Tariq Ramadan is geen wetenschapper

Qatar betaalt de leerstoel van Ramadan in Oxford en Qatar wil graag goeie banden met Iran: geen wonder dat het optreden van de moslimgeleerde voor Presstv daar geen punt is.

Het beginsel van academische vrijheid wordt in de Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek niet omschreven. In de toelichting op de wet wordt er wel op ingegaan. Het gaat om de vrijheid om onderwijs te geven en te volgen, vrij van indoctrinatie.

Het gaat erom wetenschappelijk onderzoek te kunnen doen op de manier waarop men dat wenselijk acht, zonder dat men beperkt wordt in de keuze van het onderzoekobject, de gevolgde wetenschappelijke methode en de rapportage van de resultaten. Academische vrijheid betekent dat men geen compromissen hoeft te doen aan de wetenschappelijke en morele integriteit.

In de kwestie Tariq Ramadan wordt de academische vrijheid niet geschonden. Enige collegae van de islamprediker suggereren, in een brief in NRC Handelsblad, dat dit wel het geval is. Dit terwijl Ramadan nooit is beperkt in zijn onderzoek of in de wijze waarop hij onderwijs geeft. Althans niet door de Erasmus Universiteit.

Wel door hemzelf. De islam legt beperkingen op aan de wetenschap, meent Ramadan, en iedere moslimwetenschapper dient deze beperkingen te aanvaarden. Voor de islamprediker staat wetenschap in dienst van de islam. De wetenschap is daarmee ondergeschikt aan dit geloof.

Met andere woorden: door zijn geloof heeft Ramadan helemaal geen academische vrijheid. Hij doet er zelfs plichtsgetrouw afstand van. Ramadan is dan ook helemaal geen wetenschapper. Hij is een predikant.

De Erasmus Universiteit heeft Ramadan nooit iets in de weg gelegd als het ging om zijn controversiële uitspraken over homo’s en vrouwen. Uitspraken waar zijn verdedigers aan refereren, maar die hijzelf, tegen alle bewijzen in, ontkent. Toen er naar aanleiding van citaten in de Gay Krant vragen werden gesteld in de Rotterdamse gemeenteraad, schaarde de Erasmus Universiteit zich achter haar gasthoogleraar.

Zij gaf aan het gasthoogleraarschap voort te zetten, ook al zou het College van Rotterdam de banden met Ramadan verbreken. Het is dus onjuist, zoals Benzakour e.a. beweren (Forum, 21 augustus), dat Ramadan de eerste hoogleraar in de academische geschiedenis is die gedwongen werd tot een publieke verantwoording over zijn opvattingen over vrouwen en homo’s.

Bruggenbouwer en gemeenteadviseur Ramadan werd aangesproken op die opvattingen en mocht zich daarvoor verantwoorden. En eigenlijk dat niet eens. Het College werd aangesproken op de keuze voor iemand die dit soort uitspraken deed en geen Nederlands spreekt. Als hoogleraar bleef Ramadan buiten schot en werd hij beschermd door zijn universiteit.

Ramadan is ontslagen omdat hij een nevenfunctie, presentator van een tv-programma van het door het Iraanse regime bekostigde Presstv, niet heeft gemeld terwijl hij dat conform de regelingen die voor alle hoogleraren en universitair medewerkers gelden wel behoort te doen. Hij heeft er dus ook nooit toestemming voor gekregen. Na door zijn beide Rotterdamse werkgevers op die functie te zijn aangesproken, bleek Ramadan niet bereid zijn werkzaamheden voor Presstv te stoppen. De gemeente Rotterdam koos er daarop voor niet langer de leerstoel voor Ramadan te bekostigen.

Daarmee heeft de Erasmus Universiteit het volste recht hem te ontslaan. Hij is immers gasthoogleraar en de universiteit kan het verblijf van de gast zonder meer beëindigen als die zich niet houdt aan de regeling inzake nevenwerkzaamheden. Bovendien trok de financier van de visiting professor, de gemeente Rotterdam, zich terug en is niet vooraf bedongen dat de universiteit dan de kosten over moet nemen.

Het argument van Ramadan dat iedereen kon weten dat hij voor Presstv werkt, omdat het op zijn eigen website staat, houdt geen stand. Je moet het officieel aan je werkgever laten weten. Dat geldt voor iedereen. Dat mag dan Hollandse bekrompenheid zijn in de ogen van de fans van Ramadan, maar het feit dat regelingen voor iedereen gelden ongeacht of men een schare bewonderaars heeft, is een groot goed.

De bekrompenheid van Nederland steekt volgens sommige verdedigers van Ramadan, onder wie socioloog Willem Schinkel, schril af bij topuniversiteit Oxford die geen problemen heeft met Ramadans werkzaamheden voor Presstv. De vrijheid van meningsuiting is in Oxford heilig, concludeerde Schinkel in Nova.

Onvermeld blijft, bij dit soort verwijzingen naar het vrije Oxford, dat de leerstoel die Ramadan daar zal bekleden, gefinancierd wordt door de Qatar Foundation for Education, Science and Community Development. Deze organisatie is tevens betrokken bij het financieren van de Yusuf Al Qaradawi scholarships.

De in Egypte geboren en in Qatar woonachtige Al Qaradawi was een volgeling van de grootvader van Ramadan, Hassan al Banna, en lid van de Moslimbroederschap. Hij had een talkshow op de door Qatar gefinancierde tv-zender Al Jazeera waarin hij antisemitische uitspraken deed en bad voor de ondergang van Israël.

Qatar is bang voor Iran en zoekt tegelijkertijd toenadering. Samen met Iran financierde Qatar bijvoorbeeld Hezbollah in Libanon. Het is dan ook niet verwonderlijk dat aan de kleinzoon van Al Banna, van wie de in Qatar zo vereerde Al Qaradawi een volgeling was, geen moeilijke vragen worden gesteld over dat hij betaald wordt door het Iraanse regime.

Al Qaradawi, die door Ramadan openlijk wordt geadoreerd, heeft als voormalig decaan van de Islamic Department at the Faculties of Shariah and Education in Qatar nog wel het een en ander in de melk te brokkelen waar het gaat om internationale benoemingen van hoogleraren.

De website van Oxford meldt dat Ramadan via de aanstelling in Oxford als hoogleraar ook werkzaamheden zal verrichten voor de Qatar Faculty of Islamic Studies, waar de Al Qaradawi scholarships zijn ondergebracht.

Ramadan verkeert kortom in een gezelschap dat alles van hem zal pikken en al helemaal dat hij vriendjes is met het regime in Iran en daar tegelijkertijd zogenaamd kritisch over is. Maar om nu te zeggen dat Oxford hiermee een bolwerk van vrije meningsuiting is, waarbij het bekrompen Nederland schril afsteekt, gaat ook weer wat ver.

De topuniversiteit laat een oliestaatje een leerstoel kopen voor een van de nakomelingen van de adel van de Moslimbroederschap. Daar komt het op neer. Wie dat het toppunt van academische vrijheid wil noemen, zou ook met de situatie in Rotterdam moeten kunnen leven.

Interessant is de verontwaardiging bij de verdedigers van Ramadan over de politieke kant van het ontslag door de Erasmus Universiteit. Dat ook de benoeming van Ramadan een politieke was, laten zij buiten beschouwing. Toen Rotterdam de leerstoel ging bekostigen en Ramadan een combinatie aanbood van een hoogleraarschap en een adviseursfunctie, heeft niemand van de huidige verdedigers van Ramadan alarm geslagen in verband met de politieke kant van al die functies en de mogelijke gevaren voor de academische vrijheid. Ramadan is akkoord gegaan met een politieke benoeming. Nu hij achter zijn ontslag politiek vermoedt, schreeuwt hij moord en brand. Wat had hij dan gedacht?

Daarover valt wel iets af te leiden uit zijn uitspraak dat hij het regime in Iran via zijn rol als presentator van Presstv van binnenuit wil hervormen. Wie denkt nou over zichzelf dat hij dat kan?

Daarvoor moet je grenzeloos politiek naïef zijn en een ego hebben van Rotterdam tot de met bloed doordrenkte straten van Teheran. Dat ego is nu gekwetst. Dat is treurig voor de betrokkene. Al is die treurnis niets vergeleken met die van de mensen die zuchten onder het totalitaire regime. Het regime waardoor Ramadan, die tegelijkertijd mooi weer en slachtoffer speelt, zich laat betalen en gebruiken.

.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden