Analyse

Strijd om 800 miljard is begonnen: welk EU-land heeft het beste plan voor de toekomst?

800 miljard euro zit er in het Europees herstelfonds dat EU-landen duurzamer, moderner en ook meer coronabestendig moet maken. Een unieke operatie, ook voor Brussel. Falen is geen optie. Landen tikken hun vingers blauw op prachtige nationale herstelplannen. Alleen Nederland heeft nog niets. En de deadline nadert snel.

Jonge visverkoper in Napels. Beeld Giulio Piscitelli
Jonge visverkoper in Napels.Beeld Giulio Piscitelli

Voorzitter Ursula von der Leyen van de Europese Commissie is bijzonder populair deze weken bij de regeringsleiders. Minstens twee, drie premiers per dag hangen bij haar aan de lijn om zekerheid te krijgen dat hun nationale herstelplan, gefinancierd met EU-miljarden, niet wordt afgekeurd. Stevige politieke druk tegen potentieel gezichts- én miljardenverlies.

Andersom werkten honderden Commissie-ambtenaren zich de afgelopen maanden een slag in de rondte – ‘24/7, en dan overdrijf ik niet’, aldus een van hen – om met intensief voorwerk zo’n blamage te voorkomen. Want de EU staat op de drempel van iets unieks: 800 miljard euro EU-geld verdelen; de economieën uit de coronarecessie trekken; een groene en digitale omwenteling in gang zetten; lang gewenste hervormingen afdwingen; én Italië als de kwakkelaar van de eurozone structureel te versterken. ‘De kans van de eeuw’, zei Von der Leyen deze week. ‘En die kans mogen we niet missen’, stelt een van haar ambtenaren.

Duitsland, Frankrijk en Griekenland stuurden hun herstelplannen woensdag naar de Commissie, Italië deed dat op maandag, Portugal vorige week, Spanje komt nog voor het weekend. Voorstellen voor honderden miljarden euro’s om de economische groei op een duurzame en digitale manier aan te jagen. De andere landen volgen komende dagen, behalve Nederland. Den Haag komt pas met een herstelplan als er een nieuwe regering is.

Bank Brussel

De komende twee maanden beoordeelt de Commissie of de nationale plannen voldoen aan criteria om mede gefinancierd te worden met het Europese herstelfonds. Over die pot met geld bereikten de leiders vorige zomer een akkoord: 750 miljard euro (met inflatie inmiddels opgelopen tot 800 miljard), waarvan 390 miljard in subsidies en 360 miljard in goedkope leningen. De Commissie leent die miljarden op de kapitaalmarkt als een Bank Brussel, de lidstaten staan garant.

Om onaangename verrassingen te voorkomen – zowel voor de lidstaten als de Commissie – is sinds begin dit jaar intensief overlegd met de lidstaten over het opstellen van de plannen. Geen onnodige zaak, stelt een betrokken ambtenaar. ‘In eerste aanleg onderschatten landen de eisen een beetje. Ze dachten: dat doen we wel even, plannetje opstellen, hup naar Brussel, stempel erop, en kom maar door met die miljarden. Zo gaat het dus niet, we vragen een serieuze inspanning.’

Wat volgde waren stevige onderhandelingen. ‘De vooruitgang kwam na discussies waarbij we soms een duidelijke streep in het zand moesten zetten.’ Grootste knelpunt was de balans tussen investeringen en hervormingen, die laatste waren een harde eis van premier Mark Rutte voor hij akkoord ging met het herstelfonds.

Waslijst aan wensen

Plannen om geld uit te geven waren er voldoende, die om te hervormen kwamen mondjesmaat. Niet vreemd omdat EU-subsidies tot nog toe maar in beperkte mate gekoppeld zijn aan hervormingen van de arbeidsmarkt, het pensioenstelsel, de overheid en rechterlijke macht, duurzame mobiliteit en landbouw. Voor het herstelfonds geldt echter dat minstens 37 procent van de miljarden naar duurzame investeringen moet gaan en ruim 20 procent naar digitalisering. Beide doelen zullen ruim worden gehaald, zeggen betrokken ambtenaren.

Een tweede harde noot in de onderhandelingen was de financiële onderbouwing van de plannen – de kosten – en de controle op de uitvoering ervan. Want ook hier is het herstelfonds anders dan de reguliere EU-subsidies: de geldkraan wordt dichtgedraaid als tussentijdse doelen niet bereikt worden. ‘Geen resultaat, geen geld’, aldus een ambtenaar.

De Commissie heeft nu twee maanden om de plannen – sommige tellen meer dan duizend pagina’s – te beoordelen. Ze kijkt daarbij ook wie (of welke stichting) het geld krijgt om zo fraude en vriendjespolitiek te voorkomen. Op basis van het Commissie-advies beslissen de lidstaten of de plannen inderdaad voldoen aan de eisen en de eerste tranches van het EU-geld kunnen worden overgemaakt. Op welk totaalbedrag elk land aanspraak kan maken, is eerder al vastgelegd.

Zorgenkindje Italië

Veel ogen zijn gericht op Italië, vooral nu voormalig ECB-voorzitter Mario Draghi daar als interim-premier aan het roer staat. Jaar in jaar uit kwam Brussel met aanbevelingen voor Rome om het ambtelijk en justitieel apparaat te moderniseren, belastingfraude aan te pakken en het onderwijs te verbeteren. Hoogst urgente zaken, niet alleen voor de Italianen zelf maar voor de hele eurozone omdat de ondermaatse economische groei in Italië en zijn torenhoge staatsschuld de hardheid van de munt kunnen ondermijnen. Draghi lijkt van plan de dubbelslag te maken: het EU-geld pakken om de modernisering door te voeren.

Slaagt de structurele opknapbeurt van de EU en worden de 800 miljard euro de komende vier jaar op een effectieve manier besteed, dan is de kans aanwezig dat het herstelfonds wordt omgezet in een permanente extra EU-begroting. ‘Een ding is zeker: als we nu falen, is lastiger dan ooit om een operatie als deze te herhalen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden