Teruggevonden Van Goghs waren bijvangst tijdens maffia-inval

Van Goghs na veertien jaar terug

Veertien jaar lang waren ze spoorloos, ondanks uitgebreid onderzoek in binnen- en buitenland, ondanks werk van het Art Crime Team van de Amerikaanse FBI en ondanks een vindersloon van 100 duizend euro. Deze week werden ze eindelijk teruggevonden, bij toeval, in een klein huisje nabij Napels: de twee in 2002 gestolen schilderijen van Vincent van Gogh.

Alex Rüger, directeur van het Van Gogh Museum, poseert op de persconferentie in Napels met de twee teruggevonden werken van Vincent van Gogh. Beeld epa

Het gaat om Zeegezicht bij Scheveningen uit 1882 en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen uit 1884-'85. De doeken werden teruggevonden in een kluis in Castellammare di Stabia, een dorpje ten zuiden van Pompeï, niet ver van Napels. De schilderijen waren een bijvangst tijdens een inval van de Italiaanse anti-maffia-eenheid op zoek naar drugscrimineel Raffaele Imperiale.

Camorra-clan

Imperiale runt een internationaal opererende Camorra-clan gespecialiseerd in cocaïnehandel met als uitvalsbasis Scampia, een van de meest beruchte wijken van Italië en vooral bekend als decor van de populaire tv-serie Gomorra. De veertigjarige Imperiale zat tot voor kort ondergedoken in Dubai, waar hij lange tijd met zijn familie in een van de duurste hotels ter wereld woonde, het Burj al Arab, met kamerprijzen vanaf 1.500 euro per nacht. Sindsdien is hij spoorloos.

Afgelopen februari werden een aantal van zijn handlangers opgepakt, waaronder de maffioso Mario Cerrone. Cerrone besloot als spijtoptant mee te werken met justitie en leidde de politie naar een onopvallend huisje aan de kust van Castellammare di Stabia. Daar werd deze week een enorme hoeveelheid illegaal bezit gevonden, waaronder een privévliegtuig en de twee kunsthistorische schatten.

'Ze zijn terecht!'

'Ze zijn terecht! Dat ik dat ooit nog zou kunnen zeggen, daar durfde ik niet meer op te hopen', aldus Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum.

Zeegezicht bij Scheveningen (1882). Beeld Van Gogh Museum

Relatief intact

Het is vooralsnog onbekend wat die doeken precies in het bezit van Imperiale deden. Zijn bende stond volgens justitie al jaren in nauw contact met de Nederlandse onderwereld, en volgens de Italiaanse minister van Cultuur, Dario Franceschini, laat dit onderzoek zien in hoeverre 'de georganiseerde misdaad kunstwerken als investering dan wel als onderling betaalmiddel gebruikt'.

Directeur Rüger van het Van Gogh Museum spreek liever over de kunsthistorische waarde, die enorm is. Zo is Zeegezicht bij Scheveningen het enige schilderij in de collectie uit de Haagse periode van Van Gogh en heeft Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen een grote emotionele waarde. Van Gogh schilderde het in 1884 voor zijn moeder, maar voegde na de dood van zijn vader rouwende kerkgangers toe op de voorgrond.

De schilderijen werden zonder lijst teruggevonden, maar zijn verder relatief intact. Zeezicht bij Scheveningen mist zo'n tien vierkante centimeter verf in de linker onderhoek. Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen lijkt vooralsnog onbeschadigd, op wat kleine onvolmaaktheden aan de doek-randen na.

Wanneer de schilderijen precies richting Nederland komen, is vooralsnog onbekend, behalve dat dat 'heel snel' zal gebeuren, aldus minister van Cultuur Jet Bussemaker. Omdat ze onderdeel zijn van een opsporingszaak tegen de georganiseerde misdaad, fungeren ze vooralsnog als bewijsmateriaal.

Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85). Beeld Van Gogh Museum

De roof van de twee gevonden Van Goghs: hoe zat het ook alweer?

Op 7 december, vlak voor 8 uur 's ochtends worden uit het Van Gogh Museum in Amsterdam twee vroege schilderijen van Vincent van Gogh gestolen: Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/1885) en Strand bij Scheveningen (1882). De werken hebben een taxatiewaarde van 1.8 miljoen euro en zijn eigendom van de particuliere Stichting Vincent van Gogh. Die heeft ze uitgeleend aan het door het rijk gefinancierde Van Gogh Museum. De twee doeken zijn niet verzekerd - overigens geen uitzondering in de museale wereld.

Op bewakingsbeelden buiten het gebouw is te zien dat twee dieven via een ladder op het dak van het museum klimmen. Met twee mokers slaan de mannen een ruit in en kruipen naar binnen. Ze rukken de schilderijen met haken en al van de muur. Met een touw dalen ze even later met de buit weer naar beneden af. Van de diefstal zelf zijn geen beelden beschikbaar. De medewerker van de beveiligingscentrale heeft de opnameknop niet ingedrukt.

Het Van Gogh Museum looft een half jaar na de roof een beloning uit van 100 duizend euro voor de gouden tip.

Zes maanden later worden twee verdachten van de roof aangehouden: Henk B. en Octave D. Het bewijs bestaat uit de pet en de muts die bij het museum zijn gevonden, en waarin haren zijn gevonden met dna van de daders. Ook zijn in de garagebox van D. mokers gevonden die identitiek zijn aan de mokers gebruikt bij de roof: met zwart geschilderde handvatten. Beide verdachten ontkennen betrokkenheid bij de zaak.

In mei 2004 eist het Openbaar Ministerie respectievelijk zes en vijf jaar cel tegen Octavo D. en Henk B. Twee maanden later worden ze veroordeeld tot respectievelijk 4,5 en 4 jaar gevangenisstraf. Beide verdachten gaan in hoger beroep. Ze zeggen dat de diefstal door anderen in hun schoenen wordt geschoven. In hoger beroep krijgen ze 3,5 en drie jaar en twee maanden cel opgelegd. Ook moeten ze een schadevergoeding betalen aan het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, eigenaar van de schilderijen.

In maart 2010 krijgt de zaak een onverwachte nieuwe draai: volgens Giovanni Nistri, hoofd van de Italiaanse politie-eenheid die zich bezighoudt met de bescherming van cultureel erfgoed, zijn er belangrijke aanwijzingen dat leden van de Italiaanse maffia betrokken zijn bij de diefstal van de twee Van Goghs. Mogelijk hebben zij Octavo D. en Henk B. opdracht gegeven de schilderijen te stelen.

In 2002 werd er gesproken over een gezamenlijke waarde van 1.8 miljoen euro. Nu over 4 miljoen. Toelichting van de woordvoerder van het Van Gogh Museum: 'Er is inmiddels veel gespeculeerd over de waarde van de doeken. Van enkele tot tientallen miljoenen. Feit is eigenlijk dat dit een theoretisch verhaal is en blijft omdat de werken niet op de markt voor verkoop worden. Echter toentertijd is gekeken naar twee zaken: vergelijkbare werken op de commerciële markt en de verzekeringstaxatie. En dan kom je op een gezamenlijke waarde van 4 miljoen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.