Column

Sylvana kan voorbeeld nemen aan Ayaan

Menigeen heeft zich inmiddels gebogen over de spectaculaire carrièreswitch van BN'er Sylvana Simons. Waarom zou zij zich in hemelsnaam hebben aangesloten bij de mannen van de jonge beweging Denk? Wat zijn haar diepste motieven?

Beeld epa

Ze wordt gedreven, meldde mijn geachte medecolumnist Bert Wagendorp, door 'diepe frustratie vanwege de racistische bejegening' die haar na elk televisieoptreden ten deel valt. Het 'hersenloze twittertuig', opperde hij, heeft haar de politiek in gejaagd.

Ene Sinan Çankaya, cultureel antropoloog aan de Vrije Universiteit, groef nog een spade dieper. Simons, analyseerde hij woensdag op de opiniepagina, 'morrelt aan het positieve zelfbeeld van een tolerant en progressief Nederland'. Zo'n partij als Denk danken wij volgens hem aan linkse politici die diep in hun hart een 'neoliberaal perspectief op antiracisme' aanhangen. Aan journalisten 'die eenzijdig de schuld van sociale problematiek bij migranten en hun nakomelingen deponeren'. Aan Giel Beelen die zich niet bewust is van zijn privileges.

En schrijver Özcan Akyol betitelde in weekblad Revu Denk weliswaar als 'een conservatief, eng clubje', maar vond Simons' stap toch niet onverstandig. 'Zij heeft andermaal bewezen dat het in Nederland niet wenselijk is dat iemand van kleur een mening geeft - hoe dom, eng en slecht onderbouwd diens opvatting ook is.'

Het zijn, met alle respect, duidingen die me heel matig bevallen. Het racistische wangedrag van je medeburgers tergt je zo dat je je heil maar zoekt bij een stelletje griezels? En dat dien ik nog heel begrijpelijk te vinden ook?

Het geval wil dat Simons niet de eerste zwarte vrouw is in dit land met politieke aspiraties. In 2001 belandde Ayaan Hirsi Ali met een smak in de publieke opinie, twee jaar later sloot ze zich aan bij de VVD, de partij waarvan ze dacht dat die haar missie voldoende ruimte zou geven. Tot haar vertrek naar de Verenigde Staten, in de zomer van 2006, zou ze bijna onafgebroken in de publiciteit staan.

Ook Hirsi Ali kreeg ladingen modder over zich uitgestort, ook bij haar bleef haar huidskleur zelden onvermeld. Klein verschil: de onwelriekendheid kwam destijds niet alléén van tokkiezijde. Haagse rappers van Marokkaanse komaf maakten haar uit voor 'kanker huis-neger', 'vieze kloon van een autochtoon', 'kanker skelet zonder kut'.

De later ontmaskerde imam Abdullah Haselhoef mocht in een overigens keurig ochtendblad haar rustig 'moslimbounty' en 'negerslaaf' noemen - ofwel iemand 'die in de dominante Witte Angelsaksische Protestante Mannelijke Cultuur probeert een wit voetje te halen door de vooroordelen die de Grote Witte Meester heeft ten aanzien van zwarten te herhalen, te bevestigen en zelfs erger erbij te fantaseren'.

Hetzelfde sentiment, maar dan in nettere bewoordingen, vertolkte activiste Anja Meulenbelt. Zij zette Hirsi Ali dolgraag weg als een 'zwarte prinses' die haar positie 'niet op eigen kracht' had bereikt. Die had ze namelijk te danken aan 'de media die wel pap van haar lustten' en aan 'een hele klont rechtse blanke mannen en een enkele rechtse blanke dame' die haar gebruikten voor hun eigen anti-islamagenda. (De term 'witte' was blijkbaar nog niet in zwang.)

Let wel, sociale platforms als Facebook en Twitter moesten tien jaar geleden nog aan hun opmars beginnen. Anders was de weerzin die Hirsi Ali opriep ongetwijfeld vele malen zichtbaarder geweest. Gelukkig liet zij zich er niet al te zeer door van de wijs brengen. Fijntjes zou ze later in haar autobiografie Mijn vrijheid schrijven: 'Al deze aanvallen op de persoon leidden slechts af van waar het werkelijk om ging.' Dus ging ze koppig door met haar zendingswerk.

Dat lijkt me nóg een verschil met Simons. Zij raakt sinds haar toetreding tot Denk maar niet uitgepraat over de racistische bagger die haar ten deel valt. Waar het haar werkelijk om gaat, blijft in het ongewisse - behalve dat ze naar eigen zeggen op zoek is naar 'wederzijdse acceptatie'. Wat ze verder zoal vindt van de opvattingen die haar nieuwe vrienden uitdragen? Wij tasten geheel in het duister. Tot nog toe pareert ze elke kritische vraag hieromtrent met een jij-bak - een retorisch kunstje dat trouwens ook de partijstichters zelve tot in de puntjes beheersen.

Ga daar vooral mee door, zou ik zeggen. Vrijheid, blijheid, nietwaar. Maar of je aldus de gedroomde wederzijdse acceptatie dichterbij brengt? Ik waag het te betwijfelen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden