bron van inkomsten. Werven gewiekste ondernemers hun inkomsten op discutabele gronden? Vier verdienmodellen achter het massatoerisme in Amsterdam ontleed.

Aflevering 4: Chinese bezoekers besteden in Nederland bijna drie keer zoveel als Duitse toeristen. Geen wonder dat trekpleisters als park de Hoge Veluwe en Giethoorn het Chinezen naar de zin probeert te maken. Maar profiteert de middenstand daar eigenlijk wel van? En hoe krijg je ze eigenlijk deze kant op?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden