Syrië weert Rode Kruis uit Baba Amr

Het Internationale Rode Kruis (ICRC) is zondag begonnen hulpgoederen te verstrekken in de omgeving van de Syrische stad Homs. Het ICRC kreeg echter geen toegang tot de wijk Baba Amr, terwijl de Syrische autoriteiten vorige week hadden beloofd de organisatie toe laten. Hulpverleners werden tegengehouden door militairen.

BEIROET - Hulpverleners en activisten maken zich steeds meer zorgen over de toestand van de bewoners van Baba Amr. Het bolwerk van de Syrische rebellen werd donderdag na weken van zware beschietingen veroverd door het Syrische leger. Volgens de regering is de wijk nog te onveilig voor hulpverleners; er liggen mijnen en boobytraps.


De burgers in de wijk hebben zo goed als geen voedsel, brandstof en geneesmiddelen. De toevoer van elektriciteit en water is afgesloten. Syrische activisten zeggen een humanitaire catastrofe te vezen in Baba Amr en andere delen van Homs, een stad van ongeveer een miljoen inwoners. Het sneeuwt er en de temperatuur is gedaald tot onder het vriespunt.


Inwoners en activisten hebben melding gemaakt van tientallen executies en andere wraaknemingen door het leger in Baba Amr. Zij vrezen een nog groter bloedbad, nu er geen waarnemers meer in de wijk zijn. Ook alle buitenlandse journalisten zijn vertrokken. VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon zei vrijdag 'gruwelijke verslagen' te hebben ontvangen.


Hulpverleners van het Internationale Rode Kruis en de zusterorganisatie Rode Halve Maan hebben zondag voedsel, dekens, hygiënepakketten en medicijnen gedistribueerd in Abel, een dorp op 3 kilometer van Homs, en in twee wijken van Homs, Inshaat en Tawzii.


'Tot nu toe is er vooral behoefte aan voedsel en dekens vanwege de kou', aldus een woordvoerder van het Rode Kruis. Volgens ICRC-woordvoerder Hicham Hassan zijn onder de mensen in Abel die werden geholpen ook gevluchte inwoners van Homs. Hij noemde geen aantallen.


In enkele steden in de centrale provincie Homs heeft het Syrische leger zondag zware beschietingen uitgevoerd, kennelijk op wijken waar zich rebellen bevinden. In Rastan, ruim 25 kilometer ten noorden van de stad Homs, kwamen volgens een Syrische mensenrechtenorganisatie minstens zeven burgers om, onder wie vier kinderen. Rastan werd begin februari door het Vrije Syrische Leger (FSA) tot 'bevrijde stad' verklaard.


Ook de stad Qusayr, 40 kilometer ten zuiden van Homs en nabij de grens met Libanon, werd door het Syrische leger bestookt over land en vanuit de lucht. Ook deze plaats geldt als een bolwerk van het gewapend verzet.


'Qusayr en Rastan zijn de twee steden met de meeste rebellen in het midden van Syrië', zei Abdel Rahmane, hoofd van het Syrisch Observatorium van de Mensenrechten (OSDH). 'Naar verwachting vormen zij de volgende etappe in de aanval van het regime op de gedeserteerde militairen.'


Door het geweld zijn weer veel mensen op de vlucht geslagen. Volgens de Verenigde Naties trokken zondag alleen al bijna tweeduizend Syriërs naar de grens met Libanon.


China, een van de laatste bondgenoten van Syrië, heeft zondag een voorstel gedaan om een einde te maken aan het geweld. Peking roept op tot een onmiddellijk staakt-het-vuren en overleg tussen de strijdende partijen. Ook moet humanitaire hulp worden toegelaten en moeten de Verenigde Naties en de Arabische Liga bemiddelen bij onderhandelingen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden