Studententijdschriften zitten in de verdrukking

Studententijdschriften worden journalistiek en financieel beperkt. ‘Het is een schande.

Hoofdredacteur Jim Jansen (39) van Folia heeft mazzel. ‘Ik kan in Amsterdam mijn werk doen, er heerst hier weinig angst. Onze onderzoekers kan het niet schelen wat het universiteitsbestuur van ze vindt.’ Dat is bij veel hogescholen wel anders. ‘Daar wil niemand geïnterviewd worden of een opiniestuk schrijven.’

Grip

Folia is het oudste universiteitsblad van Nederland. Het blad wordt uitgegeven door de Stichting Folia Civitatis en niet door het universiteitsbestuur. Binnenkort zal ook Havana van de HvA onder deze stichting gaan vallen. ‘Daar ben ik blij mee. Wij zijn al journalistiek onafhankelijk, Havana wordt dat ook. Een gedurfde keuze van de HvA, want ze krijgen nu minder grip op het blad.’ Fysiek zijn de twee bladen al op één redactie ondergebracht. De titels blijven gescheiden, maar ‘werken intensief samen’.

Als voorzitter van de Kring van Hoofdredacteuren van Hogeronderwijsbladen inventariseert Jansen geregeld de situatie in de rest van het land. Hij hoort veel kommer en kwel: ‘Het Haagse Atrium houdt op te bestaan en gaat na de zomer met het alumniblad verder onder de naam H/Link. De redactie wordt deel van de afdeling communicatie. De studenten van Hogeschool Windesheim zullen via een website bediend worden, het blad hskwin’ zal zich vooral richten op medewerkers en opinie.’

Jansen kan nog wel even doorgaan. ‘Het bestuur van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen vernietigde eind mei de oplage van Sensor zonder medeweten van de zogenaamd onafhankelijke hoofdredactie, na een klacht over een suggestieve kop.’

In Utrecht is de situatie volgens Jansen het ergst. ‘Die universiteit wordt bestuurd door regentes Yvonne van Rooy (CDA). Zij wil vooral de baas zijn en heeft met de hoofdredacteur het Ublad, na Folia het oudste Nederlandse universiteitsblad, de nek omgedraaid. Het blad is vervangen door een website, maar die is maanden offline geweest. Ik vind het een schande, een universiteit zonder blad.’

Bestuurders

De rol van onderwijsbestuurders is volgens Jansen te groot geworden. ‘Ze bellen laf vanuit hun ivoren toren naar het hoofd communicatie, die de hoofdredacteur vervolgens op zijn flikker geeft.’ En dat terwijl een universiteit in Jansens optiek bovenal een plek moet zijn waar studenten openlijk kunnen discussiëren. ‘Studenten moeten een mening leren vormen en een universiteitsblad speelt daarbij een rol. Als je een blad om zeep helpt, neem je jezelf als onderwijsinstelling niet serieus.’

Folia kan zich vrij bewegen over het UvA-terrein, en ook de oplage van 13.500 exemplaren blijft stabiel. Waar Folia, net als alle studentenbladen, ongelukkig van wordt, zijn dalende advertentie-inkomsten. ‘Het is dramatisch, er wordt niets meer verkocht. Onze klanten waren grote jongens: Delta Lloyd, ABN Amro, Shell. Advertentie-inkomsten zijn 20 procent van mijn jaarbudget, maar dit jaar niet komt er bijna niets binnen.’

Jansen probeert ‘creatief’ te zijn en binnen de universiteitsmuren adverteerders te vinden. ‘Als ik niets doe, heb ik in oktober een groot probleem.’ Collega hoofdredacteuren klagen volgens Jansen geregeld, maar kijken niet kritisch naar zichzelf. ‘De alom bekende Bert Vuijsje zegt altijd: een hoofdredacteur ben je tussen de vier en zes jaar. Veel studentenbladen staan stil, omdat ze al twintig, dertig, soms veertig jaar dezelfde hoofdredacteur hebben. Maar wie leest er nog een suf krantje met een vouw door het midden?’

Toegegeven, de Nederlandse student is niet de makkelijkste doelgroep. ‘Studenten zijn anders dan tien jaar geleden. De mediaconsumptie is anders, de betrokkenheid bij universiteiten is gering en bij de hogescholen helemaal nul. Studenten willen naast studeren ook werken, sporten en uitgaan. Daarnaast moeten ze ook nog betrokken zijn bij de universiteit, in de studentenraad zitten en studentenbladen lezen.’

Komkommer

Jansen ‘verleidt’ zijn lezer daarom met wat hij het ‘sandwichprincipe’ noemt. ‘Op een sandwich zit kaas, maar je houdt niet van kaas. Daar flikker ik dan tomaat, sla en komkommer op, want dat vind je wel lekker. De harde nieuws- en onderzoeksverhalen zijn de kaas, maar daar zet ik een luchtige column of filmladder tegenover.’ Ook probeert Jansen zich te omringen met jonge medewerkers, die weten wat er speelt in het studentenleven. ‘Ik ben jong van geest, maar weet ook niet alles meer.’

Vooruitstrevend als Jansen is, hij gelooft niet in complete digitalisering van studentenbladen. Papieren, digitale en andere platformen zijn in zijn ogen complementair. ‘Studentenbladen moeten meer doen dan alleen een krantje maken. Ik geloof in evenementen, op een podium vertellen wie je bent. Zo organiseren wij tijdens de intreeweek een onderwijsdebat. Daar komen vierduizend studenten op af!’

Voor Jansen zijn dergelijke evenementen een goede manier om adverteerders een nieuw podium te geven en zijn blad bij nieuwe zieltjes onder de aandacht te brengen. ‘Soms voel ik me een Jehovagetuige met de Wachttoren in zijn hand: geloof in ons!’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.