Technisch de beste, nu nog de kracht

WK BMX

Als laatst overgebleven Nederlander kon Laura Smulders zondag in Ahoy de eer voor het thuisland redden. Goud was binnen handbereik, het werd brons.

ROTTERDAM - Een buitenlandse concurrent van haar springt veelvuldig omhoog. Een andere BMX'er slaat zichzelf op de benen, maar Laura Smulders blijft tijdens het wachten voor de WK-finale onverstoorbaar zitten op het zadel van haar fiets. Aan het stuur bungelt een donkere bril. Haar benen heeft ze nonchalant uitgestrekt naar voren. Een en al ontspanning, denkt de buitenstaander, maar ondertussen.


Het geeft een raar gevoel dat al haar ploeggenoten al na de achtste finale uit het toernooi liggen. Eén blik op de gezichten in de atletenruimte en ze wist genoeg. Nu is het aan haar, de Europees kampioene en de winnares van het brons op de Olympische Spelen in Londen. Bovendien is ze degene die op zaterdag wereldkampioene werd op de tijdrit, het niet-olympische onderdeel van BMX. Dat geeft vertrouwen. Het zegt dat ze het snelste rondje kan rijden van het veld. Maar zij weet ook dat het alleen in de baan anders is dan met acht tegelijk.


De kleine, blauwe ogen van Smulders dwalen langs het publiek op de hoge tribunes in Ahoy, de arena waar een tijdelijke BMX-baan ligt. Over de vlaggen van verschillende nationaliteiten, langs de oranje kledij van het thuispubliek. Ze ziet haar familie, ze kijkt naar haar vrienden. Dan gaat haar blik weer recht vooruit. Kijken naar het niets. Visualiseren van de race.


Straks komt die start, waar ze de laatste weken zo vaak op heeft getraind. Juist die start is het moeilijkste van de hele race. Zij weet, net als iedereen: wie als eerste bij de eerste bocht is, heeft de beste papieren voor de zege. De koploper bepaalt de lijnen die men fietst, hoe de bochten worden aangesneden.


De vrouwen worden geroepen, Smulders gaat staan. Ze zet haar fiets tegen het starthek. De derde positie is voor haar. Opeenvolgende piepjes galmen door Ahoy; de aankondiging voor het startsignaal. Sommige finalisten houden hun ogen dicht en luisteren geconcentreerd, Smulders niet. Zij kijkt strak naar het stoplicht, zoals altijd.


Groen. Het starthek klapt omlaag, de zwaartekracht doet haar werk. Smulders schiet naar beneden, de 8 meter hoge heuvel af. De eerste trappen zijn het zwaarst. Letterlijk en figuurlijk. Het op gang komen vraagt kracht, maar kracht komt met de trainingsjaren. En Smulders is nog jong, 20, jonger dan haar belangrijkste concurrenten. Het zijn die eerste trappen die ze vreest.


Als het gaat om technische vaardigheden is Smulders een van de besten van de wereld, vindt bondscoach Bas de Bever. 'Zo niet de beste.' Ze is snel in het springen, beschikt over de juiste timing en haalt als een van de weinigen snelheid uit de landing. Hoe? Door haar fiets naar beneden te duwen zodra ze de grond raakt. Veel van haar concurrenten doen op hetzelfde moment niets. Maar ja, die start.


In onnavolgbaar tempo malen haar trappers om de kleine as van haar fiets. Het eerste deel gaat in bijna 60 kilometer per uur. Iemand snijdt haar af, ze moet inhouden. Naast haar gaat het sneller. Zeven vrouwen voor haar na de eerste bult, dat was niet de bedoeling. Ze springt door de lucht. Een paar meter verder zijn het er nog vijf. Scheldwoorden vliegen door haar hoofd als ze de bocht ingaat.

Ellebogen

Smulders is niet zo'n vechter. Ellebogen uitsteken in een poging de concurrentie achter te houden: iedereen doet het, zij houdt er niet van. Liever rijdt ze voorop, wint ze op techniek. Ze houdt van doorpakken, traint graag. Op Papendal fietst ze regelmatig tussen de mannen van de nationale selectie, ze leert van het snelle werk tussen de macho's uit het team van De Bever.


Ze woont nog thuis in het Gelderse Horssen. Bij haar ouders is het goedkoper, het is makkelijker en ze woont niet ver bij Papendal vandaan. Fietsen is haar werk. Haar vwo-diploma haalde ze in 2011, bijna een jaar geleden begon ze aan een hbo-opleiding. Na acht weken wist ze dat zij niet een van die topsporters is die een studie commerciële economie combineren met twee dagelijkse trainingen. Dan maar niet.


De Bever roemt haar vermogen om het overzicht te houden tijdens een wedstrijd. Binnensmonds schelden en rust bewaren gaan samen, bewijst Smulders. Ze speurt naar mogelijkheden, stuurt over het stukje klinkers in de eerste bocht en ziet een gat.


'Typisch Laura', zal De Bever later zeggen als hij terugblikt op de wijze waarop ze haar fiets langs haar concurrenten stuurt op het gedeelte van het parcours waar de kaarten doorgaans al zijn geschud. Smulders passeert er twee. 'Was het parcours maar langer', zegt Smulders later. Wellicht had haar medaille dan een andere kleur. Nu is het brons. Maar, bedenkt ze: ik ging voor het podium, ik ben meer dan tevreden. Daarnaast weet ze dat kracht met de jaren komt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.