Reportage

Terug naar Mississippi Hanging: de rekening

Na een ruzie met zijn witte vriendin heeft de zwarte Willie zichzelf opgehangen. Of was het moord? De civiele rechtbank oordeelt het laatste en presenteert verdachte Harold O’Bryant de rekening: 11 miljoen dollar. Is er nu gerechtigheid? Amerika-correspondent Michael Persson keert terug naar Jackson, Mississippi.

Harold O'Bryant. Beeld Rory Doyle
Harold O'Bryant.Beeld Rory Doyle

Het was maar een klein bericht in The Clarion-Ledger, de lokale krant van Jackson, de hoofdstad van Mississippi, maar het was een groot bedrag. ‘Rechter kent elf miljoen dollar toe aan familie van opgehangen man’, was de kop boven een artikel op 23 april. Ik scrolde door. Zwarte man… 21 jaar… drie jaar geleden… boom in tuin van zijn vriendin…. En daar stond zijn naam.

Willie Jones.

Dus toch.

‘Willie Jones jr., 21, werd gevonden hangend aan een boom voor het huis van zijn vriendin Alexis Rankin, ’s avonds op 8 februari 2018’, zo meldde het bericht. ‘De familie van Jones heeft Rankin, haar stiefvader en verschillende anderen aangeklaagd. De aanklacht stelt dat haar stiefvader Harold O’Bryant, met hulp van anderen, Jones heeft opgehangen ofwel niet heeft voorkomen dat Jones zichzelf van het leven beroofde. In een persbericht zegt Jill Collen Jefferson, een van de advocaten van de familie, dat rechter Winston Kidd de familie een bedrag heeft toegekend van $ 11.391.662,40.’

Het nieuws kwam als een verrassing. Twee jaar eerder had ik een verhaal geschreven over de dood van Jones, een jonge (zwarte) man die na een ruzie met zijn (witte) vriendin het huis van zijn schoonouders was ontvlucht, om twintig minuten later te eindigen aan een boom in de voortuin.

Het was O’Bryant, zijn schoonvader, die destijds 911 belde. Het politieonderzoek dat volgde rammelde aan alle kanten: de lokale rechercheurs ondervroegen behalve de familieleden geen getuigen, lieten het lichaam van Jones direct balsemen en trokken tegenstrijdige verklaringen niet na. De lokale sheriff zei dat O’Bryant aan een leugendetector was onderworpen, maar O’Bryant zelf vertelde dat die test niet was doorgegaan. De officier van justitie concludeerde wat de agenten al meteen na aankomst bij de boom hadden geconcludeerd: zelfmoord.

En dus was er nooit een rechtszaak geweest.

De advocaten van de nabestaanden hadden zich daar niet bij neergelegd. In de Verenigde Staten kunnen burgers altijd hun recht, of iets wat daarop lijkt, proberen te halen bij een civiele rechtbank. Die kan een schadevergoeding toekennen voor leed dat hun door andere burgers is aangedaan. Zie O. J. Simpson in de jaren negentig, die in een strafzaak werd vrijgesproken van de moord op zijn ex-vrouw en haar vriend, maar vervolgens wel 33,5 miljoen dollar schadevergoeding moest betalen omdat een civiele rechter hem wel schuldig achtte.

Ik wist dat de advocaten van Jones’ moeder Tammie in december een aanklacht hadden ingediend bij een civiele rechtbank in Jackson. Daarin stelden zij dat O’Bryant en zijn andere familieleden hoe dan ook schuldig waren aan de dood van Jones – of ze het nou zelf hadden gedaan, of hadden laten gebeuren. In de aanklacht gebruikten de advocaten delen van het verhaal dat ik twee jaar eerder had geschreven. Ze citeerden uit het interview dat ik met O’Bryant had gehad, waarin hij had gezegd dat hij niet zo gediend was van gemengde relaties. Zijn woorden, in het dossier: ‘Toen mijn kinderen met die zwarte kids begonnen om te gaan en er verkering mee kregen, toen was ik daartegen. Niet omdat ik racist ben maar omdat het verkeerd is, in Gods ogen. Roodborstjes en blauwborstjes maken ook geen baby’s en shit.’

Maar het was lastig geweest de zaak bij te houden. De advocaten waren, los van de delen die ze konden gebruiken, niet heel blij geweest met het artikel dat ik over Willie had geschreven. Met name Jill Jefferson, een idealistische (zwarte) burgerrechtenjurist uit Washington (ze had ook voor Obama gewerkt), die de lokale advocaat Thomas Bellinder bijstond, had woedend opgebeld toen ze de Engelse vertaling had gelezen. Omdat ik in het stuk had beschreven waar Willie vandaan kwam – Brusha, een streek waar nogal wat drugscriminaliteit plaatsvond, waarbij zijn stiefvader ook betrokken was – vond ze me een racist. Ik zou het perspectief van de witte bevolking hebben gekozen. Dat juist Willies achtergrond een rol speelde bij het gebrekkige onderzoek naar zijn dood – de autoriteiten lieten de inwoners van Brusha aan hun lot over, en als iemands leven al niet veel waard was, kon zijn dood al helemaal genegeerd worden – wilde er bij haar niet in. Ze verbrak al het contact.

En dus las ik de uitspraak in de krant. Het bericht bleek helemaal gebaseerd op een persbericht dat Jefferson kennelijk een paar dagen eerder had uitgestuurd. Er waren geen journalisten bij de rechtszaak geweest. Dat liet veel vragen onbeantwoord. Wat waren de overwegingen van de rechter geweest? Hoe had O’Bryant zich verdedigd? Waar kwam die 11 miljoen vandaan? En het belangrijkste: weten we nu, drie jaar later, eindelijk wat er op 8 februari 2018 precies was gebeurd?

Ik moest terug naar Mississippi.

Het graf van Willie Jones jr. in Scott County, Mississippi. Beeld Rory Doyle
Het graf van Willie Jones jr. in Scott County, Mississippi.Beeld Rory Doyle

Hinds County- rechtbank, Jackson, Mississippi

De rechtbank van Jackson is een gebouw van koper en graniet uit 1930, een van de standvastigste gebouwen van de stad. Op het dak boven de ingang prijkt Mozes met zijn stenen tafelen – de gerechtigheid is hier soms oudtestamentisch. Vlak onder het standbeeld, op de bovenste verdieping stond jarenlang de galg waarmee ter dood veroordeelden werden opgehangen.

Het is niet voor niets dat Jefferson de zaak tegen O’Bryant hier heeft aangespannen. In Hinds County, de stad waar O’Bryant een schuilplek heeft gevonden, en niet in Scott County, waar Willie Jones stierf. Hier is bijna 70 procent van de bevolking zwart, terwijl in Scott County de meerderheid van de inwoners wit is. Dat is niet alleen van belang voor de kleur van een eventuele jury. Ook de rechters, die op dit niveau democratisch worden gekozen, zijn daar wit en hier zwart. Winston Kidd, de rechter die de zaak van Willie Jones doet, is tevens voormalig bestuurslid van de zwarte burgerrechtenbeweging NAACP in Mississippi. Je weet nooit of dat helpt.

Via een kafkaësk gangenstelsel beland ik in het gerechtsgebouw voor de burelen van Kidd, waar zijn secretaresse met een strenge jarenvijftigbril de weg naar zijn kantoor bewaakt. Door een kier in een deur is de rechtszaal te zien: een klassiek lokaal met houten lambrisering en houten meubilair en de troon van de rechter op een verhoog. Hier heeft hij dus op 15 april rechtgesproken. Maar wat heeft hij gezegd? De rechter geeft geen commentaar, zegt de secretaresse. Ze verwijst naar de stenograaf die op die dag dienst had. Ik stuur haar een mailtje. Voor 60 dollar tikt zij het verslag van de zitting uit.

Een paar dagen later krijg ik een document van 26 kantjes over de zaak 251-20-800, Lee v. O’Bryant – een document dat, vreemd genoeg, zonder de Nederlandse belangstelling nooit zou hebben bestaan. Het is een stuk met de clichés en formules zoals we die kennen uit rechtbankdrama’s, vol met Your Honor en May I approach, maar toch doet het onwerkelijk aan. Er lijkt een rechtbankdrama te worden nagespeeld.

‘Kende u Willie Jones jr.?’, is de eerste vraag van advocaat Bellinder aan de eerste getuige. ‘Ja, dat was mijn zoon’, zegt Tammie Lee. ‘Uw zoon?’ ‘Ja, mijn zoon.’ ‘Heeft u hem zijn hele leven gekend?’

Het is een opmaat naar technische vragen, aan de moeder, over levensverwachting en gederfde inkomsten om tot een eerste tranche van de schadevergoeding te kunnen komen. ‘Dus het totale bedrag dat hij zou hebben verdiend gedurende zijn leven na zijn dood is bij benadering 391.662,40 dollar, is het niet?’

Vervolgens proberen de advocaten het verdriet te kwantificeren. Willies moeder vertelt dat zijn lach zelfs haar slechtste dag beter maakte. Willies vader noemt hem zijn sidekick, met wie hij paardreed, aan zijn truck sleutelde, ging jagen. Ook twee zussen en een broer vertellen wat hij voor hen betekende en hoe moeilijk het is dat hij er niet meer is, waarna de advocaten tot de slotsom komen dat zij naast het gederfde loon per nabestaande een miljoen dollar verlangen, plus een miljoen voor het lijden van Willie zelf, plus vijf miljoen ‘om dergelijk gedrag af te schrikken’.

‘Oké. Anders nog iets?’, vraagt rechter Kidd.

Nee, verder niets. ‘Goed’, zegt Kidd. ‘Nou, deze rechtbank heeft de zaak eerder bekeken en vandaag geluisterd naar de getuigenis om de schadevergoeding vast te stellen. De rechtbank vindt een schadevergoeding passend. Ons oordeel komt overeen met het bedrag dat is geëist door de klagers. U kunt een uitspraakvoorstel indienen…’

‘We hebben dat voorstel al klaar’, zegt Bellinder. ‘Mag ik naar voren komen?’ Dan overhandigt hij een papiertje, de Order of Final Judgment, waarop alleen het bedrag nog moet worden ingevuld, en de datum, en de handtekening van de rechter. ‘Hartelijk dank’, zegt Bellinder. ‘Mogen we nu gaan?’

Heb ik iets gemist? De uitspraak, die dus door de advocaten is opgesteld, stelt dat ‘de rechtbank de pleidooien heeft aangehoord’ en zich over ‘de volledige zaak’ heeft gebogen, en daarna tot het oordeel is gekomen dat een schadevergoeding op haar plaats is. Maar wanneer zijn die pleidooien dan aangehoord? Wanneer heeft de rechter zich over de zaak gebogen? Wat heeft O’Bryant, of zijn advocaat, toen gezegd?

Ik ga naar de griffier van de rechtbank, die het overzicht over het proces heeft, en vraag of de zaak eerder inhoudelijk is behandeld. Ik krijg een document waarop alle stappen op een rijtje staan. Een paar keer staat er iets vermeld over een default. Ik vraag aan de klerk wat dat betekent. ‘Dat betekent dat de klagers de rechtszaak automatisch winnen’, zegt zij. ‘De verdachte is nooit komen opdagen.’

Café RJ Billiards (Jackson, Mississippi)

Het is al een uur na de afgesproken tijd, maar Harold O’Bryant is er nog steeds niet. Ik had een mailtje gestuurd naar een adres dat ik nog van hem had, waarop hij geheel onverwacht had geantwoord. Nadat ik hem twee jaar geleden had gesproken, had hij nooit meer gereageerd op het artikel dat ik hem had gestuurd.

‘Hé Harold, hoe gaat het?’, had ik nu gemaild. ‘Ik vroeg me af wat je vindt van de uitspraak in de rechtszaak tegen je.’

Hij: ‘Wie is dit en hoe kom je aan mijn e-mailadres. Waar kom je vandaan.’

‘Ik ben de verslaggever die je twee jaar geleden thuis opzocht. Je schoot me bijna neer en toen hebben we een biertje gedronken en gebiljart in je garage. Jij hebt me je e-mailadres gegeven.’

‘Hé man, my bad. De dingen lopen hier een beetje uit de hand. Bel me en dan spreken we af, dan zal ik je wat vertellen.’

Hij stelt voor naar het casino in Vicksburg te gaan, maar dat is een uur rijden. We spreken af in een biljartcafé niet ver van hem vandaan. Als hij uiteindelijk komt opdagen, zegt hij: ‘Wat een rednecks hier.’

Hij gaat aan de bar gaat zitten. Hij is kleiner en wat schichtiger dan ik me herinner. ‘Ik weet niet wat the hell er met me gebeurt’, zegt hij. ‘Ik dacht dat ik ervanaf was. Dit is gestoord. De politie heeft zelf gezegd dat we niet verdacht werden. En nu… ze willen me echt veroordeeld hebben.’

Hij vertelt dat hij de dagvaarding voor de rechtszaak nooit heeft gekregen. Zo’n summons moet persoonlijk op het adres van een verdachte worden overhandigd, maar is in dit geval overhandigd aan zijn dochter Ashley die, zo zegt O’Bryant, net uit de gevangenis kwam en dacht dat de brief voor haar bestemd was (op de papieren van de griffier staat inderdaad dat de dagvaarding aan Ashley is gegeven). ‘Ze heeft hem in de prullenbak gegooid, zegt ze.’

Dus zo krijg je 11 miljoen aan je broek. ‘Waar moet ik 11 miljoen vandaan halen? Ik heb op sommige dagen niet eens 11 dollar.’

Hij heeft geen advocaat. Hij zegt dat hij vanwege covid geen pro-deo-advocaat heeft gekregen.

Net als twee jaar geleden zegt hij weer tegen me dat hij Willie ‘helemaal lens zou hebben geslagen’ als hij had geweten dat hij ruzie had gemaakt met zijn stiefdochter. ‘Dan had hij in het ziekenhuis gelegen en was ik naar de gevangenis gegaan. Maar ik wist niet wat er was gebeurd.’ Dat is een leugen. In het telefoontje naar 911 zegt hij duidelijk: ‘He beat the crap out of her, en nou hangt hij hier in de boom.’ Als ik hem dat voorleg, zegt hij: ‘Ik weet niet wat ik precies heb gezegd. Ik kan me vooral herinneren dat ik tegen die telefoniste zei dat ik Willie wilde helpen.’

Ik vraag hem of hij niet liever naar de gevangenis was gegaan, dan nu voor de rest van zijn leven een schuld te moeten afbetalen. Ze kunnen hem zijn truck en andere bezittingen afpakken, ze kunnen een kwart van zijn salaris innemen. Ze kunnen het geld bij zijn familieleden halen en je kunt aan zo’n schadevergoeding niet ontsnappen via een faillissement. ‘Ik ga nooit meer de gevangenis in. Ik zou nooit bekennen.’ Hij mijmert dat hij alles achter zich wil laten, uit de staat wil vertrekken, naar Texas of verder. Hij hoopt dat hij dan ook zijn nachtmerries kwijtraakt.

Maar hij gaat ook een nieuwe rechtszaak aanvragen, zegt hij. ‘Ik wil mezelf kunnen verdedigen. Ik wil de waarheid vertellen.’

Boven de ingang van de Hinds County rechtbank in Jackson, Mississippi, stond jarenlang de galg waarmee ter dood veroordeelden werden opgehangen. Beeld Rory Doyle
Boven de ingang van de Hinds County rechtbank in Jackson, Mississippi, stond jarenlang de galg waarmee ter dood veroordeelden werden opgehangen.Beeld Rory Doyle

Even later wordt hij gebeld. Hij steekt zijn vinger op, één momentje, zegt hij, en loopt naar buiten, een half biertje en wat gefrituurde champignons achterlatend. We zien hem niet meer terug. ‘Hey man ik moest mijn truck repareren’, sms’t hij een uur later. ‘Catch y’all next time.’

Is de zaak nu gesloten?

‘Het gaat die man duidelijk boven de pet’, zegt Chris Myatt, een advocaat uit Memphis die veel civielrechtelijke zaken heeft gedaan en die ik de zaak vorige week voorlegde. ‘Of hij nou liegt of niet, of hij het nou gedaan heeft of niet: het is belangrijk dat hij zijn zaak kan bepleiten. Iedereen verdient zijn day in court.’

Volgens hem heeft O’Bryant, als hij een motie indient om de uitspraak ‘opzij te zetten’, een goede kans om alsnog zijn verhaal te doen. ‘Hij heeft een goed excuus, die dochter die de dagvaarding heeft weggegooid’, zegt Myatt. ‘Maar dan moet hij wel de gelegenheid krijgen om uit te leggen wat er is gebeurd.’ Het probleem is, O’Bryant heeft weliswaar een verzoek om een nieuwe rechtszaak ingediend, maar middels een verkeerde motie. ‘De rechter kan zo’n motie gewoon negeren. Dan blijft zo’n verzoek voor altijd liggen.’

Ander dingetje: die 11 miljoen. ‘Er is in Mississippi een maximum van 1 miljoen dollar schadevergoeding voor dood door schuld’, zegt Myatt, ‘Het is controversieel om voor elke nabestaande een miljoen te vragen. Daar zou ik zeker tegen in beroep gaan.’ Hij zegt dat advocaten in deze zaken meestal 30 tot 40 procent van het geld krijgen. Jefferson en Bellinder geven geen commentaar op de vraag wat zij eraan overhouden.

Het is wonderlijk. Zoals het politiewerk drie jaar geleden rammelde, zo rammelt nu de rechtsgang. Natuurlijk, min keer min is plus. De kans is niet onaanzienlijk dat de Amerikanen zo naar een vorm van gerechtigheid toe rommelen. Maar wat als O'Bryant toch niets heeft gedaan?

Intussen hebben de advocaten de volgende stappen gezet. Er ligt een verzoek bij de rechter om de financiën van O’Bryant te onderzoeken, om te kijken hoe hij geplukt kan worden. En ze hebben een verzoek ingediend om O’Bryant nu strafrechtelijk te vervolgen voor moord. De opsporingsdiensten hebben gefaald, zeggen ze, dus hebben ze het onderzoek zelf maar gedaan en een patroon van racistische dreigementen en agressie opgetekend (mijn verhaal van twee jaar geleden is Exhibit 8). Het is een uitzonderlijke stap, zegt Myatt, maar ‘elke respectabele burger’ kan die in Mississippi zetten. Als de rechter het gepresenteerde dossier geloofwaardig acht, kan hij de verdachte laten arresteren.

Voor deze strafzaak hebben de advocaten zich opnieuw bij rechter Kidd gemeld. ‘Gezien het feit dat we twijfelen aan de onpartijdigheid van een jury in Scott County, en gezien de weerzin van Scott County om deze misdaad te onderzoeken, wensten wij de verdachte te laten vervolgen door deze rechtbank’, schrijft Jefferson in haar Motion for Prosecution. De al door Kidd in de civiele zaak toegekende schadevergoeding van 11 miljoen noemt ze als eerste ‘ondersteunend argument’ dat O’Bryant schuldig is.

De zitting is op 12 juli. O’Bryant weet nog van niets.

Mississippi hanging, deel 1

In het voorjaar van 2019 zocht Michael Persson, Amerika-correspondent van de Volkskrant, naar de toedracht van de dood van Willie Jones, een zwarte jongen die aan een strop in een boom was aangetroffen. Voor de uitgebreide reconstructie, destijds gepubliceerd in het weekendkatern Zaterdag onder de kop ‘Mississippi Hanging’, kreeg hij een jaar later een Tegel, de belangrijkste journalistieke prijs in Nederland. De longread is online nog steeds te lezen: volkskrant.nl/mississippi

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden