Stukgeknepen in de nietsontziende politiegrijper

Woonwagenkamp Vinkenslag likt een dag na de grote politieactie tegen de hennepteelt de wonden. De gemeente kan de geplande sanering van het terrein nu wel vergeten....

Wagens met Poolse, Belgische, Duitse en Nederlandse kentekens rijden in en uit. Het merendeel van de kampbewoners zit in de autohandel. Snijders is een grote jongen: hij heeft een afgesloten terrein met loodsen tot zijn beschikking. Maar ook pal langs de woonwagens en huizen staan auto's kriskras door elkaar.

Een vrachtwagen vervoert schroot naar de metaalhandel midden op het terrein. Ook de deuren van de schoenenverkoper, in een container vol schoenendozen, staan open. Achter op het 11 hectare grote terrein, dat ligt ingeklemd tussen snelweg en spoorlijn, zijn de sloperijen met hun eindeloze bergen schroot.

'Menselijk gezien hebben we de oorlog overleefd. Maar geestelijk nog niet', zegt broer Gerrit Snijders (42), die ook 'een beetje in auto's doet'. De kampers zijn boos, heel boos. Over het enorme machtsvertoon van de autoriteiten en over de enorme puinhoop die de politie achterliet. 'Ze hebben zomaar olie over de straat laten lopen', smaalt een vrouw, wijzend op de zwarte drab op de hoofdweg. De olie komt uit vaten waarop de noodaggregaten waren aangesloten, die de politie dinsdag in beslag nam. Volgens de kampers is een fietser al uitgegleden over de olie: 'Levensgevaarlijk.'

Bij autohandel Remmers is een grote loods platgewalst. Niet alleen 'enkele' wietplantjes zijn vernietigd. Ook alle auto-onderdelen die in de loods lagen, zijn 'kapot geknepen' door de nietsontziende grijper van de politie. 'Die man heeft enorme schade. Ook de rollen met leren autobekleding zijn kapot', zegt Harie Snijders (15). De politie ontmantelde dinsdag 22 wietplantages. Op 37 andere locaties werd professionele aparatuur voor hennepteelt aangetroffen.

De sporen van de politieactie zijn nog te zien. Naast een lage lange metalen schuur liggen honderden plastic plantenbakjes. Verderop een berg lege bloempotjes naast twee witte containers, met daarop de cryptische tekst: 'Welkom thuis'. Her en der staan grote bakken teelaarde. Drie loodsen zijn platgewalst. Ze zijn van 'recidivisten', aldus burgemeester Leers, omdat er ook vorig jaar al hennepplantjes zijn aangetroffen.

'De autohandel is sterk teruggelopen', vertelt Gerrit Snijders. 'De Polen en Tsjechen moeten tegenwoordig te veel invoerrechten betalen.' Dit is volgens hem de verklaring voor de tot dinsdag bloeiende wietteelt. 'Je moet ergens je brood mee verdienen.'

Vinkenslag heeft een roemruchte historie. In 1975 werd het kamp in Maastricht-Zuid feestelijk geopend door toenmalig burgemeester Baeten en kampoudste Remmers, onder muzikale begeleiding van de Politiekapel. Een jaar daarna volgde de eerste politie-inval, met 250 agenten. Zeven mensen werden opgepakt, enkelen met molotovcocktails in hun bezit.

Bij die inval bleef het niet. Vinkenslag werd veelvuldig in verband gebracht met criminaliteit, vernielingen en onbetaalde energierekeningen. De gemeente wilde het uitdijende kamp afbouwen en de bewoners over kleinere, beter beheersbare locaties verspreiden. In 1990 bezetten boze Vinkenslagbewoners de raadszaal, uit protest tegen de plannen.

Ook de drugshandel vond zijn weg naar het kamp. De twee Maastrichtse drugsbaronnen Rinus den B. en Nico van G., die in 1998 bij Hilvarenbeek werden vermoord, kwamen van Vinkenslag.

Aan de huisvesting is te zien dat het sommige bewoners goed is gegaan. Op Vinkenslag zijn nog maar weinig 'klassieke' woonwagens te zien. De meeste kampers wonen in stenen huizen, vaak met twee verdiepingen, gedecoreerde balkons en rieten daken.

Vorig jaar tekenden gemeenten en bewoners een convenant voor een grondige sanering van Vinkenslag. Niet alleen de door de sloperijen sterk vervuilde grond moet worden schoongemaakt. Ook wil het gemeentebestuur Vinkenslag omtoveren in een bedrijventerrein. Alleen de autohandelaren mogen er blijven wonen en werken, op goedgekeurde bedrijven. Dat zijn er circa tachtig, van wie bijna vijftig al het vereiste IMK-keurmerk bezitten.

De ongeveer tien sloperijen moeten verhuizen naar de andere kant van de spoorlijn. Het resterende dertigtal gezinnen wordt verspreid over andere woonwagenlocaties in de stad. Als gevolg daalt het aantal 'staanplaatsen' op Vinkenslag van 120 naar 80.

Ook FC Vinkenslag, de voetbaltrots van de kampers - ook al wordt het eerste elftal tegenwoordig louter bevolkt met jongens 'van buiten' - moet verhuizen naar de andere kant van de spoorlijn. Nu liggen beide velden van de verdienstelijke hoofdklasser nog pal naast de woonwagens.

De sanering en herinrichting van Vinkenslag gaat 24 miljoen euro kosten en moet uiterlijk in 2007 zijn afgerond. Maar sinds dinsdag kan de gemeente dat wel vergeten. 'We praten niet meer met Leers', zegt hun woordvoerder Sjeng Scheffer. 'We blijven mooi zitten waar we zitten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden