Terrorist wordt hoogleraar

In december 1883 werd in St.-Petersburg Georgij Porfirivitsj Sudeikin vermoord, een betrekkelijk jeugdige hooggeplaatste officier, die carrière gemaakt had bij de geheime dienst....

Het meedogenloze regime van de tsaar kraakte in al zijn voegen en de maatschappelijke weerstand tegen onderdrukking en gerechtelijke willekeur had het stadium van het terrorisme bereikt. Twee jaar eerder was tsaar Alexander II vermoord, her en der werden hoge functionarissen omgelegd en Alexander III en veel van zijn ministers vreesden voor hun leven.

De belangrijkste terroristische organisatie was 'De Volkswil', een voornamelijk door beroepsrevolutionairen, studenten en luchtfietsers bemande verzameling cellen, die onder aanvoering stond van een 'Centraal Comité'. Voortdurend op en neer reizend tussen de belangrijkste steden van het Russische ballingendom, Parijs en Zürich, en de grote steden van Rusland, Moskou, Petersburg, Kiev en Odessa, probeerden de oproerkraaiers aanhang te winnen en verwarring te stichten.

Dat is hun tamelijk goed gelukt, toen en tot diep in de toekomst: het meeste terrorisme moet het hebben van diepe geheimzinnigheid tot op het moment van de terreurdaad. De problemen waar de politie toen voor stond zijn vergelijkbaar met die waar de historicus ruim een eeuw later mee wordt geconfronteerd. Sudeikin echter was een begaafd intrigant en een meesterlijk speler op meer dan één bord tegelijk. Hij infiltreerde zo diep in de revolutionaire beweging dat er op een gegeven moment meer dubbelspionnen of in drievoudige collaboratie betrokken agenten en bommengooiers waren dan eenduidig betrokkenen.

Eén hunner was Sergej Degajev, in die decembermaand de feitelijke moordenaar van Sudeikin. De heren waren bevriend geraakt nadat Degajev in zijn jeugdig en ijdel revolutionair idealisme was stukgelopen op de hermetische organisatie van 'De Volkswil'. Degajev hielp Sudeikin, Sudeikin Degajev, maar op een gegeven moment wilde de revolutionaire leiding bloed zien.

Dat heeft, mede door Degajevs zenuwachtigheid en slordigheid, rijkelijk gevloeid. Degajev moest vluchten en leidde enkele jaren een schimmig bestaan in West-Europa. Wie het boek leest dat de eminente kenner van de Russische geschiedenis Richard Pipes - hij was hoogleraar aan Harvard University - over de affaire schreef, moet onwillekeurig aan Joseph Conrads The Secret Agent denken. Die sfeer, die chaos, die gekte bepalen de toon.

Begin 20ste eeuw duikt Degajev op in South Dakota, als de beminnelijke hoogleraar wiskunde Alexander Pell. Pipes heeft met grote kennis en vindingrijkheid gepoogd de leemtes in zijn biografie te vullen, het oude en het nieuwe leven met elkaar te verbinden, en geeft een indringend beeld van de drijfveren van een vroege vorm van terrorisme.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden