Terschelling

De boot meert af in de haven van West-Terschelling. Zal hij aan boord zijn? Passagiers stromen de loopplank af. Dan zie ik mijn vader, als één van de laatsten....

JAN VAN KESSEL

'Heb je een goeie reis gehad?', vraag ik.

'Misschien had ik beter met de bus naar Harlingen kunnen gaan. 't Was een roteind met de trein. Eerst naar Amsterdam. Overstappen. Toen naar Leeuwarden.'

Ik onderbreek hem. 'Dan had je niet kunnen roken.'

Hij mompelt.

'Het is fijn dat je er bent. Zullen we gaan? Je fiets staat al klaar.'

We stappen op de fiets en rijden naar mijn vakantiehuisje in Hoorn.

'Misschien neem ik op de terugweg de bus', zegt hij.

Ik antwoord niet. Ik kijk naar hem. Een gele gloed zit er in zijn grijze haar. De mee-eter in zijn gezicht heeft hij nog steeds niet laten verwijderen.

'Even wachten', zegt mijn vader. Hij zet de fiets tegen een boom en gaat plassen.

'En een sigaretje', denk ik.

Hij doet zijn gulp dicht en tast in zijn broekzak. Zijn handen trillen als hij een sigaret opsteekt.

'Vind je het hier mooi?'

'Ach, het is hier niks anders dan bij ons in de duinen.'

Ik slik even. 'Je bent er zo toch even lekker uit.'

'Weet je, die knie speelt zo op. Ik kan bijna niet trappen.'

'We zijn er zo, pa.'

In het huisje schenk ik hem een borreltje in. Hij heeft zojuist de gehele woning geïnspecteerd en die betiteld als 'niet onaangenaam'.

We eten, we drinken koffie en gaan, op voorspraak van mij, naar Hessel.

'Wat een herrie hier. Je kunt je niet eens verstaanbaar maken', moppert hij. Zes borrels later gaan we naar huis. Hij schommelt een beetje. Ik ondersteun hem.

'Hoe is het met je knie?'

'Het lijkt wel of het iets beter gaat. Maar morgen kan het weer helemaal niks zijn.'

De volgende ochtend stappen we op de fiets. We zetten koers richting West-Terschelling, dwars door de duinen.

'Even wachten. Even een plas doen.'

Daarna steekt hij een sigaret op.

'Hoe vond je het bij Hessel?'

'Och, niet ongezellig. 't Was ook best een leuke kerel, die Hessel.'

We fietsen verder door.

'Jahoeoe', brult mijn vader.

Hij komt weer terug op het pad.

'Het is lekker weer om te fietsen, vind je niet?'

Ik knik.

Jan van Kessel, Deventer

In NL schrijven lezers over hun huiselijk leven. Dit is aflevering 215. Bijdragen aan de reeks, tussen de 450 en 500 woorden lang, zijn welkom. Ze kunnen, mits voorzien van naam en woonplaats, worden gestuurd naar: Redactie de Voorkant, de Volkskrant, Postbus 1002, 1000 BA Amsterdam.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden