Tartt, de verbeelding

De nieuwe roman van Donna Tartt, Het puttertje, speelt zich deels af in Amsterdam. De Amerikaanse noemt de stad een tikje duister. Nederland kreeg de wereldpremière.




Geen toeval, zegt Donna Tartt (49), hartelijk en zonder aarzelen, dat Het puttertje begint in Amsterdam en dat een cruciale episode uit haar derde roman zich in deze stad afspeelt. De frêle Amerikaanse kwam hier in maart 1993 voor het eerst, toen de vertaling van haar debuut The Secret History werd gepresenteerd. 'Op geen andere plaats in de wereld zou ik nu willen zijn', sprak ze eergisteren met nadruk in een volle Rabozaal van de Stadsschouwburg, en ze herhaalt dat een dag later bij het nagesprek in het Ambassade Hotel; dezelfde plek waar ze Theo Decker, de protagonist van haar nieuwe roman, heeft ondergebracht. Tartt is hier vanwege de lancering van Het puttertje, genoemd naar het beroemde schilderijtje van Carel Fabritius (1622-1654). Een wereldpremière, over een maand zal de Engelstalige editie verschijnen.


Ze beschrijft Amsterdam met een zekere lust als oude stad, mysterieus en een tikje duister. Tartt: 'Vanaf de eerste keer dat ik hier kwam, hield ik van Amsterdam. Met de gedeelten van mijn boek die in deze stad spelen, begon ik al twintig jaar geleden, in aantekenboeken. Dingen die ik op straat zag. Mijn boeken ontstaan vanuit een stemming, meer dan vanuit een verhaal. Voordat ik aan het verhaal van The Secret History begon, maakte ik aantekeningen over een winterse stemming: naar school gaan in de kou, wollen wanten dragen, kale bomen. Eerst doemde een spookachtig landschap voor me op. Daarna kwam het verhaal.


'Suspense is vaak een kwestie van sfeer: in de spannendste verhalen van Raymond Chandler en de films van Hitchcock zitten lange scènes waarin nauwelijks iets gebeurt. Niets heftigs. Dáár wordt de stemming opgeroepen. Dat wordt wel eens over het hoofd gezien door lezers die denken dat de actie het belangrijkst is.


'Voorafgaand aan het verhaal van The Little Friend schreef ik over het gevoel dat mijn jeugd in Mississippi opriep. Net zo wist ik al lang dat ik iets met Amsterdam zou willen. De gevoelens van Theo Decker, de hoofdpersoon van The Goldfinch, als hij voor het eerst in Amsterdam is, stammen rechtstreeks uit mijn aantekeningen van 1993.


'Jij gebruikte het woord lust. Klopt. Want ik miste Amsterdam toen ik er over schreef en verlangde ernaar terug. Op mij kwam de stad over als prachtig en gecultiveerd. En de duistere kant is ook in The Goldfinch terechtgekomen.'


Is de naam van de Amerikaanse hoofdpersoon, Theo Decker, ook een Hollandse invloed? 'Dat is een toevalligheid. Toen Carel Fabritius, de schilder van Het puttertje, in 1654 stierf door een explosie van het kruithuis in Delft, was hij bezig met het portret van de koster van de Oude Kerk. Diens naam was Simon Decker. Dat ontdekte ik toen al twee jaar bezig was met het boek, en met Theo Decker.


'De voornaam van mijn verteller is een bescheiden verwijzing naar Van Goghs broer. Toen ik ontdekte dat die achternaam met Fabritius verbonden kon worden, wilde ik die eerst veranderen. Later dacht ik: met zo'n coïncidentie zeggen de muzen je dat je op de goede weg bent.'


Zoals die muzen de gespiegelde initialen hebben goedgekeurd: TD (van Theo Decker) en DT (van Donna Tartt). 'Ook niet opzettelijk! Laten we zeggen dat ik een actief onderbewuste heb.'


Wél opzettelijk lijkt de beschrijving van de Overtoom, de lange weg die het centrum uit leidt. In Het puttertje zitten misdadigers van divers allooi elkaar op de Overtoom achterna: 'een rechte, desolate straat met weinig verkeer en straatlantaarns verder uit elkaar, waar het houvast dat de bruisende binnenstad gaf (...) plaats had gemaakt voor een vertrouwdere grotestadstreurnis: FOTOCADEAU, SLEUTELKLUIS, borden in Arabisch schrift, SHOARMA, TANDOORI KEBAB, gesloten hekken, alles dicht.'


Tartt: 'Het is het contrast. De Overtoom koos ik, omdat je daar buiten de oude toverachtige stad bent. Misschien was de Overtoom zo geschikt omdat het die straat aan karakteristieks ontbreekt. Jaren geleden heb ik een keer in de kersttijd foto's gemaakt van de Overtoom. Die zijn onheilspellend: regen, dooi, schel verlichte etalages, de stedelijke troosteloosheid die je niet met Amsterdam associeert. Maar geen kwaad woord over de Overtoom, hoor. Het was mijn indruk toen. En later kon ik die straat gebruiken.'


Zoals ze ook sommige Hollandse woorden kon gebruiken, die er aanstonds in de Engelse editie exotisch bij zullen staan. Neem dagsoep. 'Ja. Nu weet ik wat het betekent. De eerste keer dat ik dat woord zag, was het Chinees voor mij.'


Draadjesvlees. 'Wat dat is, weet ik nog steeds niet.'


Zuurkoolstamppot. 'Nooit gegeten. Ik ben vegetariër, en ik vermoed dat die gerechten niet vegetarisch zijn. Klopt dat?'


Het schrijven aan Het puttertje nam tien jaar in beslag. De tijd die ze steevast nodig heeft voor een boek. Waaruit bestaat zo'n periode? Tartt: 'Schrijven doe ik elke dag. Het voordeel van zo lang aan één boek werken, is dat je al die tijd met je personages optrekt en ze echt leert kennen. Research kost ook tijd- ik ben in Amsterdam geweest en in Las Vegas en in The New York Public Library. Het was een mooi excuus om veel te kunnen lezen over Hollandse schilderkunst en over meubels restaureren.'


De derde roman is met 925 pagina's dikker dan de eerste twee. De verborgen geschiedenis telt 621 pagina's, De kleine vriend 650. Tartt: 'Omdat ik met de hand schrijf, overzie ik niet wat de omvang gaat worden. De stapel aantekenboeken voor The Goldfinch was ongeveer een meter hoog. Schrijven is bij mij werken op de vierkante centimeter, van detail naar detail. Pas deze week zie ik het boek als object, en constateer: inderdaad, het is dikker.'


Een belangrijker verschil: waar in Tartts eerste twee romans het ene kwaad het andere uithaalt, kun je erover twisten of er in The Goldfinch van kwaad sprake is. Theo Decker komt onrechtmatig in het bezit van Het puttertje. Maar dat was het favoriete schilderij van zijn overleden moeder.


Tartt: 'Is het dan nog een misdaad, bedoel je? Het blijft kunstroof natuurlijk. Maar het is waar, deze jongen heeft geen kwaad in de zin en hij is ook niet op geld uit. Liefde is zijn motief.


'Ik kan zijn moeders lofzang op Het puttertje goed begrijpen. Zonder grote liefde voor het schilderijtje had ik dit boek niet kunnen schrijven. In mijn werkkamer hangt een grote poster die het Mauritshuis ooit heeft gemaakt, een blow-up van The Goldfinch. De afgelopen tien jaar heb ik daar elke dag naar gekeken. Het mysterie is de dubbelheid: van een afstandje is het een levend vogeltje, van dichtbij is het verf, abstract haast, met ruw aangebrachte vegen. Je ziet de menselijke hand van de schepper. Dat geldt trouwens voor alle grote kunst.'


Dubbelheid doortrekt dit boek. Theo verliest veel (van zijn ouders tot zijn paspoort), het enig ware houvast is zijn fascinatie voor tussengebieden, werelden buiten de dagelijkse, ergens tussen leven en dood. Tartt: 'Ja, en grote kunst kan je daar naartoe leiden. Haar wezen ligt in dat tussengebied. Buiten de menselijke tijd. Fabritius' Goldfinch bestaat al eeuwen en zal er hopelijk nog eeuwen zijn. Dit gaat ook op voor vervoerende muziek. En grote romans.'


Wat die van haar betreft: het is vast geen toeval dat haar hoofdpersonen altijd jong, intelligent en alleen zijn. Tartt: 'Veel lezers zullen daar iets van herkennen, want die zijn dikwijls ook enigszins solitair. Waarom zijn ze jong? Waar ik altijd aan denk, is de ervaring die ik had toen ik als adolescent totaal verslingerd was aan de romans van Jane Austen, Robert Louis Stevenson, Charles Dickens. Ademloos galoppeerde ik door de pagina's: méér, voort, hoe gaat dit verder?


'Een paar jaar eerder, toen ik een jaar of 6 was en vaak koortsig en met een kwade hoest, liet mijn bezorgde overgrootvader mij whisky drinken en hoestsiroop met codeïne. Opgetild door dat medicijn droomde ik weg naar Neverland en Oz. Dat was ook, zij het nog passief, opgaan in een tussengebied.


'Richard in The Secret History, Harriet in The Little Friend en Theo in The Goldfinch streven zoiets na. In een andere wereld opgaan. Door te schrijven over jonge mensen, open ik een venster op de tijd dat ik als adolescent die sensatie actief ontdekte, in mijn geval door het obsessieve lezen. Die sensatie wil ik heroveren. Misschien is dat het.


'Wat ik daarnet bedacht: op mijn 6de had ik weinig contact met andere kinderen. Lag veel thuis in bed. Te lezen. Maar ook heb ik toen al verhalen geschreven. Mijn moeder heeft ze bewaard; mijn eerste boekjes, in een very limited edition van één exemplaar. Uit de National Geographic knipte ik plaatjes. Daarna ging ik er een verhaal bij schrijven. In die volgorde. Die vellen vouwde ik achteraf tot een klein boekje.


'Maar het begon dus met beelden. Toen al! Ik werk nog precies zo als op mijn 6de.'


CV Donna Tartt

1963 geboren op 23 december in Greenwood, Mississippi


1981 gaat klassieke talen en filosofie studeren aan University of Mississippi in Oxford en een jaar later ook creative writing aan Bennington College te Vermont. Trekt op met medestudent Bret Easton Ellis (die in 1985 debuteert met de roman Less than Zero).


1992 eerste roman The Secret History (in 1993 verschenen als De verborgen geschiedenis, 800 duizend exemplaren verkocht in Nederland, 5 miljoen wereldwijd), erudiete thriller over student Richard Papen die gefascineerd is door een clubje studenten rond een charismatische professor Grieks.


2002 tweede roman De kleine vriend (300 duizend exemplaren in Nederland), een maand later verschenen als The Little Friend, over Harriet Cleve Dufresnes, die na twaalf jaar de onopgeloste moord op haar 9-jarige broertje Robin wil wreken.


2013 roman Het puttertje, op 22 oktober in Amerika verschijnend als The Goldfinch, over de omzwervingen van Theo Decker die beide ouders verliest en in het bezit is van het beroemde schilderij, hetgeen hem in de onderste regionen van de kunsthandel doet belanden. Op 6 september twittert Bret Easton Ellis dat The Goldfinch de beste roman van Tartts drietal is. Op 21 september krijgt Het puttertje 5 sterren in de Volkskrant (Hans Bouman), en 2 sterren in NRC Handelsblad (Rob van Essen).


Tartt is ongehuwd en heeft sinds vijftien jaar een vriend.


Donna Tartt: Het puttertje. De Bezige Bij; 925 pagina's; 24,90 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden