TERUG NAAR DE ESSENTIE

Knap lastig zijn ze op z’n tijd. Maar ook: hip, actueel en zelfs sexy. En dus staat dit seizoen een fikse reeks Griekse tragedies op het Nederlandse toneel....

Het was eigenlijk een grapje. Akkoord, ze zinspeelden erop in de slotacte van Tantalus, de twaalf uur durende theatermarathon over de Trojaanse oorlog waarmee De Appel pakweg vier jaar geleden hoge ogen gooide. Maar na tachtig keer Tantalus dachten regisseur Aus Greidanus en zijn acteurs echt niet aan een Odyssee, het verhaal van Odysseus zoals verteld door Homerus. Alsjeblieft, zegt de regisseur nu. Ze hadden toentertijd al twee keer zo veel gespeeld als aanvankelijk gepland. Even niet meer.

Maar het publiek nam het geintje au sérieux, het begon rond te zingen, en Greidanus kon uiteindelijk ook geen weerstand bieden aan het idee. Dus zondag gaat ie in première: Odysseus.

Negen uur theater over de lotgevallen van de Griekse strijder die tegen wil en dank heftige avonturen beleeft op weg van Troje naar zijn koninkrijk Ithaka, een tocht die onverhoopt een jaar of tien in beslag zou nemen. Greidanus, tezamen met twee van zijn vaste medewerkers, maakte de bewerking. Geen integrale Homerus, maar zes kloeke episodes uit het 24 boeken tellende epos. Het loopt nu al als een trein, met tal van uitverkochte voorstellingen.

De Grieken zijn in. In ieder geval: weer bijzonder aanwezig in dit theaterseizoen. Homerus (circa 800 - 750v. Chr.) als voorbeeld voor de tragedies – de stukken die drie eeuwen daarop door Aischylos (525-456) en later ook door Sophokles (496-405) en Euripides (480-406) bekendheid zouden gaan genieten, tot op de dag van vandaag. Actueel, nog steeds. En knap lastig op z’n tijd. Maar ook: hip. Sexy zelfs, zeggen de theatermakers.

Zo verenigden De Theatercompagnie en Toneelgroep Amsterdam zich onder regie van Theu Boermans voor de opvoering van Ajax van Sophokles; het Utrechtse Theater EA bracht Bacchanten (Euripides) en Annette Speelt heeft in Scheveningen de locatievoorstelling Trojaanse Vrouwen onder handen.

Homerus wordt ondertussen ook nauwgezet onderzocht door theatergroep Bonheur; vorig jaar zetten ze in met het eerste deel van hun Odyssee, in monoloogvorm: een tour de force van acteur Paul R. Kooij. Dit seizoen verscheen deel 2, straks wordt het met toevoeging van een viertal hoofdstukken gecompleteerd en ook in marathonvorm gebracht.

In januari zijn in theater Bonheur de zogenoemde Hotel Ithaka theatersalons, waar acteurs zullen lezen uit de Ilias in bewerking van de Italiaanse auteur Alessandro Baricco (die alle goden eruit schrapte). En momenteel speelt dit Rotterdamse gezelschap van Peter Sonneveld Medea, naar Euripides.

‘Een grotere tegenstelling dan tussen ons Odysseus-verhaal en dat van De Appel zal er vast niet zijn’, zegt Lex Bohlmeijer, dramaturg die samen met Sonneveld De Odyssee bewerkte. En inderdaad is er nogal een verschil tussen het visuele spektakel dat Greidanus wel is toevertrouwd en de verstilde, kleine poëtische opvoeringen van Bonheur.

Bij Bonheur is de metrische, gelauwerde vertaling van H.J. de Roy van Zuydewijn de basis. Greidanus en consorten maakten een veel vrijere bewerking, haalden er meer bronnen over de figuur Odysseus bij, en legden de personages zelfgeschreven teksten in de mond.

Ondanks de verschillen in benadering destilleren de makers evenwel eenzelfde soort kernthema’s. Bohlmeijer: ‘Dat van de gastvrijheid, om te beginnen, dat gold 2500 jaar geleden als een van de pijlers van de beschaving. Je openstellen voor de vreemdeling. Ik vind het mooi wanneer we er in een tijd als deze weer eens even over nadenken. Wij zetten er geen bordje bij met ‘actueel’ erop. Maar het zit er wel in.’

‘Ik ben nooit geneigd geweest in het theaterbeeld een vertaalslag te maken naar het nu’, zegt Greidanus. ‘Nooit gewerkt met gsmmetjes, of een snackbar ten tonele gevoerd als plaats van handeling. Dat is me ook wel eens kwalijk genomen: waar is het engagement, werd er gevraagd. Tja, ik zou denken dat dat in de inhoud besloten ligt – dus ook nu doe ik dat niet. Wel is het voor het eerst dat de actualiteit zich zo opdringt, met de positie van ‘de vreemdeling’. Odysseus doet zoveel plekken aan, en iedere keer krijg je net weer iets anders gekleurde verhalen van de mensen die zich verhouden tot deze ‘ander’.

Bij de Grieken vind je altijd prettig-menselijke conflicten over de verhouding tussen het individu enerzijds en de samenleving/politiek, anderzijds, zegt Theu Boermans. ‘Het zijn eigenlijk allemaal leerstukken. En ik geloof dat daar meer dan ooit behoefte aan is, in deze open samenleving zonder (religieuze) ijkpunten, in een periode waarin niemand meer weet waar ie z’n morele coördinaten vandaan moet halen.’

Boermans vond soelaas bij Ajax van Sophokles; de ‘middelste’ van de drie tragedieschrijvers. Waar de oudste, Aischylos, in taal en vorm geldt als de weerbarstigste, en Euripides, de jongste, als de meest moderne en aimabele. Boermans’ Ajax werd een heldere voorstelling die zich vooral toespitste op de kwestie van hoe het gevoel van collectieve verantwoordelijkheid zich verhoudt tot een maatschappij waarin het individu steeds meer op zichzelf gericht raakt.

De titelheld is overtuigd van de importantie van zijn inzet voor het algemeen belang. Als zijn strijdmakkers hem verraden, valt de bodem uit zijn bestaan en pleegt hij na een aantal verwikkelingen uiteindelijk zelfmoord.

‘Als je wilt reflecteren op deze samenleving – een consumptiemaatschappij waarin ieder voor zich dient te gaan, waarin elke mogelijke collectieve verantwoordelijkheid direct wordt afgeschoven op de overheid, en waar tegelijkertijd een roep om normen en waarden weerklinkt, maar waar geen religies meer floreren waaraan je die ontleent – ja, ik vond dat met Ajax het helderst verwoord.’

‘Het lijkt toch of geen theatermaker ontkomt aan de artistieke behoefte om die grote verhalen opnieuw te vertellen’, zegt Herman Altena, classicus, vertaler en in die hoedanigheid veel betrokken bij opvoeringen in den lande.

Sinds 2005 runt hij Antiek Theater Herman Altena, zijn bedrijfje is gespecialiseerd in theater van de oudheid: hij geeft onder meer lezingen en onderwijs, aan professioneel geïnteresseerden maar ook aan leken die zich graag wat meer willen verdiepen in de materie. Voor Johan Simons’ Oresteia (Aischylos) van vorig seizoen maakte hij de vertaling (waar hij een jaar over deed), hij werkte nauw samen met Paul Koek in diens muziektheatervoorstelling Smekelingen (een Grieks-Nederlandse coproductie naar Euripides) en ook Annette Speelt trad met hem in contact voor hun jongste stuk.

De Grieken zijn niet alleen in Nederland populair, zo merkt hij op. ‘Ik zit in een internationale onderzoeksgroep die kijkt naar de receptie van het antieke theater in Europa en daarbuiten, en dan blijkt dat in de jaren tachtig en negentig en ook aan het begin van dit millennium de belangstelling enorm aantrekt. Een eenduidig antwoord op het ‘waarom’ is niet te geven, maar dat maakt het ook zo fascinerend.’

‘Je kunt natuurlijk kijken naar grote maatschappelijke bewegingen; Ajax is populair geworden in de laatste tien jaar, omdat er dingen gaande zijn als Irak, Uruzgan, Bosnië. Ook Trojaanse Vrouwen zie je dan vaker opdoemen.’

Maar, zegt hij ook, daarmee is de verschijning van Medea’s en Antigones nog niet verklaard. ‘Vrijwel alle stukken draaien feitelijk om familierelaties. Daardoor komen ze dicht bij de belevingswereld van de toeschouwers te staan, hoe groot de thema’s ook zijn die erin behandeld worden. Daar gaat het publiek kennelijk ook graag in mee.’

Een ander aspect is dat de Grieken heel analytisch schrijven en dat je altijd meerdere perspectieven krijgt: twee kanten van de zaak die je heel goed kunt begrijpen. Medea is een moeder die haar kinderen vermoordt; om zich te wreken op hun vader, en omdat ze op enig moment geen andere uitweg meer ziet. Hoe verschrikkelijk ook, je kunt via Euripides heel lang met haar meegaan. Van Bacchanten kun je begrijpen dat het verhaal als een pleidooi voor bevrijding uit een dwingend sociaal patroon wordt opgevat. Altena: ‘Er zijn altijd twee kanten en je kunt er altijd iets nieuws mee doen, dat is groots aan die stukken.’

Hoe dan ook: ‘Je kunt behoorlijk komen vast te zitten in dit materiaal als je niet heel goed van te voren weet waarom je het stuk wil opvoeren. Elke beslissing moet bewust zijn. Het is niet zo dat je kunt denken: dit speelt er vandaag de dag in de maatschappij, daar plakken we een Griek op, daar zoeken we een stuk bij. Het kan dan zo maar blijken dat het zich tegen je keert, het werk laat zich niet dwingen.’

Toch hoeft dit de jongere generatie niet af te schrikken. ‘Het materiaal kan je groot maken, ook zonder dat je meteen de statuur Pierre Bokma bereikt. Het is heerlijk om hier in rond te ploegen, ook als je net begint.’

Annette Speelt, gezelschap van Michel Sluysmans en Thijs Römer met basis in het Haagse Theater aan het Spui, dwong een jaar of zes geleden bewondering af door als ‘maiden’-opvoering te kiezen voor Aischylos’ De Perzen; nu staat hun Trojaanse Vrouwen in Scheveningen op locatie. ‘We vonden het wel spannend om te beginnen met wat als een onmogelijk stuk te boek stond. Dat is ook nu met Trojaanse Vrouwen weer een beetje aan de hand: we hebben hier te maken met weinig ontwikkeling en een grote staat-van-zijn,’ zegt Sluysmans. Dat was en is met voorbedachten rade: ‘Overlevers willen we laten zien, echte mensen, geen theatraal gehuil. Heel bewust ga je dan naar de Grieken. Shakespeare is te rommelig, te plotgericht.’

‘De Grieken benoemen hun leed. Dat heeft ermee te maken dat ze altijd met maskers op speelden. De binnenwereld moest naar buiten. Als theatermaker nu moet je een list verzinnen, als de rouwende Hekabe bij herhaling zegt dat ze zich zo ellendig voelt en ze gaat dan daar ook nog eens heel hard bij huilen – ja, hallo. Dan begrijp ik het wel! Je moet dat dus anders ensceneren.’

‘Als je het goed actualiseert in vormgeving en speelstijl en je hebt een slim idee over het waarom je het wilt doen, blijken die Griekse teksten en verhalen verre van ouderwets. Denk aan Theo van Gogh! Die heeft Medea verfilmd, nou de laatste delen van die serie vond ik rete-spannnend en supersexy. Dan blijkt zo’n oude Griek in één keer hipper dan een nieuw, modern stuk met veel fuck you’s en een DJ.’

Tarkan Köroglu van Theater EA situeerde zijn Bacchanten in een Griekse taveerne, waarbij het publiek aan tafeltjes wijn en hapjes kon genieten. Op speelse wijze vervlocht hij het aloude verhaal met dat van de (Griekse) immigrant die in een nieuw land een leven en een nering probeert op te bouwen. Tegelijk zien we de het verhaal van de (rationele) koning Pentheus die zich bedreigd voelt door de opkomst van een religieuze stroming rond de god Dionysos (Bacchus). Voor Tarkan Köroglu als theatermaker dé manier, zo zegt hij, om zijn ‘eeuwige zoektocht naar de balans’ tussen de gevestigde maatschappij en de drijfveren van het individu te verbeelden. Plus, op microniveau: het evenwicht tussen de koele rationele kant van de mens en zijn meer door duistere krachten gedreven irrationele kant. Hoofd versus hart, idealisme versus hedonisme. Via Euripides.’

Het is een curve, eens in de zoveel tijd komen de Grieken uit de kast rollen, zegt Boermans. ‘Ze zijn natuurlijk ook een beetje het fundament van onze toneelbibliotheek, letterlijk. Daarvóór heb je alleen een aantal mythische verhalen. Nou ja, de fundamenten van je huis moet je altijd goed onderhouden, anders stort het in.

‘Nu is het zo dat in het buitenland, in een echte repertoire-theatercultuur, de Grieken met regelmaat worden opgevoerd. Neem het reguliere programma van de stadtheaters in Duitsland, daar zal het een behoorlijk percentage zijn – ook omdat het gewoon bij je ‘bürgerliche Bildung’ hoort. Dat hebben wij niet en dan krijg je dat soort schichtige reflexbewegingen zoals die hier te zien zijn.’

Toch is Ajax ook pas zijn eerste echte Griek. ‘Ja. Voor mij is het een langzaam terugwandelen naar de essentie.’

Greidanus: ‘In deze zapmaatschappij is daar kennelijk behoefte aan. Mensen willen ondergedompeld worden in het theater, in een roes te geraken. Achteraf merk ik dat ze een gevoel hebben van: zo, die berg hebben we beklommen, samen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.