Sympathie voor een moordenaar

De klinisch psychologe Pumla Gobodo zocht contact met Eugene de Kock, die tijdens de apartheid leiding gaf aan de moordcommando's....

De rechterarm van Pumla Gobodo-Madikizela lag bewegingloos naast haar in bed. Ze wilde hem opheffen, maar het lukte haar niet. Met haar rechterhand had zij Eugene de Kock aangeraakt in een onverwacht moment van medelijden. Gobodo: 'De gevoelloosheid duurde waarschijnlijk enkele momenten, het leek een eeuwigheid.'

De Kock was de leider van de moordcommando's die in de tijd van de apartheid in Zuid-Afrika opereerde vanuit de geheime basis Vlakplaas, en tientallen activisten hadden vermoord of gemarteld.

Gobodo had hem opgezocht in de gevangenis. Hij was volgeschoten bij de herinnering aan de vergeving die twee weduwen van zijn slachtoffers hem hadden geschonken tijdens een zitting van de Waarheidscommissie. In een reflex had Gobodo zijn hand beroerd als troost. Bij de volgende ontmoeting had De Kock gezegd: 'Dat was de hand waarmee ik de trekker overhaalde.'

De klinisch psychologe Gobodo sprak in 1997-' 98 in totaal 46 uur met De Kock in een serie ontmoetingen verspreid over een half jaar. Ze schreef er een boek over dat onlangs in Nederlandse vertaling is verschenen: 'Veroverde vergeving – Oog in oog met de killer Eugene de Kock' (uitgeverij Balans). Zondag neemt zij deel aan de Nexus-conferentie in Tilburg.

Aanvankelijk had zij De Kock om één gesprek gevraagd omdat ze twijfelde aan de oprechtheid van zijn berouw, zegt zij. De twee weduwen hadden gehuild toen hij hen in een apart gesprek had opgebiecht hoe hij hun echtgenoten had vermoord; een van hen had Gobodo gezegd dat ze ook voor De Kock huilden. Gobodo wilde weten of de man die bekendstond als Prime Evil (Eersteklas Kwaad) het medelijden over zijn last van een afgrijselijk, onuitwisbaar verleden verdiende.

Ze wist het snel: hij was oprecht. 'Ik was waarschijnlijk de eerste zwarte persoon met wie hij serieus over zichzelf sprak, een vrouw nog wel. Hij moet gebroken zijn geweest om mij zijn zwakke kant te kunnen tonen.'

Hij wil graag vervroegd vrijkomen van de twee keer levenslang die hij heeft gekregen, zegt Gobodo, maar dat ziet zij niet als doorslaggevende reden voor zijn vergaande medewerking aan de Waarheidscommissie of voor de openhartige gesprekken met haar zelf. 'Hij hoefde niet met de weduwen apart te spreken, hij hoefde zelfs niet in het openbaar spijt te betuigen om in aanmerking te komen voor amnestie.' (Voor slechts twee van zijn vele misdaden kreeg de Kock straf, voor de andere amnestie.) Ze was getroffen door de man die voor alles stond wat verschrikkelijk was aan de apartheid. Ze ontmoette een geheel andere De Kock, zijn menselijke kant. 'Dat stelde mij voor heel wezenlijke vragen: waar was die kant van jou vroeger, waarom was hij er niet toen je al die vreselijke dingen deed?'

Dat De Kock berouw had, maakte het misschien mogelijk 'de innerlijke geest van het kwaad te leren begrijpen' (zoals zij schrijft in haar boek). De Kock stemde in met meer gesprekken, die verder zouden gaan dan de verhoren van de Waarheidscommissie.

Ook Eugene de Kock zocht een verklaring voor het verleden. Hij ziet zich nu als een 'slachtoffer van een verslagen ideologie', zegt Gobodo. Hij geloofde dat hij al die verschrikkingen uitvoerde voor een goede zaak, dat ontkent hij niet, en worstelt nu met de wetenschap dat het zinloze verschrikkingen zijn gebleken. 'De Kock verzucht vaak: wat een verspilling.'

De Kock was een van de weinigen tijdens de verhoren van de Waarheidscommissie in de jaren negentig die alles vertelde 'en namen noemde' van andere personen die bij de misdaden van het apartheidsregime betrokken waren.

Maar 'hij is er de man niet naar om te zeggen dat hij alleen maar orders uitvoerde'. Zijn onthullingen leidden tot wat Gobodo 'de paradox van berouw' noemt: slachtoffers en nabestaanden gingen sympathie voor hem voelen. Bij een van de zittingen kreeg hij van het zwarte publiek zelfs een daverend applaus.

Het berouw van De Kock maakte vergeving mogelijk, waarmee de nabestaanden zich konden bevrijden van kwellende haat-en wraakgevoelens.

Gobodo zelf was in grote verwarring door haar sympathie voor De Kock. Het eerste geweld had ze meegemaakt toen ze vijf was; haar vader had zijn leven lang geleden onder de vernederingen; ze had zelf als student gevangen gezeten; de nicht van haar ex-man is Winnie Madikizela-Mandela met wier lot onder de apartheid de familie sterk meeleefde.

Voor de blanken is De Kock de grote zondebok. De politiek verantwoordelijken, ('De Kock ging niet op eigen houtje bloedbaden aanrichten, hij kreeg er geld voor en opdrachten') wassen hun handen in onschuld. Zoals, tot Gobodo's ergernis, ex-president De Klerk, die met Nelson Mandela een Nobelprijs kreeg, maar De Kock niet wil ontmoeten.

Terwijl de meesten die hun misdaden ontkennen vrij rondlopen zit De Kock vast. De autoriteiten zouden amnestie moeten overwegen, vindt Gobodo. 'Het zou in zekere zin een eerbetoon zijn aan de Waarheidscommissie: een hoopvol teken dat er niet alleen de mogelijkheid van straf bestaat maar ook van dialoog en verzoening.'

Later deze maand zal Gobodo De Kock weer opzoeken in de gevangenis. Dan zal ze horen wat hij van het boek vindt. 'Ik denk niet dat hij alles geweldig vindt, hij houdt niet van gepsychologiseer.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden