Sudan houdt nieuwe oorlog verborgen

In het westen van Sudan woedt een oorlog die het bewind in Khartoem voor de buitenwereld probeert te verbergen. 'Jullie zwarten roeien we uit.'..

Tine was tot voor kort een bruisende grensplaats, maar nu is het Sudanese stadje aan de grens met Tsjaad verlaten. Er zijn alleen nog rebellen die af en toe uit de lemen huizen loeren, een satelliettelefoon aan het oor, een kalasjnikov in de hand.

Terwijl over de vrede in de rest van Zuid-Sudan wordt onderhandeld, zijn de gevechten in deze uithoek van het land juist opgelaaid.

De VN-vluchtelingenorganisatie Unhcr schat dat de afgelopen maanden 95 duizend inwoners uit deze streek, Darfur, naar Tsjaad zijn gevlucht. Daar leven ze in hun 'steden' van stro en woestijnstruiken.

In Darfur zelf zijn 600 duizend mensen uit hun huizen verdreven. Hoe zij eraan toe zijn, is onmogelijk vast te stellen: de Sudanese regering heeft hulporganisaties de toegang tot het gebied ontzegd, omdat het er te gevaarlijk zou zijn.

De getuigenissen van de vluchtelingen in de gei¿mproviseerde kampen in de savanne van Tsjaad leggen het huiveringwekkende patroon bloot van Sudans jongste conflict, waarin de door de Arabische bevolking in het noorden gedomineerde regering tegenover zwarte rebellen staat.

Een jonge man vertelt dat hij op een ochtend eerder deze maand zijn vee aan het hoeden was, toen gewapende mannen op kamelen en paarden zijn dieren opjoegen en begonnen te schieten. Zijn broer werd gedood, zegt hij. Hijzelf had een kogel in zijn been en strompelde in drie dagen naar de Tsjadische grensplaats Birak op zoek naar een arts.

Een vrouw herinnert zich dat ze opkeek van haar komkommerveldje en een leger op paarden zag naderen. Alle dorpelingen vrouwen alleen nog, omdat de mannen al maanden geleden waren uitgeweken renden de heuvels in. Toen het nacht werd trokken ze met hun kinderen op de rug Tsjaad binnen.

Een andere nieuwkomer vertelt van een aanval op een groep vluchtelingen die hun toevlucht hadden gezocht in een droge rivierbedding, net buiten Tsjaad. Op een vroege zondagmorgen overvielen gewapende mannen henm stalen hun vee en schoten in het wilde weg.

Tamur Bura Idriss (31) zegt dat hij die ochtend zijn oom en zijn grootvader verloor. Hij hoorde een van de overvaller zeggen: 'Jullie zwarten, we roeien jullie uit.'

De vluchtelingen beschrijven hun belagers als Arabische militieleden, gewapend met granaten en machinegeweren, soms in gezelschap van Sudanese militairen in uniform.

Ze zeggen dat hun eigendommen zijn gestolen, dat mannen zijn vermoord en vrouwen verkracht. Er zijn getuigenissen dat dorpen zijn platgebombardeerd door de Sudanese luchtmacht.

De regering staat bezoeken aan Darfur om die verhalen te verifin niet toe.

De zwarte rebellen, die pas in februari vorig jaar hun opstand begonnen, beschuldigen de regering in Khartoem ervan de milities de vrije hand te geven om de bevolking van het land te verdrijven. De regering ontkent dat. Land is al lange tijd bron van conflict tussen de Arabische en zwarte inwoners van Darfur, volkeren van herders.

De opstand in Darfur staat los van die in de rest van het zuiden, waar het SPLA al sinds 1980 strijdt tegen de regering en waar in die oorlog naar schatting 1,5 miljoen mensen zijn omgekomen. Het SPLA en de regering voeren in de Keniaanse plaats Naivasha vredesbesprekingen die in een ver stadium zijn.

De rebellengroepen in Darfur proberen gebruik te maken van die vredesonderhandelingen met het argument dat ook zij deel moeten uitmaken van de machtsdeling. 'Er zal geen vrede in Sudan komen als de gemarginaliseerde streken buiten de vredesregeling worden gehouden,' zegt Abubakar Hamid Nour, een leider van de Beweging voor Recht en Gelijkheid, een van de guerrillagroepen.

Maar voorlopig blijven de inwoners van Darfur de grens met Tsjaad over stromen. Het leven is moeilijk met koude nachten tot het vriespunt. De kampen in Tsjaad zijn overvallen door de milities. Gevechtsvliegtuigen van de Sudanese luchtmacht vliegen boven Tsjadisch gebied.

Eind december viel een bom op het Tsjadische dorp Besa, vijftien kilometer van de grens. Niet ver daar vandaan werd een Sudanese helikopter neergehaald. Tsjadische soldaten zeggen dat ze Sudanese militairen bij het wrak hebben gezien.

De Unhcr is begonnen de Sudanese vluchtelingen naar veiliger oorden over te brengen, op vijftig kilometer van de grens. De organisatie heeft om 16 miljoen dollar hulp gevraagd voor deze operatie. De Verenigde Naties hebben bovendien 11 miljoen dollar nodig om de vluchtelingen te kunnen voeden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden