Tante Ellen wil ik op mijn manier nog even memoreren

Over de doden niets dan goeds; nu ja, één minder dingetje dan.

Een foto van Ellen Vogel tijdens haar uitvaart in Herdenkingspark Westgaarde. Beeld anp

In alle kranten is de laatste weken uitvoerig over haar geschreven en ook was ze postuum prominent aanwezig op de televisie.

Inmiddels weet heel Nederland dat Ellen Vogel, die op 5 augustus op 93-jarige leeftijd overleed, in 1945 debuteerde in Een weekend in Californië met een bijrolletje dat diepe indruk maakte op Simon Carmiggelt, toen nog theaterrecensent. Dat haar carrière, na haar vertolking van de gehandicapte Laura (een 'kneusje' volgens eigen zeggen) in Tennessee Williams' Glazen speelgoed, razendsnel bergopwaarts ging. En dat de allround actrice niet alleen in de meeste Shakespeares, Grieken en Tsjechovs heeft gestaan, maar ook in eigentijdse stukken van onder anderen Edward Albee.

Na die vermaledijde Actie Tomaat was de Grande Dame, zoals ze uitentreuren werd aangeduid, geruime tijd van de (toneel)wereld, maar als een feniks herrees ze uit de as om aan het eind van haar loopbaan te worden opgenomen in de comfortabele Van den Endestal.

Toch wil ik haar op mijn manier nog even memoreren. Even. Want ik heb hier te weinig woorden tot mijn beschikking voor een vrouw die zo veel voor me heeft betekend. Ik heb bijna al haar rollen gezien. Haar Sonja in Oom Wanja heeft me tot tranen toe geroerd, ook van haar alcoholistische Claire in Albees Wankel evenwicht was ik ondersteboven en ik heb zitten schateren om haar valse komische Alte in de televisieserie Zonder Ernst.

Daarnaast heb ik haar meegemaakt als een soort familielid. Ooit noemde ik haar tante Ellen, maar de laatste 55 jaar mocht ik Ellen zeggen en werd ze allengs een soort vriendin.

Volgens haar vond onze eerste ontmoeting plaats op het Amsterdamse Leidsebosje. Ik werd in een wandelwagen voortgeduwd door niemand minder dan mijn moeder (voor wie het nog niet weet, Ank van der Moer). Kennelijk hoefde deze - destijds - Grande Dame even niet op het toneel te staan, even niet te repeteren voor een nieuwe rol en even geen les op de toneelschool te geven. Ellen, jonge, beeldschone, veelbelovende collega, liep een eindje met ons op.

Hoewel ik me er niets van kan herinneren, kost het me weinig moeite me het tweetal voor de geest te halen: mijn moeder met daadkrachtige tred, een hoed op haar kloeke kop. Ellen, het roodgouden haar als een waterval over haar schouders, met lange, elegante passen. Ze vertelde me hoe 'apetrots' ze was dat ze bij het zelfde gezelschap zat (de Nederlandse Comedie) en hoe een vertederend gezicht het was: Ank opeens met een kind!

Over de doden niets dan goeds, maar gedroomde moeders waren beide actrices niet. Ik werd ondergebracht bij een pleegfamilie en zag mijn moeder alleen in het weekeinde, vaak één keer in de veertien dagen. Ellens zoontje, dat een paar jaar later het levenslicht aanschouwde, werd vanaf peuterleeftijd bij zijn vader, Hans Tobi, en diens vrouw gedropt. Moeder en zoon zagen elkaar jaren niet.

Later zijn ze (met schoondochter en kleinkinderen) nader tot elkaar gekomen. Dat was duidelijk te horen op Ellens crematie, waar Peter Paul Tobi genuanceerd, liefdevol en teder over zijn moeder sprak, ja zelfs even volschoot. Gelukkig had ik een pakje Kleenex bij me.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden