Interview

Teruglezen: 'Hoewel het niet willen sterven blijft, ben ik nu zover dat ik het wel accepteer'

Jeroen Willems was afgelopen september gast van het jaar op het Nederlands Film Festival. Voor die gelegenheid nodigde de Volkskrant hem uit tot een zelfanalyse in vijf stappen. Lees het stuk uit de krant van 19 september hier terug.

Willems in 2008. Beeld Joost van den Broek / de Volkskrant

'Hoezo? Waarom in godsnaam?' Het verzoek of hij gast van het jaar op het Nederlands Film Festival wilde zijn, kwam voor acteur Jeroen Willems (49) mild gezegd als een verrassing. Zo veel grote filmrollen staan er niet op zijn cv, stelde hij zelf vast. 'Het antwoord op mijn verbazing was dat ze het altijd spannend vonden wat ik deed. Dat mijn werk zo breed was: naast film ook nog muziek en theater. Dat ik internationaal zo actief was. En dat dit alles de aandacht verdiende. Ik heb er twee weken over nagedacht en kwam tot de slotsom dat ik het eigenlijk erg leuk vond. Ik heb laten weten dat ik graag de gast wilde zijn.'

Toegegeven: geen Nederlandse acteur speelt zo veel over de grens als hij, zeker sinds Willems in 2004 vertrok bij theatergroep Hollandia. Hij stond onder meer tegenover Fassbindermuze Barbara Sukowa in Quartett van Heiner Müller, een bewerking van Les Liaisons Dangereuses, en als Lucifer in de opera La Commedia van Louis Andriessen. Maar ook met de solovoorstelling Twee Stemmen trekt hij de wereld over, al meer dan vijftien jaar. Hij speelt het stuk in het Nederlands, Duits, Engels en Frans.

Als het over veelzijdigheid gaat: Willems maakte indruk toen hij Jacques Brel zong, en Monteverdi. Op de laatste Uitmarkt bracht hij songfestivalkrakers met Loes Luca en Annet Malherbe. En een nieuwe dragende filmrol is ook in aantocht, als eenzame boer in Boven is het stil, naar de roman van Gerbrand Bakker, in de regie van Nanouk Leopold. Waarin schuilt zijn kracht? Jeroen Willems reageert op observaties van de buitenwacht.

Jeroen Willems krijgt de Louis d'Or toneelprijs in 2004. Beeld ANP

Gezicht
'Geheimzinnige personages, met een haast dierlijke, ingehouden kracht; gevaarlijk, met een erotische uitstraling, dat is Willems.'
(de Volkskrant, juni 2008).

'Als ik naar mezelf in de spiegel kijk, zie ik dat niet zo. Waar is de broeierigheid dan? Ik denk eerder: wie is die meneer? Dat krijg je als je je vanbinnen nog een jongetje voelt. Op film herken ik het wel. Daar gebeurt nogal veel in dat hoofd. Het verklaart misschien dat ik nog zo weinig het gezicht van een film was. Wat ik hoor, is dat ik wel erg veel binnenwereld uitstraal. Hij is mysterieus, er is een dubbele agenda. Als ik vraag om een kopje koffie, denk je: of hij gaat me zo vermoorden, of hij wil met me naar bed. Ik slaag er kennelijk niet in om het bij dat kopje koffie te houden.'

'Ik ambieer het wel, zo'n hoofdrol. In film is dat toch het interessantst. Dan heb je nog het meest invloed op wat het product zal worden, je kunt meepraten over scenario of speelstijl. In het theater ben je er zelf tot aan het eind bij, maar een film wordt voor de helft in de montagekamer gemaakt. Als je een bijrol hebt, schik je je sneller in wat al is bedacht. Dat is doorgaans niet erg bevredigend.'

'Zo veel hoofdrollen zijn er niet geweest. Het kwam er gewoon niet van. Het werkt blijkbaar zo dat filmregisseurs een bepaald plaatje in hun hoofd hebben waarin je maar net moet passen. Ik was lang in de running voor De kleine blonde dood. Ineens werd het Antonie Kamerling. Ik begreep wel dat hij meer bankable was dan ik, maar ik zag niet dat hij de betere acteur was. De generatie na mij is meer de publiciteit gaan opzoeken. Halina Reijn en Carice van Houten wisten dat ze op die manier de concurrentie met Katja Schuurman aan moesten. Ik had geen idee hoe dat moest, bekend worden.'

'De tijd dat ik graag beroemd wilde worden, heb ik wel gehad. Dat vervaagt al op de toneelschool. Als je niet voor het spelen zelf noodzaak voelt of passie, haal je de eindstreep niet eens. Schoonheid, troost, confrontatie; daar moet het over gaan. Mijn drijfveer was vooral: ik kan dit, ik moet dit doen, dit gaat me veel brengen. Geluk is een groot woord, maar het zit daar wel ergens.'

'Er speelde meer, natuurlijk. Ik had vaak simpelweg geen tijd voor film, ik had verplichtingen met theatergezelschappen. Bovendien was het zeker in de begintijd helemaal niet vanzelfsprekend dat je een uitstapje naar de film maakte. Tv kon alleen als het heel verantwoord was. Dat is wel weg inmiddels. Ik wil best Jurassic Park gaan doen, Jurassic Park 24.'

'Nee, ik heb niks tegen Nederlandse films. Ze worden beter. Wel heb ik vaak moeite met de scenario's. Zo één op één. Ik hou van jou wordt ik hou van jou. Als je naar Britse of Amerikaanse producties kijkt, zitten er meer lagen in. Acteurs praten langs elkaar heen en hebben het toch over hetzelfde. Dat is spannender. Vaak zit er ook een team van schrijvers op een project. Nederlandse filmmakers zijn bang voor veel tekst. Dat begrijp ik niet goed. In de serie In therapie zaten hele lappen. Er stond lang een camera op het gezicht van iemand die praat. Het werkte. Het kan dus wel.'

Willems in 2007, op de foto voor Stellenbosch. Beeld ANP

Stem
'Het ene moment is die van donker fluweel, dan weer plagerig, vals spottend. Of stamelend, zoekend naar de juiste intonatie.' (de Volkskrant, maart 1999)

'Voor mij klinkt het normaal. Mijn vader had hetzelfde geluid, ik hoor het bij mijn broer. In beschrijvingen kom je sonoor tegen en lijzig, trekkend, er zit een rasp op; ik maak het soms vetter. Het is erg ABN ook. Ik ben een Limburger en dat accent moest eruit. Ich sproak echt helemol zo, hè, helemol zo. Vermoedelijk is sprake geweest van overcorrectie. Toen ik van de toneelschool kwam, dacht men dat ik uit Aerdenhout kwam. Maar het zit er nog steeds. Wanneer belt Flikken Maastricht nou eens op?'

'Het is ook wel een stem voor commercials, hoewel sommigen 'm te specifiek vinden. Het lukt niet altijd. Voor een bank moest ik zeggen: wij zijn er voor u. Het ging niet, wat ik ook probeerde. Ik geloofde gewoon niet dat die bank er voor ons was.'

'Ik zie tekst als een partituur. Er zijn schrijvers die het ook zo noteren, soms tot op de seconde. Franz Kroetz hanteert stiltes van vijf, tien en dertig seconden. Het klopt nog ook. Mensen realiseren zich vaak niet hoe belangrijk het is. Het ritme, de pauzes, de toonhoogtes, dat een zin over de punt heengaat. Je kunt een gedachte maken door net even te wachten met het volgende woord. Je kunt ermee spelen, de volgende avond kan het net weer anders zijn. Je moet in staat blijven te sturen. Daarom zal ik me ook niet onderdompelen in emoties. Die zijn er natuurlijk wel, maar de rol kruipt eerder in mij dan dat ik in de rol kruip.'

'Zingen is altijd mijn grootste passie geweest. Als kind maakte zingen me al blij. Muziek gaat direct naar de buik en het hart. Ik begrijp niet hoe zo'n abstracte kunstvorm je zo kan treffen. Een paar noten na elkaar en je gaat janken. Waarom toch? Nee, ik geloof niet dat ik een verkeerde keus heb gemaakt. Met Brel en Monteverdi ben ik toch ook zanger. Die festivalliedjes vond ik erg leuk om te doen. Puur amusement. Dat heb ik tot nu toe te weinig toegelaten.'

Ogen
'Juist van dat lege in zijn oogopslag, dat ijzig-beschouwende, gaat grote dreiging uit. (...) Slapend dynamiet.
(NRC Handelsblad, januari 2000).

'Het is nogal somber, hè? Heavy. Ik geloof inderdaad dat mijn ogen vuur kunnen spuwen. Maar ik denk dat ik er ook grappig mee kan zijn. Ik ben me er wel van bewust dat er een zekere impact is. In gezelschappen ben ik niet iemand die geanimeerd de leiding van het gesprek neemt, maar men is toch altijd wel nieuwsgierig naar wat ik ervan denk. Geregeld denk ik er helemaal niks van, ik luister slechts, maar die blik van mij is dan kennelijk nogal bepalend.'

'Ik heb wel de neiging op camera te veel te doen met mijn ogen. Je denkt vaak: zal de kijker wel registreren wat ik denk? Zie je niet dat ik zwaar lijd? Het kan altijd minder.'

Oren
'We weten niet half hoezeer we met onze oren kijken.'
(Willems bij de VPRO op Radio 1, december 2011).

'Geluid wordt onderschat. Als je een film niet goed vindt, kan dat te maken hebben met slecht geluid of een onnatuurlijk klinkende stem. Zeker als het om je eigen taal gaat, ben je kritisch. Van een andere taal ontbreekt de kennis van de natuurlijke manier van spreken. Dan accepteer je sneller het spel. Dat maakt het ook voor de Nederlandse film zo lastig.'

'Als een acteur erg op het moment wil spelen, iets wat ik altijd nastreef, is elke avond anders. Dat heeft met luisteren te maken. Naar je tegenspeler, de omgeving, het publiek. Een reactie in de zaal betekent dat je een woord net even ergens anders moet leggen. Veel hoesten is irritant. Je plaatst een woord, dat valt in een kuch, en weg is het. Ik heb een keer geprobeerd uit te leggen waarom dat zo ingewikkeld is, ik heb zelfs het applaus stilgelegd. Groene brokken waren die avond naar boven gekomen. Beste mensen, misschien realiseert u het zich niet, maar zo veel verkoudheid maakt het spelen bijna onmogelijk. Misschien moet u de volgende keer maar beter thuisblijven.'

Willems met Carice van Houten bij net Nederlands Film Festival in 2010. Beeld ANP

Geest
Gaat het niet te veel over mijn twijfels en onzekerheden? Dat heeft vaak zo de overhand in interviews.
(Willems, september 2012).

'Het is wel noodzakelijk in dit beroep. Je moet niet denken dat je overal een antwoord op hebt. Je moet durven zeggen dat je even niet weet hoe de scène moet, of de rol. Het is perfectionisme. Het kan altijd beter. Bijschaven. Opnieuw bekijken.'

'Bij mij ligt de focus bijna altijd op wat niet goed ging, zodat ik tot nu toe te weinig heb genoten van wat ik heb gedaan. Ik kan geen weken teren op een avond waarin alles klopte. Terwijl vijfhonderd mensen nagenieten, zit ik thuis al te denken: hoe leuk is het leven eigenlijk? Het probleem is dat je niet naar jezelf kunt kijken. Je kunt het idee hebben dat het geweldig ging en dan van de regisseur horen dat het een mindere avond was. Om wanhopig van te worden.'

'Er zijn perioden waarin ik het heb gehad met het vak. Je kent de fases, de impasses, de crisis als je van repetitieruimte naar grote zaal gaat. Moeten we het weer gaan hebben over de zinloosheid van het leven of de onmogelijke liefde? Ik weet het: ik roep het ook over mezelf af. Ik wil dat een stuk noodzaak heeft, dat ik iets moet vertellen. Juist nu. Maar je kunt wel eens naar iets luchtigs snakken.'

'Mijn aanleg voor een zekere zwaarmoedigheid kan me als acteur in de weg zitten, maar het is niet constant. Het speelde op toen ik Leonce und Lena van Georg Büchner speelde, over het vinden van geluk, dat je ontglipt op het moment dat je denkt dat je het hebt. Ik ben de afgelopen jaren iets te veel alleen geweest. Dat was niet goed. Alleen maar vliegtuigen, hotels en de zaal. Ik heb bewust mijn sociale leven wat meer opgepakt.'

'Ik word 50. Ouder worden heb ik wel een tijdje lastig gevonden. Zeker toen mijn relatie met Marcel (acteur Marcel Musters - red.) strandde. Hoe moest dat nou, helemaal opnieuw beginnen? Je uiterlijk verandert, fysiek kun je minder, om je heen begin je de eindigheid te ervaren. Hoewel het niet willen sterven blijft, ben ik nu zover dat ik het wel accepteer. En wat heb ik te mopperen? Ik word nog altijd veel gevraagd, voor film, tv, toneel. Het gaat hartstikke goed. Het is natuurlijk een cliché, maar het leven moet je wel genieten. Ik ben erg bezig er meer voor open te staan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden