STROPDASSENOVERDESCHOUDERLEGGER

MINISTER Melkert is een minister die laat zien dat de PvdA nog steeds over bovenmiddelmatig bestuurlijk talent beschikt. Hij kent zijn zaken, hij is een goed bestuuurder, een handige onderhandelaar en hij schijnt goed te beseffen hoe ver je in het politieke gewoel te ver kunt gaan....

Met een niet aflatende ijver is Melkert als minister van werkgelegenheid bezig de werkgelegenheid te bevorderen en de werkloosheid te bestrijden. Het eerste lukt aardig, het tweede minder. Als in de tweede helft van het jaar de aantrekkende economie tot capaciteitsproblemen in een deel van de bedrijven zal leiden, zal de vraag naar arbeid stijgen. Het CPB verwacht dan een groei met zo'n honderdduizend banen per jaar, waarvan veel deeltijdbanen. Maar de ervaring in een soortgelijke periode van banengroei in de tweede helft van de jaren tachtig leert dat die banen voor maar 10 procent terecht zullen komen bij mensen die nu een uitkering hebben.

Om het probleem wat gestileerd neer te zetten: de economische groei levert wel banen op, maar niet voor werklozen. Melkert legt zich daar niet bij neer en komt met een vloed van maatregelen om, overdreven gezegd, iedere werkloze persoonlijk te begeleiden naar een baan. Omdat de markt geen banen schept voor de langdurig werklozen, probeert Melkert dat. En daar beginnen de problemen. Omdat het gemaakte banen zijn, krijgen ze de naam van de maker. Daarmee worden ze geëtiketteerd als banen voor mensen die voor 'normaal' werk niet in aanmerking komen.

Treurig genoeg zullen in menige sollicitatieprocedure in de toekomst mensen worden afgewezen omdat ze in het circuit van Melkert hebben gezeten. Gedeeltelijk is die etikettering ook nog terecht. In de gesubsidieerde sector worden nu hulpconciërges aangesteld die stoelen moeten rechtzetten of worden schoonmaakbedrijven afgedankt om zelf weer schoonmakers in dienst te kunnen nemen. Het grote bezwaar is niet alleen dat die mensen overbodig werk doen of regulier werk uitdrijven, maar ook dat het efficiency-bederf tot gevolg heeft. Waarmee de voordelen van de grote bezuinigingsoperaties in de gesubsidieerde sector verloren dreigen te gaan.

Voor Melkert is de grote werkloosheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt 'geen natuurverschijnsel' en is herstel van volledige werkgelegenheid op termijn wel degelijk mogelijk. Tegelijkertijd gelooft hij dat dit mogelijk is met behoud van de belangrijkste arrangementen van de verzorgingsstaat. Dat is volgens mij zijn fundamentele vergissing. Want weliswaar is de grote werkloosheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt geen natuurverschijnsel maar wel een cultuurverschijnsel.

Het grote probleem in Europa is dat men enerzijds wil vasthouden aan het Rijnlandse model van sociale verworvenheden en tegelijkertijd mee wil doen aan de concurrentieslag tussen de continenten. Maar mensen met de laagste opleiding hebben onvoldoende productief vermogen om een bij het Rijnlandse model passend minimum-bestaansniveau te verdienen. Als je die laaggeschoolde mensen dan toch aan het werk wil krijgen, kan je kiezen tussen concessies aan het Amerikaanse model of aan het (ex)communistische model.

In het Amerikaanse model worden de lonen zo ver verlaagd dat een portier bij wijze van spreken weer goedkoper wordt dan een automatische deur. In het (ex)communistische model worden banen bedacht uitsluitend met de bedoeling iemand een loon te kunnen geven. Absurde voorbeelden daarvan gaf Ton Kock in een reisverslag uit China in het weekblad van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten:

'De meest bizarre ''Melkert-banen'' vind ik in de kraakheldere toiletten van de vijfsterren hotels en luxe restaurants. Allereerst is er de waterdoorspoeler: een jongeman die scherp oplet of je klaar bent en dan met een centrale knop het water door de bakken spoelt. Dan de kranenopendraaier: een jongeman die snel de kraan opendraait zodat je uitsluitend zeep hoeft te pakken om je handen te wassen. Vervolgens de handdoekjesaanreiker die je een klein schoon handdoekje aanreikt.

'In één hotel heeft de leiding iets verzonnen dat alle andere baantjes in originaliteit ver achter zich laat: de stropdassenoverdeschouderlegger. . . Inderdaad: een jongeman die als je wil plassen, heel behoedzaam je stropdas over je schouder legt, en als je klaar bent 'm weer terughangt. Het meest bizarre summum van dienstverlening dat ik ooit heb meegemaakt.'

Ik geloof in de mogelijkheid van een derde Europese weg zonder te vervallen in dit soort adsurditeiten. In mijn model wordt de minimumbestaanszekerheid niet gekoppeld aan zinloos en vernederend werk, maar aan een basisinkomen dat onderdeel is van het belastingstelsel. Die nieuwe weg werd voorzichtig gewezen in het PvdA-verkiezingsprogramma. Maar aan niets is te merken dat Melkert dat gelezen heeft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden