'Symbolische doorbraak' in overleg over hereniging Cyprus

Ook de Beatles spelen een rolletje, deze week bij de gesprekken in Genève over Cyprus. Turks-Cyprioten en Grieks-Cyprioten die gebroederlijk demonstreren bij het VN-hoofdkwartier, laten Come Together uit hun luidsprekers schallen, als positieve oproep aan de twee delegaties die binnen praten over hereniging van hun eiland. Gezien de lange voorgeschiedenis - de twee delen werden in 1974 gescheiden - zou The Long and Winding Road wellicht passender zijn.

VN secretaris-generaal Antonio Guterres te midden van de Turks-Cypriotische leider Mustafa Akinci (L) en de Grieks-Cypriotische president Nicos Anastasiades (R) bij een persconferentie na het overleg op 12 januari. Beeld afp

Het 'moment van waarheid' voor Cyprus. Zo kondigde VN-gezant Espen Barth Eide niettemin maandag bij de start het overleg over de toekomst van het verscheurde eiland aan. Een paar dagen later had hij de verwachtingen alweer iets getemperd. Genève kan een 'raamwerk' opleveren, zei hij woensdag, maar 'verwacht niet dat we hier straks vandaan vliegen met een alomvattende regeling in handen'.

Toch was er niet veel later goed nieuws te melden. De twee delegaties wisselden kaarten uit waarop zij aangeven hoe straks de grens moet lopen tussen de twee landsdelen (die ook na hereniging in sterke mate autonoom blijven) en tot welke omvang het Turks-Cypriotische deel wordt ingekrompen. De Turks-Cyprioten willen 29,2 procent (nu hebben ze 36 procent van het eiland onder controle), de Grieks-Cyprioten houden het op 28,2 procent.

Symbolische doorbraak

Een 'symbolische doorbraak', wordt dat genoemd. Het verschil van 1 procent moet te overbruggen zijn. Het punt met Cyprus is dat alles met alles samenhangt, als in een dominospel: wanneer in één kwestie een potentiële oplossing omvalt, kletteren alle andere compromissen mee. Zolang de partijen het niet over het hele pakket eens zijn, zijn ze het over niets eens.

Een voordeel is dat er wel al overeenstemming bestaat over de staatkundige hoofdlijnen. De leiders van de twee gemeenschappen (eindelijk zijn dat nu eens gematigde mannen) spraken in 2014 af dat Cyprus een federale natie moet zijn met twee deelstaten, elk met een eigen regering en parlement, maar ook met overkoepelende organen, één zetel in de VN en één soort staatsburgerschap. Alle inwoners zijn Cyprioten. Verder moeten alle details nog worden ingevuld.

Een van de problemen is dat van de compensatie voor geconfisqueerd eigendom. Toen het Turkse leger in 1974 het noorden van het eiland bezette (uit vrees dat de Grieks-Cypriotische meerderheid na een staatsgreep op het punt stond aansluiting te zoeken bij Griekenland), vluchtten meer dan 160 duizend Grieks-Cyprioten naar het zuidelijk deel, hun huizen en landerijen achterlatend.

Tekst gaat verder onder foto.

Van kolonie tot EU

Cyprus was tot 1960 een Britse kolonie. Grieks-Cyprioten (78 procent van de bevolking) en Turks-Cyprioten (18 procent) leefden voordien al moeizaam samen. Van onderling geweld waren vooral de Turks-Cyprioten het slachtoffer. In 1964 vond al een feitelijke deling plaats, die leidde tot de komst van een VN-vredesmacht. In 1974 riepen de Turks-Cyprioten met steun van het Turkse leger de Turkse Republiek Noord-Cyprus uit, die alleen door Turkije wordt erkend. Cyprus (formeel het hele eiland) is sinds 2004 lid van de Europese Unie. De VN-vredesmacht is er nog altijd.

Een Turkse vrouw rouwt om de dood van haar man in de Cypriotische burgeroorlog, 1964. Beeld Don McCullin

Roterend presidentschap

Teruggave is in de praktijk moeilijk. De nieuwe bewoners zitten er vaak al twee generaties lang, en de meeste Grieken willen helemaal niet terug naar het Turkse deel. Dus moet er compensatie komen (overigens ook voor ontheemde Turks-Cyprioten). De hoogte daarvan is onderwerp van onderhandeling.

Daar ligt echter een directe link met de territoriale kwestie: hoe meer land de Turks-Cyprioten behouden, hoe meer er moet worden gecompenseerd. Met name is de vraag wat er gaat gebeuren met de stad Morfou. Die telde ooit vijftienduizend Griekse zielen, maar veranderde in 1974 van het ene moment op het andere compleet van bevolkingssamenstelling en draagt sindsdien de Turkse naam Güzelyurt.

Morfou/Güzelyurt op zijn beurt is wisselgeld in de gesprekken over een roterend presidentschap van de Cyprische natie, waar de Turks-Cyprioten op aandringen. De Grieks-Cyprioten vinden dat onzin: waarom zou een land met 78 procent Grieken niet gewoon een Griek als president hebben? Als de Turken anders willen, moeten ze Morfou maar inleveren.

Onbespreekbaar

Daartoe zullen de Turks-Cyprioten - van oudsher bevreesd voor Griekse knokploegen - echter alleen bereid zijn als ze vinden dat hun veiligheid is gegarandeerd. Daarom willen ze dat een deel van de 35 duizend Turkse militairen nog minstens 15 jaar op het eiland blijft.

Voor de Grieks-Cyprioten is dat onbespreekbaar. Turkije heeft op Cyprus niets te zoeken, vinden ze. Daarom willen ze zelfs af van het veiligheidsverdrag dat in 1960 bij de dekolonisatie werd gesloten door Groot-Brittannië, Griekenland en Turkije. Zij 'garanderen' sindsdien de veiligheid op het eiland.

Om die reden voegden de ministers van Buitenlandse Zaken van de drie landen zich donderdag bij het beraad, samen met VN-chef António Guterres. De laatste heeft alle reden zich bescheiden op te stellen. Het vredesplan van zijn voorganger Kofi Annan werd in 2004 in een referendum weggestemd door de Grieks-Cyprioten. De VN blijven daarom nu op de achtergrond. De Cyprioten moeten het helemaal zelf doen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden