Succeshappen

Menno Meyjes, Nederlands succesvolste Hollywoodscenarist, regisseerde met Het Diner zijn eerste Nederlandse film. Hoe slaagt een Nederlander in Hollywood?

Tijdens de allereerste vertoning van Het Diner, op het kantoor van producent Eyeworks, lachte één persoon nadrukkelijk harder dan de overige aanwezigen. Het was Herman Koch. De schrijver die, ver voor er sprake was van een verfilming van zijn bestseller, in een interview met de Volkskrant waarschuwde: 'Ik heb nog liever een Amerikaanse B-film dan een Nederlandse A-film - voor zover die al bestaat.'


Aanvankelijk zou Menno Meyjes (59) de roman omvormen tot zo'n Amerikaanse film, zoals Koch prefereerde. De in Bloemendaal geboren Nederlander, die op zijn 18de naar Hollywood vertrok en carrière maakte als scenarist (onder meer The Color Purple, Indiana Jones and the Last Crusade), huurde zelfs een collega in om hem bij te staan bij het verbouwen van Het Diner tot The Dinner. Maar hoe Meyjes ook probeerde, het verhaal over het desastreuze avondje uit van de hufterige ex-leraar Paul Lohman en zijn broer, de beroemde politicus Serge, die met hun echtgenotes samenkomen in een chic restaurant om het delict van hun zoons te bespreken, liet zich niet verplaatsen naar een Amerikaanse arena.


'Ik denk omdat ik uiteindelijk toch te veel een Nederlander ben', zegt Meyjes, die in zijn veertig jaar overzee geregeld het oeuvre van de geschiedkundige Johan Huizinga herlas, en zo zijn beheersing van zijn moedertaal op peil hield. 'De dialoog in Het Diner prikkelde me, dat sarcasme! Hoe meer ik met het boek aan de slag ging, hoe meer ik er een Nederlandse film in zag. Dus toen heb ik Herman maar gebeld.'


Herman was niet zo blij. 'Een beetje humeurig, aanvankelijk. Naaaah oké, zei hij. Maar dan wilde hij wel weten wie Paul ging spelen.' Meyjes kende op Rutger Hauer na ('die ontmoette ik weleens in Los Angeles') geen Nederlandse acteurs. 'Was mijn casting director heel blij mee: ik was onbevooroordeeld. In Amerika of Engeland ken je de films natuurlijk, en ook alle roddels: dat die en die zo moeilijk zijn op de set.'


Bij de tweede gegadigde die binnenkwam voor de hoofdrol, Jacob Derwig, was het al raak. De oefenscène voor de casting was die waarin Paul het schoolhoofd van zijn geschorste zoon uitlegt dat híj het was, de vader, die dat als 'onbehoorlijk' beoordeelde werkstuk over een rigoureus in te voeren doodstraf inspireerde. 'Paul wéét dat hij uitglijdt, dat zijn krankzinnige ideeën zijn zoon in moeilijkheden hebben gebracht, maar Jacob camoufleerde dat dan met zo'n vreemde, fletse glimlach. Dit is een soort van genie, dacht ik meteen. In mijn carrière heb ik met veel goeie acteurs gewerkt, maar Jacob vind ik echt de beste.' Ook Koch gaf zijn zegen; de opnamen konden worden gepland.


De schaarse foto's van Menno Meyjes die te vinden zijn op internet kunnen een verkeerde indruk wekken; op een aantal oogt de Hollander - regenjas, scherpe kaak, tikje wrede mond - meer op de huurmoordenaar uit een Hollywoodfilm dan op een scenarist. Maar wie hem thuis in Engeland opzoekt, in landelijk Somerset, treft een amicaal grinnikende Meyjes in vrijetijdsensemble, die ontspannen rondleidt, brood bakt en de kat voert, en onderwijl zijn ontwakende tienerdochters (drie stuks) goedmoedig uithoort over hun dagbesteding: 'Geen geld nodig? Nee? O, kunnen we dat vastleggen?'


Normaal gesproken schrijft hij, op dit uur van de dag. In opdracht, meestal. Het woestijnepos Black Gold (2011, met Antonio Banderas) bijvoorbeeld, zijn laatste verfilmde script. Of een biografische vertelling over oorlogsfotograaf Robert Capa, een Britse productie die nog altijd niet van de grond is getild. Uurtje of acht beginnen met tikken, tot een uur of twaalf, hooguit één. ''s Nachts? Ben je gék? Tot rond de lunchtijd, meer kan ik niet.'


Daarna de honden uitlaten, of een beetje boksen - de handschoenen slingeren rond in zijn werkkamer. Aan de muur en ingelijst: de statig besnorde stamvaders van het geslacht Meyjes, inclusief grootvader en cavalerist Walter, pal ernaast een foto van Steven Spielberg op de set in de jaren tachtig, vergezeld door zijn Hollandse scenarist. Boven de boekenkast: een door een kunstenaar bewerkte filmposter van Max, Meyjes regiedebuut uit 2002, een periodedrama over de gefrustreerde kunstschilder Adolf Hitler. Goed ontvangen in Engeland en tamelijk controversieel in de Verenigde Staten. 'Ik wilde een film maken over Hitlers kleine, menselijke zondes. Niet over de grote monsterlijke.'


Van alle Nederlanders die ooit op de bonnefooi vertrokken naar Hollywood om het daar te gaan maken moet Meyjes zo ongeveer de meest geslaagde zijn. 'Ik kende helemaal niemand, had geen oom in de filmbusiness of zo. Mijn ouders waren tegen, die zeiden: dan moet je het zelf maar uitzoeken, óók financieel.' Meyjes schreef zich in bij de kunstacademie in San Francisco en huurde een woning die hij deelde met aspirant- filmer Abel Ferrara, toekomstig regisseur van de bad cop-klassieker Bad Lieutenant (1992). Alhoewel hij overal rondbazuinde dat hij scenarist was, kwam de Nederlander nergens aan de bak. Tot The Rolling Stones iemand zochten, voor wat fictieve scènes in een concertfilm. 'Ik kwam 's ochtends vroeg thuis na een feestje toen de telefoon ging: ben jij die Menno Mayjees? O, nou Mick Jagger ontmoet elke scenarist in de stad, kom je ook? Sure, nu?'


Even later zat hij verfrommeld van een nacht zonder slaap tegenover Jagger, in een witte overall en een wit smokingjasje, voor 2 dollar gekocht in een tweedehandswinkel. 'Hij nam me zo een beetje op en zei: oké, jij wordt het.'


1.500 dollar leverde de opdracht op die, zoals vaker voorkomt, nooit zou resulteren in een film.


Dat gaf niet, want Meyjes had direct zijn enige vage contact in de film- wereld gebeld, een dame van de studio van Francis Ford Coppola die hem tot dan toe negeerde; wist ze al dat hij nu voor Jagger schreef?'O, nou kom maar langs dan.'


'Dat werd mijn eerste Hollywoodpitch, voor de head of development en castingdirector van Coppola. Die mensen lachen niet hoor, als je aanschuift. Dat gaat zo van: wat heb je? Ik: een idee over kinderkruistochten. Over wat? Kinderkruistochten. O, de Middeleeuwen. Er viel een stilte. Dit gaat helemaal de mist in, dacht ik, dus in een wanhoopspoging trok ik alles uit de kast.' Vervolgens klonk het bekende 'je hoort van ons'. Terwijl hij naar buiten liep, prikten de tranen in zijn ogen: kans verpest. Maar toen hij thuis kwam, hing de studio al aan de telefoon, hij kon aan de slag.


Lionheart, de avonturenfilm naar zijn eerste script, werd uiteindelijk pas eind jaren tachtig opgenomen, onder supervisie van Coppola's zus Talia. Voor die tijd brak Meyjes al door met zijn bewerking van de roman The Color Purple, waarin Alice Walker het leven beschreef van een door haar man onderdrukte zwarte vrouw in de VS anno 1900. Geregisseerd door Steven Spielberg, die zich voor het eerst in zijn carrière inliet met serieus drama. 'Steven ontmoet élke scenarist, dus kom jij ook maar langs. Zo ging dat telefoontje, net als bij Jagger. Dat ik tegenover Steven prompt zei dat hij er geen kleine, elitaire film van moest maken, viel goed.' Meyjes stelde voor om de brieven in het boek, die het door Whoopie Goldberg te vertolken hoofdpersonage richt aan God, te doen dienen als voice-over. 'Dáár zat volgens mij de sleutel tot de verfilming.'


Na het gesprek sloot Meyjes zich op in het tegenwoordig zowel chique als fameuze, maar destijds vooral verlopen hotel Chateau Marmont te Los Angeles. 'Ik was net van de eerste mevrouw Meyjes af, of zij van mij. Levend op koffie en sigaretten schreef ik 180 pagina's script in tweeënhalve week. Vond Spielberg wel stoer.'


The Color Purple was goed voor elf Oscarnominaties, waaronder een voor het scenario, maar geen bekroning - een negatief record. 'We voorvoelden dat wel. De film was een commercieel succes, maar er werd ook flink gemopperd, onder meer door Spike Lee. Waarom moesten Spielberg en ik, twee blanke mannen van wie eentje nog Hollander ook, nou uitgerekend een roman verfilmen waarin de zwarte man in een kwaad daglicht wordt gesteld?'


Het klikte tussen Meyjes en Spielberg, die zijn scenaristen graag voortdurend bij zich heeft tijdens opnamen. Te paard reden de twee elke ochtend rondjes over de set in North- Carolina, om de vorderingen te bespreken. Vervolgens vroeg de regisseur hem ook voor herschrijfwerk aan zijn oorlogsepos Empire of the Sun (1987) en voor het verhaal van het derde Indiana Jonesavontuur, Indiana Jones and the Last Crusade (1989). Gedurende een maand reed Meyjes elke ochtend naar de Skywalker Ranch van producent George Lucas, die dan al klaar zat voor overleg. 'Op Wikipedia las ik eens dat George bedacht dat Indiana zou zoeken naar de Heilige Graal, maar dat was mijn idee. We hadden van die meetings waar je geacht werd zo veel mogelijk ideeën eruit te gooien: van Indiana Jones and the Monkey King tot aan Indiana Jones en de zonnebril van de hel, zeg maar. Zo kwam ik op die graal. George hapte meteen toe, maar hij zei ook: daar zou Indy nooit zelf opkomen, want Indy is een materialist, dus voor die graal hebben we nog iemand anders nodig, een vader (de rol van Sean Connery). Dat heb ik altijd onthouden: George dacht meteen vanuit het karakter van zijn held, en dat werkt.'


Meyjes keek nooit ook maar één van die zo populaire boekjes in die beloven dat iedereen - in een stap of wat - een gouden Hollywoodscript kan schrijven. 'Is het die auteurs ooit zelf gelukt? Nee. Dus waarom zou je dat lezen? Intuïtie is belangrijker dan al die zogenaamde regels en formules.'


Was hij nu 18, dan zou Meyjes vermoedelijk niet meer naar Hollywood gaan. 'De vroege jaren zeventig, dat was de tijd van Godfather 1 en 2, en The Conversation. Nu heb je daar als filmmaker veel minder vrijheid. Ik schrijf af en toe nog wel voor Hollywood- studio's, ook als scriptdokter, maar mijn werk speelt zich nu veel meer af in Europa, waar de producties ook vaak interessanter zijn.'


Zijn late overstap naar de Nederlandse filmwereld verliep soepel. 'Uitstekende crew, geweldige cast. En ik vond Eyeworks stoer. Die Reinout (Oerlemans, red.) komt binnen, luistert en: beng, hij beslist. Gewoon recht door zee.' Dat de commissie- leden van het Filmfonds hem bij de beoordeling van het script voor Het Diner lieten weten dat zijn gebruik van voice-over in films eigenlijk not done was, daar wond hij zich niet over op. 'Welnee, zo'n Filmfonds is gewoon de Nederlandse versie van een studio, dat hoort erbij. Al begrijp ik het nog steeds niet, zo'n theoretisch bezwaar.'


Het regisseren zelf, daar wordt volgens Meyjes vaak te moeilijk over gedacht. 'Het is makkelijker dan schrijven, vind ik. Als het scenario en de acteurs goed zijn, ben je al zo ver. En de camera komt ook zonder jou wel op z'n plaats. Je moet op de set vooral niet in de weg staan van je eigen film.'


Toch was de filmmaker er niet helemaal gerust op, toen hij afgelopen zomer zijn vers afgemonteerde film presenteerde, in aanwezigheid van de Eyeworkstop en schrijver Herman Koch. De opmerking over die al of niet-bestaande Nederlandse A-film zong na.


'Niet weggaan hoor', riep Koch naar Meyjes, direct na afloop van de vertoning, bij het aanfloepen van het licht. 'Ik ga alléén maar heel aardige dingen tegen je zeggen.'








Vervolg van pagina V3


Lees verder op pagina V4


Van Bloemendaal tot San Francisco


Menno Meyjes, in 1954 geboren in Bloemendaal, groeide op als enig kind in de omgeving van Eindhoven, waar zijn vader bij Philips werkte. Moeder verzamelde kunst. Na een schooltijd aan het internaat vertrok Meyjes in 1972 naar San Francisco, waar hij aan de kunstacademie studeerde voor hij doorbrak als Hollywoodscenarist. Hij is getrouwd met kunstenares Natalie Meyjes, tevens bekende oud-danseres van het ballet in San Francisco.


Remake


Kort nadat Menno Meyjes' verfilming van Het Diner in september in wereldpremière was gegaan op het festival van Toronto, kondigde de Australische actrice en toneelregisseur Cate Blanchett (dit jaar Oscarkandidaat voor haar hoofdrol in Woody Allens Blue Jasmine) aan dat ze een internationale remake zal maken van de film.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden