Te kleine grote steden moeten samenwerken

In de mondiale competitie tussen metropolen moet de Randstad een aantrekkelijk en slim sleutelgebied zijn, vinden Thom de Graaf en Peter Teunisse....

De grote steden kampen wereldwijd met min of meer dezelfdesoort maatschappelijke opgaven. Veiligheid in de buurt, duurzamewerkgelegenheid, bereikbaarheid en sociale cohesie tussen(etnische) bevolkingsgroepen staan in vrijwel elke grote stadbovenaan de publieke agenda.

Iedere stad kent uiteraard zijn eigen identiteit en cultureledimensie. Problemen in de ene wereldstad slaan daarom niet zomaarover op de andere. Autobranden in de Parijse voorsteden hebbenniet dezelfde achtergrond als onrust in de Diamantbuurt vanAmsterdam. Oplossingen die het hier goed doen, hoeven elders nogniet succesvol te zijn.

Maar wereldsteden kunnen wel heel veel van elkaar leren. InWest-Europa woont al meer dan 60 procent van de bevolking in desteden. In de rest van de wereld zal dat binnen enkele decenniaook het geval zijn. Het welzijn en de welvaart van de grotesteden en stedelijke agglomeraties domineren dus in toenemendemate onze toekomst.

Uit het recente onderzoek Cities of the future vanPricewaterhouseCoopers (PwC) naar 44 grote steden over de gehelewereld, blijkt dat Nederlandse steden als Amsterdam en Den Haagredelijk scoren in vergelijking met bijvoorbeeld Madrid,Johannesburg, Oslo of Montreal. Toch kan het op veel punten nogaanmerkelijk beter. Daarvoor is intensieve samenwerking tussende grote steden in de Randstad noodzakelijk.

Het onderzoek laat zien dat de steden wereldwijd met elkaarin competitie zijn. Het succesvol aantrekken van hoog opgeleidemensen, creatieve bedrijvigheid en kapitaalkrachtigeinvesteerders kan doorslaggevend zijn in deze concurrentieslag.Het onderscheidende vermogen van steden worden mede bepaald doorhet binnen de stadsgrenzen halen van aansprekende sportieve enculturele instellingen en manifestaties (zie ook Forum, 9januari, red.).

Minstens zo belangrijk is de aanwezigheid van modernekennisinstituten met internationale verbindingen. Het gaat desteden natuurlijk niet om de race op zich, maar om de economischebasis voor de aanpak van maatschappelijke problemen en deontwikkeling van een gezonde sociale dynamiek.

Hoe aantrekkelijker de steden ogen en hoe beter zij in staatzijn kennis, creativiteit en intelligentie aan zich te binden,des te groter is hun economische overlevingskans. Wereldwijd isde strategie van steden er daarom op gericht zich te ontwikkelentot wat wel intelligent city wordt genoemd: de sleutelplaatsenin de kenniseconomie die optimaal de aanwezige kennis ontsluitenen benutten.

Dat is niet alleen in het belang van de succesvolle bovenlaag,maar juist ook van die inwoners die afhankelijk zijn van extraondersteuning en extra kansen. Voor Nederland vallen uit dezeinternationale vergelijking een paar lessen te trekken.Nederlandse 'grote steden' zijn in werkelijkheid niet zo groot.Op hun eentje dreigen zelfs onze grootste steden weg te vallenin de internationale concurrentie.

Op zichzelf hebben Rotterdam, Den Haag en Amsterdam sterkeidentiteiten: de havenstad, de internationale vergaderplaats vanrecht en vrede en de hoofdstad van cultuur en financiën. Hetmerk IAmsterdam doet het bijvoorbeeld goed in het buitenland: hetstaat voor eigenzinnigheid, individualiteit en beleving.

Maar op wereld- en zelfs op Europees niveau is de uitstralingen de reikwijdte van de individuele steden te gering om iedervoor zich mee te spelen in de competitie van de grote metropolen.

De schaalgrootte dwingt tot samenwerking en tot eengemeenschappelijke visie op de toekomst van de Randstad. Dekracht van dit grootstedelijke gebied zit juist in de uniekediversiteit op een betrekkelijk klein en overzichtelijkoppervlak. Van die kracht moet internationaal gebruik wordengemaakt door gezamenlijke acquisitie en 'branding'.

Nationaal zullen de bestuurlijke structuren moeten wordenaangepast om dit grootstedelijke gebied goed te kunnen besturenen als krachtige regio in Europa te opereren. De belangrijkstebestuurders hebben dit onderkend en hebben als Holland Acht dehanden ineen geslagen (Forum, 8 december, red.). Het is te hopendat dit initiatief niet wordt gesmoord in bestuurlijkconservatisme of politieke aarzelingen, want er is alleaanleiding om de slagvaardigheid te vergroten.

Ondertussen kunnen de belangrijkste steden in de Randstadalvast hun bijna natuurlijke wedijver vervangen doorgemeenschappelijke strategieën en een nog betere uitwisselingvan ervaringen, beleidssuccessen en inzichten. De onderlingeconcurrentie kost nu behoorlijk wat energie en iscontraproductief voor gezamenlijke inspanningen om attractief tezijn als deltametropool.

Uit de internationale studie van PwC valt ook af te leiden datde rol van de stadsbesturen steeds meer verschuift van dirigerennaar regisseren en faciliteren. De belangrijkste taak van delokale overheid is niet de verwezenlijking van almaar wisselendepolitieke agenda's, maar het optimaal stimuleren van de potentievan de inwoners, de bedrijven, de kennisinstituten en hunonderlinge verbindingen.

Stedelijk bestuur wordt steeds meer het vinden en benutten vanslimme coalities, met burgers en buurtverenigingen, met bedrijvenen maatschappelijke instellingen, met andere overheden. Diecoalities kunnen soms de vorm krijgen van innovatievepubliek-private samenwerking.

Voor de steden in de Randstad is er kortom een prachtigesociaal-economische toekomst als zij gezamenlijk nieuweperspectieven opstellen en daarbij niet gedwarsboomd worden doorachterhaalde structuren en competitiedrift.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden