REPORTAGE

Strijders zonder Allah

Een kleine groep radicaal seculiere jongeren weet zich in de Libische havenstad Zuara te handhaven met kalasjnikovs en andere wapens. Liever spelen ze heavy metal, maar lijfsbehoud gaat voor.

Libië valt ten prooi aan islamistische extremisten, zeggen Kasas en Bunduq, maar hun verzetsgroep in Zuara denkt niet aan opgeven. Beeld Gerbert van der Aa
Libië valt ten prooi aan islamistische extremisten, zeggen Kasas en Bunduq, maar hun verzetsgroep in Zuara denkt niet aan opgeven.Beeld Gerbert van der Aa

Uit de luidsprekers klinkt metalmuziek, op de vloer ligt een geladen kalasjnikov. 'Dit is Libië anno 2015', zegt Kasas Afdis (30), een werkloze radiopresentator uit de havenstad Zuara. 'Ondanks anarchie en economische neergang proberen we er het beste van te maken.'

Kasas schenkt cola in. Eigenlijk drinkt hij liever bier, maar dat is in Libië illegaal. Op de zwarte markt zijn de prijzen door de toegenomen invloed van de radicale islam flink gestegen. 'Libië valt ten prooi aan extremisten', zegt Kasas. 'Maar ik geef niet op. Nooit zal ik accepteren dat anderen bepalen hoe ik mijn leven moet inrichten.'

Ik ben enkele dagen op bezoek in Zuara. Samen met Kasas en een paar van zijn vrienden breng ik een avond en nacht door op een boerderij even buiten de stad. De jongens luisteren naar hun favoriete muziek en praten over het leven. Het buitenverblijf bestaat uit een paar verwaarloosde gebouwen, waar omheen wat kippen en schapen scharrelen. Het is eigendom van de familie van een van de jongens. Het landschap, een uitgestrekte zandvlakte met laag struikgewas, wordt slechts onderbroken door een hoogspanningsleiding. In de verte loopt de weg naar de Libische hoofdstad Tripoli, zo'n honderd kilometer naar het oosten.

Bekende activist

Kasas is een bekende activist in Zuara. Na de revolutie, die in 2011 dictator Moammar al-Kadhafi ten val bracht, begon hij een discussieprogramma op de lokale radio. 'Ik besteedde aandacht aan de spelregels van democratie: dat het alleen werkt als je andersdenkenden tolereert.' Als openlijk atheïst pleitte hij voor vrijheid van godsdienst. 'Helaas was dat voor veel Libiërs een stap te ver.' Vorig jaar kreeg Kasas zijn ontslag. 'Sindsdien hoor je alleen nog maar religieuze gezangen op de lokale radio.' Niet veel later brak er brand uit in zijn woning. Hij houdt rekening met brandstichting, al heeft hij daarvoor geen bewijs.

Kasas en zijn vrienden behoren tot een kleine groep radicaal seculiere jongeren in Zuara. Van de vrijheid die ze genoten direct na het begin van de zogenoemde Arabische Lente is weinig over. De regering in Tripoli bestaat uit een alliantie van de Moslimbroederschap en andere islamisten. En extremisten van IS, die in het midden van Libië gebied in handen hebben, plegen steeds meer aanslagen. Alleen met wapens kunnen de jongeren hun seculiere idealen nog enigszins in de praktijk brengen. 'We hebben onze eigen militie', zegt Kasas krijgshaftig. 'Als liberalen vormen we een kleine minderheid, maar we zullen ons tot de laatste man verdedigen.' Expansie is geen optie, weet Kasas, het enige dat telt, is lijfsbehoud.

Ik ken de groep vrienden rond Kasas al een jaar of acht. Toen Kadhafi nog aan de macht was, raakte ik met hen in contact via een paar Libische politieke vluchtelingen in Nederland. Tijdens de reizen die ik vanaf 1999 door Libië maakte, had ik het land leren kennen als een conservatief islamitisch bolwerk. De vluchtelingen in Nederland lieten een andere kant van het land zien. Ze dronken graag alcohol en lachten om religieuze scherpslijpers. Geld vormde voor de meeste Libiërs, en ook voor de vluchtelingen in Nederland, geen probleem. Door de export van olie en gas was Libië gemeten naar het gemiddeld inkomen het rijkste land van Afrika.

Na Kadhafi honderden ministaatjes

Sinds de dood van Kadhafi in 2011 is Libië uiteengevallen in honderden ministaatjes die allemaal hun eigen leger hebben. Voortdurend zijn er onderlinge gevechten. De gekozen regering werd in 2014 door islamisten verjaagd uit Tripoli. Het gevluchte kabinet streek neer in al-Bayda. Beide regeringen hebben vrijwel geen invloed. Op de meeste plaatsen in Libië zijn lokale krijgsheren aan de macht.

Heavymetalband

Na de val van Kadhafi bruiste het openbare leven in Libië. Seculiere jongeren overal in het land zaten vol idealen en wilden helpen de dictatuur om te vormen in een democratie. In 2011 en 2012 zocht ik een aantal oude bekenden op in Libië. Een van hen had zijn eigen heavymetalband opgericht, een ander werkte voor een internationale mensenrechtenorganisatie. Ze waren hoopvol en vol energie, maar tegelijkertijd viel me op dat ze zich zorgen maakten over de groeiende invloed van de radicale islam. Want behalve liberale jongeren waren er ook heel wat jongeren met meer extremistische idealen. Op veel plaatsen was de roep om de sharia te horen.

In Zuara, waar ongeveer dertigduizend mensen wonen, zijn zes milities. Eén militie heeft ronduit islamistische sympathieën, de andere zijn meer gematigd. Bunduq Asim (30) is de leider van de radicaal seculiere militie in Zuara. Hij is een vriend van Kasas. Net als veel van zijn strijders zegt Bunduq atheïst te zijn. 'Als je een gezond stel hersens hebt, kun je natuurlijk niet in God geloven', lacht hij. Bunduq ziet het als zijn taak om gelijkgestemden te beschermen. Ontvoeringen, bedreigingen en roofovervallen zijn een groeiend probleem. 'Als we vermoeden wie de daders zijn, gaan we verhaal halen. Zonodig dreigen we met geweld.'

De basis van Bunduqs militie, die een paar honderd strijders telt, is gevestigd in een oud regeringsgebouw aan het strand. Voor de deur staan palmbomen, op een omheinde parkeerplaats staat een Toyota Land Cruiser met in de achterbak een driepoot voor een automatisch wapen. Bunduq, in een afgeknipte spijkerbroek en een bruine leren jas, komt net uit het ziekenhuis. Twee strijders zijn vanochtend buiten de stad gewond geraakt bij gevechten met een vijandige militie. 'Een andere strijder is gedood.' Hij zegt het berustend maar aangedaan. De afgelopen jaren heeft hij door geweld al tientallen vrienden verloren.

Bunduq oogt vermoeid. 'Ik heb eigenlijk genoeg van vechten', zegt hij. In het eerste jaar na de val van Kadhafi lukte het de verschillende bevolkingsgroepen in Libië de vrede te bewaren, maar sindsdien lijkt het geweld elke maand toe te nemen. Allerlei conflicten lopen door elkaar heen. De olieproductie, ooit bijna twee miljoen vaten per dag, is ingezakt tot vierhonderdduizend vaten. Armoede neemt toe, steeds meer Libiërs vluchten naar het buitenland. 'Ik vrees dat het op korte termijn niet beter wordt', zegt Bunduq. Door de toegenomen invloed van moslimextremisten en ordinaire conflicten om geld is stoppen met vechten geen optie. 'Er is geen functionerende politie. De enige optie is je beschermen. Anders word je onder de voet gelopen.'

Net als veel andere radicaal seculiere jongeren in Zuara is Bunduq liefhebber van heavy metal. Hij maakt de muziek ook zelf. Een kamer van de kazerne heeft hij omgebouwd tot een studio. In de ruimte staan een drumstel en een aantal gitaren, in een aparte cabine een mengpaneel en opnameapparatuur. Helaas kan Bunduq niks laten horen, omdat de elektriciteit is uitgevallen, maar een paar dagen later lukt het wel om zijn muziek te beluisteren. De opnames klinken professioneel: beukende drums en gierende gitaren, begeleid door een grafstem. 'Ik bespeel alle instrumenten zelf', zegt Bunduq. 'Als de oorlog voorbij is hoop ik alleen nog maar muziek te maken.'

Berbers versus Arabieren

Het is deprimerend om te zien hoe bijna iedereen in Libië gedesillusioneerd is over de revolutie. Het lijkt alsof alleen de moslim-extremisten hebben geprofiteerd. Kadhafi noemde de radicale islam 'gevaarlijker dan aids' en liet duizenden extremisten opsluiten. Toen de revolutie begon, waarschuwde hij dat Libië na zijn vertrek ten prooi zou vallen aan de politieke islam. De meeste Libiërs lachten hem uit, maar bijna vijf jaar later valt moeilijk te ontkennen dat Kadhafi gelijk heeft gehad. 'En toch ben ik blij dat hij weg is', zegt Bunduq. Heel overtuigd klinkt hij niet.

Seculiere inwoners van Zuara beweren dat hun progressieve ideeën wortelen in de Berber-cultuur. De overgrote meerderheid van de bevolking van Zuara behoort tot deze minderheid, die ongeveer 10 procent van de totale Libische bevolking van zes miljoen mensen vormt. Door hun Berber-achtergrond zijn de inwoners van Zuara nauw verwant aan de Marokkanen in Nederland, die ook bijna allemaal Berbers zijn.

De Berbers, die een eigen taal hebben, benadrukken dat ze de oorspronkelijke bevolking van Noord-Afrika zijn. De Arabieren, tegenwoordig de meerderheid in Libië, beschouwen ze als bezetters. Oorspronkelijk zijn de Arabieren immers afkomstig van het Arabisch Schiereiland. Pas vanaf de zevende eeuw vestigden ze zich in Noord-Afrika, waarna ze de autochtone bevolking geleidelijk onderwierpen en islamiseerden. Veel Berbers in Zuara beweren dat Libiërs voor de Arabische bezetting veel liberaler waren.

'We worden gekoloniseerd door Arabieren', zegt Nouha Kamel (25), onderwijzeres op een basisschool in Zuara. 'Ze hebben de traditionele Libische tolerantie kapotgemaakt.' Nouha benadrukt dat niet alle Arabieren conservatieve zeloten zijn. De gewoonte van veel gelovigen om kritiekloos te luisteren naar opportunistische fundamentalistische leiders ziet ze als het grootste probleem. Voor de komst van de islam waren veel Berbers joden of christenen. 'We hadden in die tijd zelfs vrouwelijke leiders', zegt Nouha.

null Beeld Gerbert van der Aa
Beeld Gerbert van der Aa

Bang

In haar ouderlijk huis in Zuara zit ze op een matras op de grond. Ze draagt een zwarte broek en een paarse trui met glitters. Het zwarte haar is onbedekt. Volgens haar vrienden is Nouha de enige vrouw in Zuara die nog zonder hoofddoek over straat gaat. 'Dat is voor mij een heel principieel punt', zegt ze. Dat in de hoofdstad Tripoli de afgelopen maanden meerdere vrouwen zijn vermoord omdat ze geen hoofddoek droegen, schrikt haar niet af. 'Ik heb Bunduq als beschermer', lacht ze.

Nouha doet stoer, maar naarmate ik haar beter leer kennen, ontdek ik dat ze wel degelijk bang is. Op Facebook is ze voorzichtig. Als ze over atheïsme of de islam schrijft, doet ze dat meestal door anderen te citeren. Haar eigen mening laat ze in het midden. Een Libische vriend die op Facebook teksten schreef als 'de islam is een agressieve en minderwaardige godsdienst' en 'geweld tegen andersdenkenden is voor moslims een religieuze plicht' moest twee jaar geleden na doodsbedreigingen het land ontvluchten. Hij woont nu in Finland.

De vader van Nouha brengt een dienblad met thee. Een grijze kat glipt door het openstaande raam. 'Op de school waar ik lesgeef, willen ze nu gescheiden onderwijs voor jongens en meisjes invoeren', vertelt ze. 'Ik probeer alles om het tegen te houden, maar ik vrees dat het niet gaat lukken.' Ook haar weigering om tijdens haar werk een hoofddoek te dragen, veroorzaakt verzet. Zowel ouders als het schoolbestuur hebben geklaagd. 'Je ziet dat steeds meer gewone mensen uit angst luisteren naar de extremisten. Ik vecht door. Maar steeds vaker ben ik bang dat het een verloren strijd is.'

null Beeld Gerbert van der Aa
Beeld Gerbert van der Aa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden