Advertentie van Kenniscentrum suiker & voeding

Suikerbasher Damon Gameau: “Zo nu en dan een beetje suiker wordt echt niemand slechter van”

Suiker komt vaak negatief in het nieuws. Suikerconsumptie zou een belangrijke oorzaak zijn voor hart- en vaatziekten, diabetes en tal van andere ernstige aandoeningen. Deze claims worden echter niet of nauwelijks wetenschappelijk onderbouwd. Wordt suiker onterecht gedemoniseerd?

Beeld Kenniscentrum suiker & voeding

Vele decennia gold vet als dé grote boosdoener achter veel levensbedreigende volksziektes. Zo kwam de grote toename van het aantal diabetes type 2-gevallen vanaf de jaren '90 volledig op het conto van vetconsumptie. Dat gold ook voor de obesitasepidemie vanaf de jaren '80, en de opkomst van hart- en vaatziekten van voor de Tweede Wereldoorlog. Wie gezond oud wilde worden, kon vet het best volledig uit zijn eetpatroon weren, zoveel was duidelijk. Pas een jaar of vijftien geleden kwamen bij de gewone consument de eerste tekenen door dat de negatieve berichtgeving over vet wellicht te ver was doorgeslagen. Gevolgd door wetenschappelijke onderzoeken die een veel genuanceerder beeld van vet schetsten.

Opeens bleek een beetje vet op zijn tijd best ok. En kregen we daarna zowaar te maken met het begrip ‘gezonde vetten’. Volgens de meest recente consensus onder voedingswetenschappers horen vetten gewoon thuis in elk gezond eetpatroon. Zolang je maar niet overconsumeert, of te veel van het verzadigde vet binnenkrijgt, is er niets aan de hand. Met het wegvallen van vet als grote boosdoener kregen we echter direct een nieuw vijandbeeld voorgeschoteld. Alle negatieve gevolgen van vetconsumptie schoven opeens bijna één op één door naar een andere ‘giftige’ voedingsstof: suiker. Wie tegenwoordig gezond oud wil worden, kan suiker maar het best volledig uit zijn eetpatroon weren, is de boodschap.

Suikerbashers

Zelfs bekende ‘suikerbashers’ als Damon Gameau geven nu echter aan dat de negatieve berichtgeving over suiker te ver is doorgeschoten. In diverse interviews gaf de maker van de spraakmakende documentaire ‘That Sugar Film’ onlangs aan dat een aantal statements in die video op zijn best verkeerd zijn geïnterpreteerd. En op zijn slechts volledig uit verband zijn gerukt. “Mijn belangrijkste doel was om mensen bewust te maken van het teveel aan suiker dat een deel van de bevolking consumeert”, vertelde Gameau, die nu voor een ‘meer genuanceerde aanpak’ zou hebben gekozen: “Zo nu en dan een beetje suiker wordt echt niemand slechter van.”

Toch is dat wel het beeld dat je krijgt als je in Nederland de media een beetje bijhoudt. Suiker zou onder meer hart- en vaatziekten, diabetes en stemmingswisselingen veroorzaken. Toch kunnen we maar moeilijk stoppen met onze suikerconsumptie, omdat we er ‘verslaafd’ aan zouden zijn. Wie echter beter kijkt naar dit soort onrustbarende claims, constateert telkens weer dat het wetenschappelijke bewijs hiervoor volledig ontbreekt.

Beeld Suiker en aardbeien

Meta-onderzoek

Zo onderzochten de European Food Safety Authority (EFSA), de European Heart Network (EHN) én de Scientific Advisory Committee on Nutrition (SACN) bijvoorbeeld het vermeende verband tussen suikerconsumptie en het risico op hart- en vaatziekten. Na gedegen onderzoek konden deze drie autoriteiten op dit specifieke gebied onvoldoende bewijs vinden voor een verband: die stelling is dus gewoon onjuist. Dat geldt ook voor het vermeende verband tussen suikerconsumptie en diabetes. Vorig jaar brachten Canadese wetenschappers liefst vijftien verschillende onderzoeken over dit onderwerp bij elkaar. Dit zogenaamde meta-onderzoek werd gesponsord door de onafhankelijke Canadian Institutes of Health Research en de Calorie Control Council. Wat bleek: de gezamenlijke studies, met in totaal 251.261 deelnemers, leverden op zijn best ‘zeer zwak bewijs’ op voor een dergelijk verband.

De onderzoekers kwamen overigens wel met alternatieve verklaringen voor de zogenaamde link. Zo zijn suikerhoudende dranken bijvoorbeeld een ‘marker’ voor een ongezonde leefstijl. Met andere woorden: mensen die veel suikerhoudende (fris)dranken consumeren, hebben een hogere energie-inname, zijn minder lichamelijk actief en roken meer. De wetenschappelijke waarheid ligt dus een stuk genuanceerder. Dat geldt ook voor de hardnekkige claims dat suiker ‘verslavend’ zou zijn. Onderzoekers van de Maastricht University concludeerden vorig jaar dat suikerrijke voedingsmiddelen niet bijdragen aan ‘afhankelijkheid voor voedsel’, en dus mits met mate gewoon gegeten kunnen worden.

Wetenschappelijke realiteit

Telkens weer blijkt dat wetenschappelijk bewijs voor de vermeende gezondheidsrisico’s van suiker geheel of grotendeels ontbreekt. De wetenschappelijke realiteit is dat ons lichaam verschillende voedingsstoffen nodig heeft, en dat koolhydraten (suikers en zetmeel) daar een belangrijk onderdeel van uitmaken. In totaal halen Nederlanders gemiddeld 45 procent van de energie-inname uit koolhydraten. Ongeveer de helft (21 procent) daarvan zijn suikers. De Nederlandse Gezondheidsraad adviseert om 40 – 70 procent van je dagelijks energie uit koolhydraten te halen. Ondanks alle alarmerende berichten zitten Nederlanders hiermee gemiddeld dus aan de onderkant van het officiële advies.

Hoeveel koolhydraten je precies nodig hebt, verschilt uiteraard per persoon. Mensen die veel sporten, hebben bijvoorbeeld meer koolhydraten nodig. Koolhydraten is een snelle energiebron voor het lichaam. Het verkiest dus koolhydraten boven vet als brandstof wanneer je intensief beweegt of sport. Dat geldt ook voor mensen die een uitdagende baan hebben, die veel concentratie en denkvermogen vereist. Onze hersenen verbranden ongeveer 130 gram glucose per dag. Wie onvoldoende koolhydraten binnenkrijgt, levert dus onvermijdelijk spier- en denkkracht in.

Beeld Kenniscentrum suiker & voeding

Gemeenschappelijke risicofactor

De wetenschap is telkens ondubbelzinnig in zijn conclusie: de consumptie van suiker of vet leidt op zichzelf niet tot gezondheidsrisico’s. Maar hoe verklaren we dan die zorgwekkende stijging van het aantal gevallen van diabetes en hart- en vaatziekten in de afgelopen decennia? Volgens voedingswetenschappers is er één gemeenschappelijke risicofactor: overgewicht. Kort samengevat komt overgewicht door een overschot aan calorieën. Producten met veel suikers bevatten bijna altijd ook veel vet. Denk bijvoorbeeld aan koek, gebak, chocolade of ijs. Al snel eten we te veel van dit soort calorierijke producten. Daarbij komt dat ‘we’ tegenwoordig veel te weinig bewegen. Dat betekent dat veel mensen meer calorieën binnenkrijgen dan ze verbranden. Op termijn leidt dat onvermijdelijk tot overgewicht, en daarmee tot kwalijke gezondheidsrisico’s.

Dat is ook de reden waarom suikers volgens een lange lijst onafhankelijke instanties, onderzoeken en wetenschappers gewoon in een gezonde leefstijl passen. Die leefstijl bestaat uit voldoende beweging en een uitgebalanceerde, verantwoorde voeding rijk aan groente, fruit en volkorenproducten en laag in verzadigd vet. Eet met voldoende variatie, zorg dat je niet meer eet dan nodig en beperk het aantal eet- en drinkmomenten tot maximaal zeven per dag. Deze laatste aanbeveling is ter voorkoming van tandcariës, oftewel gaatjes. Hoe actiever je leefstijl, hoe meer energie je verbruikt, en hoe meer ruimte er is voor de inname van extra energie. Zo nu en dan een beetje suiker wordt inderdaad niemand slechter van.

De journalisten van de Volkskrant zijn niet betrokken bij en niet verantwoordelijk voor de inhoud van dit artikel.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.