Tamil Tijgers houden bevolking in gijzeling

Vanuit de deuropening in de legerhelikopter die rakelings over boomkruinen scheert, houdt een soldaat zijn mitrailleur strak gericht op de jungle....

De reis naar de stad Vavuniya, die op de grens van het rebellengebied ligt en waar de afgelopen twee weken duizenden Tamils naar toe zijn gevlucht om aan het oorlogsgeweld te ontsnappen, is georganiseerd door het leger. Buitenlandse journalisten mogen niet op eigen gelegenheid de vier uur durende rit over de weg vanuit de hoofdstad Colombo afleggen.

‘Voor je eigen veiligheid’, verzekert brigadier Nanayakarra en vertelt hoe een 14-jarige zelfmoordcommando’s van de Tamil Tijgers zich onlangs opblies te midden van een groep vluchtelingen. Maar volgens een buitenlandse hulpverlener wil de regering de buitenlandse media gewoon in de gaten kunnen houden.

De golfplatenhuizen in vluchtelingenkamp Menik Farm, waar sinds een week een paar duizend vluchtelingen wonen, glinsteren in de zon. De bewoners leven achter grote rollen prikkeldraad en bewaakt door honderden soldaten leven. Voor de ingang van het kamp staat een groene legertank.

Volgens de legerwoordvoerder bevinden zich mogelijk rebellen onder de vluchtelingen en staat daarom op iedere 50 meter in het kamp een soldaat opgesteld.

De vluchtelingen kijken verbaasd als de journalisten uit de bus stappen. Mannen gekleed in een sarong en vrouwen met kleine kinderen op hun armen hangen verveeld voor de barakken.

Onder hen bevindt zich Sathyeswari (43), die een week geleden met haar gezin door het leger hierheen werd gebracht. Ze komt oorspronkelijk uit de stad Kilinochchi, die tot begin januari de hoofdstad was van het door de Tamil Tijgers beheerste gebied. Na de val van het hoofdkwartier van de LTTE dwongen de rebellen de burgers mee te vluchten in noordoostelijke richting. Sathyeswari vertelt dat ze geen andere keus hadden.

De mensen zijn ook bang voor de regeringssoldaten, die in iedere Tamil een potentiële aanhanger van de rebellenbeweging zien. In de vuile oorlog die in 1983 uitbrak tussen het leger en de rebellen stierven meer dan honderdduizend mensen. Duizenden Tamils worden nog steeds vermist. Meer dan vijfentwintig jaar vechten rebellen al voor een eigen Tamilstaat.

Sathyeswari bevestigt wat internationale hulporganisaties al wekenlang beweren: ongeveer tweehonderdduizend mensen worden in het noordoosten door de rebellen gegijzeld. De Tamil Tijgers gebruiken hen als menselijk schild tegen het regeringsleger. Sathyeswari vertelt dat burgers zich verstoppen in bunkers onder de grond. Ze durven alleen naar buiten te komen als het leger en de rebellen even ophouden elkaar te beschieten.

Ook het regeringsleger maakt zich volgens haar schuldig aan oorlogsmisdaden door vanuit de lucht te bombarderen. De regering ontkent deze bombardementen.

Maha (41) wast in het vluchtelingenkamp bij de waterpomp haar kleren. In haar een kamer grote woning onder de golfplaten liggen twee matrasjes. In een hoek staan een paar plastic borden en een pannetje, de enige huisraad dat ze op haar vlucht kon meenemen. Ze kan nog steeds niet bevatten dat haar zoon (21) door een mortier werd getroffen. Dagenlang kon ze hem niet begraven. Haar familie had voordat hij stierf de rebellen nog gesmeekt of ze mochten vertrekken. De rebellen weigerden.

In het kamp vertellen mensen gruwelijke verhalen. Rajeween (28) zegt dat de rebellen ‘verraders’ doodschoten en hun lijken aan bomen hingen om de vluchtelingen angst aan te jagen. Waar de rebellenleiders, zoals LTTE-leider Prabhakaran, zich ophouden, weet niemand. De guerrillatop schijnt zich te verbergen in bunkers met airconditioning.

Bijna iedereen in het kamp heeft wel een familielid verloren. De Nederlandse Annemarie Loof, die aan het hoofd staat van de missie van Artsen zonder Grenzen (AzG) in Sri Lanka leidt, noemt de situatie van de vluchtelingen in het noordoosten onbeschrijflijk. Tweehonderdduizend mensen leven er in donkere bunkers en horen de hele dag bommen en mortieren boven hun hoofd afgaan. ‘De wereld is op de hoogte, maar er komt geen reactie’, zegt ze geëmotioneerd.

AzG werkt er in vijftien vluchtelingenkampen. ‘We mogen deze erbarmelijke situatie niet accepteren’, zegt Loof. Tweeduizend burgers kwamen de afgelopen twee maanden om het leven en vijfduizend mensen raakten gewond, volgens een rapport van Human Rights Watch. Maar waarschijnlijk zijn de werkelijke aantallen nog hoger. Zelfs de patiënten in het laatste nog functionerende ziekenhuis in het gebied van de rebellen werd getroffen door mortieren en granaten. De kliniek is inmiddels gesloten. Mensen sterven dagelijks aan hun verwondingen.

Het Internationale Rode Kruis mag sinds kort wel voedsel en medicijnen naar de vluchtelingen brengen. Maar tot grote ontsteltenis van de regering eten de rebellen daar ook van mee.

Het Europees Parlement riep afgelopen maandag de strijdende partijen opnieuw op tot een staakt-het-vuren. De Tamil Tijgers zijn daartoe bereid, maar weigeren de wapens in te leveren. De regering van Sri Lanka eist echter dat ‘de terroristen’ zich onvoorwaardelijk overgeven.

In het vluchtelingenkamp voelen de bewoners zich opnieuw gevangen. Ze mogen er niet uit. Contact met familie buiten het kamp is verboden. Rajee (64) jammert dat ze niet weet waar haar echtgenoot is. Ze zag kans met haar zoon en schoondochter te vluchten. Haar man bleef achter. Ze vreest dat hij dood is.

Haar zoon wordt streng bewaakt, omdat hij twee jaar lang een rebel was. Hij vertelt dat de rebellen hem daartoe dwongen. Sinds de oorlog weer oplaaide in 2006, is elk gezin in Tamil Tijgers-gebied verplicht geweest een zoon aan het rebellenleger te leveren. Sommige jongens wisten te ontsnappen. Meisjes werden op jonge leeftijd zwanger om aan de ‘dienstplicht’ te ontkomen. Volgens de Verenigde Naties ronselen de rebellen opnieuw kindsoldaten om aan het front tegen het leger te vechten.

‘Ik wil naar huis’, zegt Rajee, die net als de meeste Tamil-vluchtelingen uit een dorpje in de jungle komt. Ze heeft het gevoel dat ze als een crimineel wordt vastgehouden. Maar voorlopig mogen de vluchtelingen niet terug. In de kampen kunnen de militairen hen beter in de gaten te houden.

In veel gevallen staan hun huizen er toch niet meer. En overal liggen landmijnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden