NieuwsOnderzoek Sociaal en Cultureel Planbureau

Syrische statushouders willen beter taalonderwijs en sneller aan het werk

Syrische statushouders willen op een hoger niveau de Nederlandse taal leren en sneller aan het werk. Ook voelen veel Syriërs zich nu genoodzaakt onder hun niveau te werken. Dat blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

Een vluchteling bij een Asielzoekerscentrum in Amsterdam.Beeld Hollandse Hoogte / Michel Utrecht

Van alle vluchtelingen die de afgelopen jaren naar Nederland kwamen, zijn Syriërs verreweg de grootste groep. Op het hoogtepunt in 2016 kwamen er bijna 28 duizend Syriërs deze kant op, en van een massale terugkeer is (nog) geen sprake. Onderzoekers van het SCP spraken met 49 Syrische statushouders door het hele land over hun ervaringen met participeren in de Nederlandse samenleving. Hogeropgeleiden waren in het onderzoek enigszins oververtegenwoordigd.

Statushouders zijn verplicht om in te burgeren, waarbij het leren van de taal de belangrijkste prioriteit is. Ook zijn ze zelf verantwoordelijk voor het vinden van onderwijs. Dat leidt tot frustraties, zo blijkt uit het onderzoek. De Syrische statushouders vinden de docenten en het onderwijs lang niet altijd even goed en zien dat er binnen klassen grote verschillen in niveau zijn. Ook vrezen ze dat het eindniveau van de verplichte inburgering (A2) niet goed genoeg is om mee te doen in de samenleving. Bij dit taalniveau kunnen statushouders korte en eenvoudige teksten lezen en antwoord geven in korte gesprekken.

Aan de andere kant vinden de Syriërs dat de inburgering hun intrede op de arbeidsmarkt vertraagt: ze willen al tijdens het leren van de Nederlandse taal aan de slag. Daarbij voelen vooral de hogeropgeleiden zich ondergewaardeerd: mede door een gebrek aan juiste opleidingspapieren worden ze al snel doorverwezen naar de horeca of schoonmaakwerk. Het beleid om statushouders door het land te verspreiden helpt hier niet bij: vaak is er in de toegewezen regio geen werkgelegenheid in het vakgebied van de statushouders.

Nieuwe wet

Frappant is dat in het regeerakkoord uit 2017 in grote lijnen dezelfde constateringen staan. ‘Wie mag blijven, moet snel meedoen. Door de taal te leren, aan het werk te zijn, actief deel te nemen aan onze samenleving.’ Ook vinden de coalitiepartijen dat ‘te veel nieuwkomers te lang aangewezen blijven op een bijstandsuitkering’.

Toch is tot op heden het oude inburgeringsbeleid van kracht. Minister Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) werkte de afgelopen jaren aan een nieuwe inburgeringswet. Die wet zal onder meer bepalen dat het gewenste taalniveau stijgt van A2 naar B1, net een tree hoger. Gemeenten worden in de nieuwe wet verantwoordelijk voor het aanbod en de kwaliteit van het inburgeringsonderwijs, en er zal geprobeerd worden meer maatwerk te bieden. Op dit moment zijn er door het hele land 21 proefprojecten waarbij statushouders aan het werk gaan terwijl ze nog Nederlands leren.

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) kapte in mei vorig jaar de gesprekken met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de nieuwe wet af. De VNG zet vraagtekens bij de bestuurlijke uitvoerbaarheid van het nieuwe inburgeringssysteem en eist meer geld. Door deze onenigheid bleef verder overleg lang uit, maar eind van de maand komen Koolmees en de VNG weer samen. Commissievoorzitter Integratie van de VNG Peter Heijkoop laat weten dat er ‘voldoende basis voor nieuwe gesprekken, maar dat er grote vraagstukken te verhapstukken zijn’. 

Volgens minister Koolmees zijn er geen zorgen over de haalbaarheid van de inburgeringswet en verloopt alles volgens de planning. Hij wil de wet voor het meireces naar de Tweede Kamer sturen en gaat proberen bij de voorjaarsnota extra geld voor de uitvoering ervan vrij te maken. Het nieuwe inburgeringssysteem moet in januari volgend jaar, twee maanden voor de landelijke verkiezingen, in werking treden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden