Teevendeal: waarom zet de Kamer niet door?

Het rapport-Oosting laat cruciale vragen onbeantwoord omdat de hoofdrolspelers er niets meer over wisten of er niets meer over kwijt wilden. Tijd voor een openbaar verhoor onder ede?

Beeld anp

Het witgekafte rapport van de commissie-Oosting ligt sinds deze week prominent op tal van bureaus in de Tweede Kamer. 'Nader onderzoek', staat er in paarse letters op het 303 pagina's dikke verslag vol nieuwe details en getuigenissen. Aan de omvang ligt het niet - het eerste rapport was ook al 432 bladzijden dik -, maar op het Binnenhof blijft de twijfel voelbaar. Is nu de onderste steen boven? Niet voor niets dienden partijen vrijdag nog 145 vragen in over het onderzoek.

'Veel bomen, weinig bos', verzucht één ingewijde, die net als veel andere bronnen anoniem wil blijven. Op het Binnenhof bestaat grote terughoudendheid om de commissie-Oosting publiekelijk te bekritiseren. 'Oosting is toch een man van statuur', valt er te horen. En: 'We hebben zelf om zo'n onafhankelijke commissie gevraagd. Dan kun je niet achteraf gaan zeuren.'

Het is onderdeel van de Haagse mores: de conclusies van een onafhankelijke onderzoekscommissie moeten geaccepteerd worden. Toen premier Mark Rutte bij het eerste rapport-Oosting vraagtekens zette bij de kritiek op de Teevendeal, moest hij onder druk van de oppositie razendsnel terugkrabbelen. Het kabinet nam uiteindelijk alle conclusies over, al was het tandenknarsend.

'Geen doofpot'

Nu zijn de rollen omgedraaid. Regeringspartij VVD - die nagenoeg alle hoofdrolspelers in de affaire leverde - is opgelucht dat Oosting 'geen doofpot' heeft geconstateerd. 'Dat hebben ze daar in chocoladeletters op de muren gespijkerd', zegt D66-leider Alexander Pechtold.

Het ongemak zit dit keer bij de oppositie. Oosting heeft het D-woord taboe verklaard, maar niet iedereen kan dat begrijpen. Bij de SP hebben ze de Dikke van Dale erbij gepakt. 'Bij het woord doofpot staat: 'Zorgen dat er geen ruchtbaarheid aan gegeven wordt', zegt SP-Kamerlid Michiel van Nispen. 'Ik ga niet met Oosting in discussie, maar hij hanteert gewoon een andere definitie dan ik. Voor mij is deze zaak wel een doofpot.'

Ook Pechtold neigt naar die conclusies. 'De secretaris-generaal van het ministerie wist dat de locatie van het bonnetje gevonden was, terwijl de minister even daarvoor in een Kamerbrief het tegenoverstelde had beweerd. En dan moet ik geloven dat zoiets niet ergens en marge besproken is? Come on!'

Tekst gaat verder onder het beeld.

Beeld De Volkskrant

De D66-leider is ook de enige die openlijk hint op nóg een nader onderzoek, na het nader onderzoek van Oosting: een mini-parlementaire enquête waarbij de hoofdrolspelers onder ede worden verhoord in de Tweede Kamer.

De logica van zo'n middel zien andere partijen ook wel. Te vaak hebben de hoofdrolspelers in de affaire op cruciale momenten geen actie ondernomen om het bonnetje te vinden. Het meest in het oog springend is topambtenaar Pieter Cloo, die zich niet meer kan herinneren dat hij informatie kreeg over de vindplaats van het bonnetje. En waarom liet ambtenaar Coen Hogendoorn, die op eigen houtje de locatie had gevonden, plotseling al zijn bemoeienissen met de zaak varen?

Zo zijn er meer kwesties. Zo belde Gerard Roes, de tweede man op het departement, op 20 maart 2015 met Hogendoorn. Of het klopte dat die de vindplaats van het bonnetje al eerder kende en Cloo daarover had ingelicht? Ook de derde ambtenaar van het departement, Nicole Stolk, was daarbij aanwezig. Toch sprak niemand over deze episode toen de eerste commissie-Oosting een onderzoek begon naar de zaak. Roes zegt dat hij het gesprek was 'vergeten'.

'Op de man gespeeld'

Een publiekelijk verhoor onder ede, met televisiecamera's erbij, kan mogelijk nieuwe inzichten opleveren. Maar bij veel partijen bestaat er toch grote twijfel. Is zo'n confronterende aanpak fair? Bij een parlementaire mini-enquête komen ambtenaren in het verdachtenbankje te zitten, terwijl uiteindelijk de politici verantwoordelijk zijn. Ex-topambtenaar Cloo heeft zich al beklaagd dat de commissie 'op de man' heeft gespeeld. In de Tweede Kamer leeft dat sentiment ook. Hadden al die betrokken ambtenaren wel met naam en toenaam in het rapport gemoeten?

De meeste partijen willen nu dan ook de pijlen richten op de politieke leiding. Waarom schreef toenmalig Kamerlid Ard van der Steur, inmiddels de verantwoordelijk minister, zo uitvoerig mee aan de brieven van zijn voorganger Ivo Opstelten? Waarom staat er in het rapport dat ook het ministerie van premier Rutte betrokken was bij het tegenhouden van een onafhankelijke onderzoek?

'Ik wil niet in debat met ambtenaren, maar met de verantwoordelijke bewindspersonen', zegt SP'er Van Nispen, die daarmee een sentiment verwoordt dat breder leeft. 'De VVD heeft een sfeer op dat departement geschapen waarin dit kon gebeuren, niet de ambtenaren.'

Ambtenaren-verhoren onder ede zijn daarmee ver weg. Tenzij er dinsdag in de hoorzitting met de commissie-Oosting, of de week daarna in het debat met Van der Steur en Rutte, vreemde dingen gebeuren. 'En wie weet komt Nieuwsuur nog wel met iets nieuws', zeggen meerdere politici onafhankelijk van elkaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden