Terug naar de rampplek

De watersnood van 1953 wordt herdacht, maar ook het fameuze boek 'de ramp'. Gé Dubbelman bezocht vijftig jaar na dato de plekken die voorgangers als Eva Besnyö en Ed van der Elsken fotografeerden....

Op de eerste foto zie je hen nog nauwelijks. Op het dak van een schuurtje staat kleintjes een echtpaar te wachten op redding. Als de sloep dichterbij is gekomen, drukt de fotograaf nog eens af. We zien ze nu duidelijker. De man wijst waar het bootje moet aanleggen, de vrouw houdt zich voorzichtig vast aan de dakrand. Ze zijn gered. Maar wat zijn ze netjes. Ze zien eruit alsof ze zich nog net, voor de boot kwam, hebben verkleed. Er zit geen kreukje in hun jassen. Zij heeft een hoofddoekje omgeknoopt, hij heeft een lavallière om de hals gestrikt. Ze staan erbij of ze op de bus stonden te wachten, niet dat het water hen tot de lippen was gestegen.

Eenvoudig de ramp, zonder hoofdletters, heette het fotoboek dat hetzelfde jaar nog, 1953, in een ongekend hoge oplage werd uitgebracht ten bate van het Nationaal Rampenfonds. De titel was in rouwzwarte scheurletters afgedrukt op een vlak van rusteloos golvend water, waarin, heel nietig in die eindeloosheid van ondergelopen land, een paard en een koe tot hun knieën in het water op een puist land staan. De fotografen die eraan meewerkten bleven anoniem. Het ging toen om de ramp, om steun aan de slachtoffers, en niet om de fotografie.

Nu vijftig jaar later, in een week waarin weer en wind de ramp ook lijken te herdenken, wordt dat monument weer opgeroepen in een boek dat heen en weer gaat tussen toen en nu, de gevolgen van de ramp en de situatie vijftig jaar later. Aan het boek uit 1953 werkten de bekendste fotografen van die dagen mee, vertegenwoordigers van de Nieuwe Fotografie die in de jaren dertig was opgebloeid en hun opvolgers.

Foto's van Eva Besnyö, Henk Jonker, Aart Klein, Ad Windig, de jonge Ed van der Elsken en de Haagse fotograaf Ed van Wijk zijn nu van hun anonimiteit ontdaan. Gé Dubbelman zocht, met hun foto's in de hand, de exacte plek op waar zijn voorgangers stonden en confronteert ons nu met het beeld van toen. Het resultaat is van een intrigerende verstilling, toen en nu. Het geweld, de doodsnood en doodsstrijd, de gesel van door springtij en zuidwesterstorm opgezweept water dat door dijken brak en huizen, mensen en vee wegvaagde is nergens te zien. Het was te onverwacht gekomen om er direct bij te zijn. De rampfotografen trokken het getroffen land pas na de rampnacht in.

We zien de gevolgen van de verwoesting, het ondergelopen land, de gebroken dijken, de weggeslagen huizen en weggespoelde straten, de drenkelingen wachtend op hulp. Het is de stilte na de storm, die uit de foto's spreekt. Een stilmakende verwoesting, documentair gefotografeerd; het drama lag in wat er gebeurde, niet in hoe het werd geregistreerd. De beelden van nu zijn even verstild, dorpsbeelden van rustige straten en landschappen, in hetzelfde kader gezet als toen, die vertellen dat het leven weer is opgepakt en de tijd alle wonden heelt.

De schade is hersteld, de dijken zijn verhoogd. Vaak zie je dat oude, karakteristieke huizen zijn vervangen door nieuwbouw in een fantasieloze wederopbouwstijl, maar dat er soms ook moeite is gedaan het beeld van toen weer op te roepen in een historiserende stijl. Alle bomen en struiken verdwenen toen door de aantasting van het zilte water. Het land van nu ligt weer volop in het groen.

De tekst in het boek is van de dichter Ad Zuiderent. Hij was negen in 1953 en woonde in het getroffen 's Gravendeel in de Hoekse Waard. Hij bekeek als kind, die er middenin had gestaan, die foto's uit het nationale rampboek met extra aandacht, 'met het gevoel aan een groot gevaar te zijn ontsnapt'. 'De gedachte aan nieuw gevaar bezwerend misschien. Tegelijkertijd in stille uren turvend hoe vaak je eigen dorp in het boek stond, liefst met de naam erbij. De ernst van de ramp werd uitgedrukt in aantallen slachtoffers en in materiële schade, maar ook in aantallen foto's. Hoe meer foto's van je eigen dorp, hoe minder je later hoefde uit te leggen wat je als kind in 1953 had meegemaakt.'

Hij plaatst een kanttekening bij de rampenfotografie van toen, die documentair-humanitaire, wereldverbeterende fotografie, waar het drama soms niet werd gezocht maar alleen de esthetiek; in een dood schaap in prikkeldraad bijvoorbeeld of in een eenzaam hobbelpaard tussen wrakhout, in kinderen die spelen in een bootje op het droge of in de bijbel van de dorpskerk die in een kroonluchter was beland. Zo hoog was het water nooit gekomen, de bijbel was door de fotograaf in de kroonluchter gelegd. De herziene visie op de ramp wordt afgesloten met een zomers foto-essay van Otto Snoek van de mensen die er nu leven en wonen. Hij zocht en vond, zie je, een herwonnen geluk.

De Zeeuwse- en Zuid-Hollandse eilanden van toen hebben hun isolement verloren en zijn vastgeklonken aan het vaste land. Niet alleen de Deltawerken maar ook de ruilverkaveling heeft het landschap ingrijpend veranderd. Oude dorpen raakten hun zelfstandigheid kwijt, de middenstand is eruit weggetrokken, de jeugd zoekt zijn geluk in de grote stad. Soms zie je het direct, soms is die verandering verscholen.

In 1953 fotografeerde Henk Jonker de Molendijk in Oude Tonge. Een jongtje op laarzen loopt, een beetje bang en griezelend, door een bemodderde straat langs een paar kadavers. In het beeld van nu, van Gé Dubbelman, wordt zijn plaats ingenomen door een jongetje op rolschaatsen. Het straatbeeld van huizenwanden is vrijwel hetzelfde gebleven. Alleen is de oude winkel in rookartikelen door een nieuw pand vervangen en heeft de fietsenmaker zich omgedoopt tot Cycle Centre.

Die twee mensen van het begin, door Jonker gefotografeerd in Nieuwe Tonge, wisten zich het leven te redden, maar hun huisje haalde het niet. Er staat nu een nieuw huis, in dezelfde rooilijn als het oude. En precies op de plek waar toen ook een boom stond, werd weer een populier geplant - terug naar zijn wortels.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden