Studenten hoeven niet zo nodig naar het buitenland

Minister Ritzen van Onderwijs hamert steeds weer op noodzaak en nut van studeren in het buitenland. Maar studenten zijn huiverig geworden voor een studie over de grens sinds de invoering van prestatie- en tempobeurs, al zijn er volgens onderzoekers ook andere dan financiële overwegingen om te besluiten niet weg te...

'Welke student wil geen kijkje nemen over de grens? Kennismaken met de taal, de cultuur en het onderwijs en tegelijkertijd zijn cv een internationaal tintje geven?' Met deze woorden probeert de Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationalisering van het onderwijs, studenten ervan te overtuigen een deel van hun studie over de grens door te brengen.

Ondanks allerlei stimulerende maatregelen van minister Ritzen van Onderwijs - internationalisering is zijn stokpaardje - lieten het vorige studiejaar aanzienlijk minder studenten zich overhalen tot een studie in het buitenland. De tempo- en de prestatiebeurs lijken een schrikreactie te hebben veroorzaakt.

'Bij universiteiten was een daling van 20 procent te zien van het aantal aanvragen voor Erasmusbeurzen en bij hbo's kwam de groei tot stilstand', zegt K. Kouwenaar, hoofd internationalisering van het Nuffic. De Erasmusbeurzen zijn sinds 1995 ondergebracht in het Socratesprogramma en worden betaald door de Europese Unie.

Minister Ritzen vond de cijfers verontrustend. Hij vroeg aan de Nuffic onderzoek te doen naar de precieze omvang en oorzaken van de terugval. Half oktober verschijnt een rapport met de uitkomsten van dit onderzoek.

Kouwenaar vindt het te ver gaan om de tempobeurs - studenten moeten in vier jaar afstuderen, anders wordt een deel van hun beurs omgezet in een lening - als enige oorzaak aan te wijzen. 'We weten nog altijd niet wat studenten doet besluiten om wel of niet naar het buitenland te gaan. Het is voorstelbaar dat het toenenemen van druk effect heeft op de avontuurlijkheid van studenten. Maar ook geld, vriendin, vertalen van studiepunten en een bijbaantje kunnen een rol spelen.'

Aan de Erasmusuniversiteit in Rotterdam is geschrokken gereageerd op de terugval. 'Er gingen jaarlijks ongeveer 500 studenten naar het buitenland. Nu zijn dat er hooguit 250', zegt R. van der Zwet, coördinator van het informatiecentrum internationale relaties.

Ook hij wijt de afnemende belangstelling niet alleen aan de tempobeurs. 'Wij zijn zelf zo overtuigd geraakt van het belang van studeren in het buitenland, dat we misschien te weinig aan voorlichting zijn gaan doen. Dat idee is behoorlijk frustrerend. Daarom hebben we een folder ontwikkeld voor studenten die net hun propedeuse gehaald hebben. Ook is er een plan om ieder jaar een internationaliseringsdag te organiseren. Met kraampjes, hapjes en buitenlandse gasten.'

In Nijmegen was er ook sprake van een kleine terugval, maar minder dan in Rotterdam. 'Maar wij voelen ook de angst onder studenten als gevolg van kwijtraken van studiepunten en tijdverlies', zegt M. Janssen, hoofd Bureau Buitenland aan de Katholieke Universiteit Nijmegen (KUN).

De universiteit zal daarom dit jaar extra beurzen verstrekken. Janssen: 'We gaan ook taalcursussen aanbieden die de studenten deels vergoed krijgen. Iemand die naar Frankrijk wil, moet eerst een taaltest doen. Als zijn Frans onvoldoende is, kan hij een cursus volgen.' Bij de KUN ligt de nadruk van internationalisering op de samenwerking met grenslanden. Janssen: 'Wat dat betreft zitten we op een lijn met Ritzen.'

De KUN heeft een enquête gehouden onder 325 'thuisblijvers'. Daaruit bleek dat voor 76 procent financiële problemen en de tempobeurs redenen waren om niet naar het buitenland te gaan. 60 Procent noemde het niet op de hoogte zijn van de mogelijkheden als argument en 43 procent vreesde ouders of verkering te zullen missen. Hieruit concluderen de onderzoekers dat niet de tempobeurs op zichzelf, maar een combinatie van factoren studenten thuis doet blijven.

Aan de Universiteit van Amsterdam daalde vorig studiejaar het aantal studenten dat met een Erasmusbeurs naar het buitenland ging met 25 procent. 'Bij onze andere uitwisselingsprogramma's, bijvoorbeeld met de Verenigde Staten en Oost-Europa, heb ik echter geen daling kunnen constateren', zegt P. Blok, hoofd Bureau Buitenland.

De UvA is, net als de Erasmusuniversiteit, actiever gaan voorlichten om de afname te stoppen. 'We hebben affiches gemaakt, folders verspreid en een actieweek gehouden.' Blok sluit niet uit dat er bij studenten sprake was van een eenmalige schrikreactie. 'Hoewel het nog vroeg in het studiejaar is, lijkt er weer herstel op te treden in de aanvragen.'

Volgens Blok is er een groep studenten die sowieso naar het buitenland vertrekt, maar gaat de grootste categorie alleen als je mogelijkheden aanbiedt. 'En een kleine groep vertrekt pas als je het in hapklare brokken aan hen serveert.' Met name voor de tweede, grootste groep studenten zijn de beurzen zo belangrijk, meent Blok. 'Die zijn het duwtje in de rug. Een beurs is nooit kostendekkend, studenten moeten er echt iets voor over hebben.'

J. Torenbeek, hoofd Bureau Buitenland bij de Universiteit Utrecht maakt zich nog geen zorgen. 'In tien jaar tijd zijn we van jaarlijks twintig studenten in het buitenland gestegen naar zeshonderd. Die toename kwam omdat studenten het belang van studeren in het buitenland inzagen, maar ook omdat het mode was. Nu de tempobeurs is geïntroduceerd zie je een kleine daling, die volgens mij het gevolg is van een correctie. Die laatste groep blijft nu thuis.'

Torenbeek verwacht dat het schokeffect van de tempobeurs tijdelijk is. 'De volgende generatie is eraan gewend. De huidige student is al veel calculerender geworden.' Hij constateert wel dat studenten tegenwoordig korter naar het buitenland gaan dan vijf jaar geleden.

En Torenbeek ziet in Utrecht nog een verschuiving. 'Minder studenten gaan naar Europa en meer naar de Verenigde Staten en Australië. Het is nu een trend om zover mogelijk weg te gaan. Hoe verder hoe mooier. Mobiliteit in Europa is zo gewoon geworden.'

Minister Ritzen zal niet blij zijn met deze ontwikkeling. Hij benadrukt juist het belang van Europese mobiliteit. Onlangs liet hij weten dat duizend studenten een beurs krijgen waarmee zij kunnen gaan studeren in een van de landen van de Europese Unie waar studenten geen recht op Nederlandse studiefinanciering hebben. Nu mogen studenten alleen hun beurs behouden als ze naar een grensgebied gaan, bijvoorbeeld Vlaanderen of Noordrijn-Westfalen.

Samenwerking met grenslanden en het vormen van internationale consortia zijn in de plaats gekomen van het stimuleringsprogramma STIR. Studenten konden op basis van deze regeling beurzen ontvangen voor een buitenlands verblijf. De regeling was populair, maar volgens Ritzen hadden de toewijzingen een te individueel en incidenteel karakter.

'Vooral de hogescholen hebben onder het stopzetten van STIR te lijden gehad,' zegt Kouwenaar van de Nuffic. 'Alle universiteiten hebben inmiddels een goede infrastructuur in de vorm van een bureau buitenland. Bij hbo's is dat nog niet overal het geval. Die zijn de laatste jaren veelal druk geweest met fusies en bezuinigingen.'

De Hogeschool Arnhem en Nijmegen houdt zich al wel actief met internationalisering bezig. 'Via de STIR hebben wij een wereldwijd netwerk van steunpunten opgebouwd in onder meer Rusland, Zuid-Afrika, de VS en Indonesië', zegt F. Wierink, directeur van het Bureau Buitenland.

Hij kan nog niet zeggen of door het wegvallen van de STIR-beurzen minder studenten naar het buitenland gaan. De nadruk die Ritzen legt op studeren in Europa noemt Wierink kortzichtig. 'Er is hier bijvoorbeeld een grote groep studenten gezondheidszorg, die graag een stage willen lopen in een ontwikkelingsland omdat ze daar misschien aan het werk willen. Het frappante is, dat een student met een beurs van 250 gulden al heel blij is, ook al kost de reis 2500 gulden. Het gaat om dat kleine duwtje in de rug.'

Het beleid is er niet op gericht om zoveel mogelijk studenten een kans te geven in het buitenland te studeren, meent Wierink. 'Zo is er het Japan prijswinnaarsprogramma, dat een kleine groep excellente studenten voor 20 duizend gulden per persoon naar Japan laat gaan. Terwijl die studenten er toch wel komen. Met dat bedrag zou ik veertig mensen blij kunnen maken. STIR was er voor iedereen. Dat vind ik jammer.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden