Straf aan huis

Jongeren uit Ede die een delict plegen, kunnen naar de gevangenis. Maar ze mogen ook kiezen voor een alternatief: thuis, in de vertrouwde omgeving, intensief begeleid worden door een coach....

Aan een bord hangen kaartjes waarop staat geschreven: ‘egocentrisme’, ‘goedgelovig’ en ‘geen nee kunnen zeggen’. De kaartjes horen bij de zogeheten equiptraining, een uit Amerika overgewaaide gedragsmethode voor delinquente jongeren. Rkia Ahrough wijst naar de kaartjes ‘liegen’ en ‘problemen met autoriteit’. Dat zijn dé problemen van de jongens uit de wijken Veldhuizen en Maandereng in Ede. ‘Ze accepteren geen autoriteit. Er valt niets met ze te beginnen, zo brutaal en provocerend zijn ze. Het is de grootste klacht van scholen. Maar de ouders zeggen tegen mij: Rkia, wij mogen hier in Nederland niet slaan, hoe leren we ze dan te luisteren?’

Rkia Ahrough is een van de vier coaches die criminele jongeren intensief begeleiden. Hun kantoor is een woning, gelegen in een flat tussen de twee wijken. De coaches voeren individuele gesprekken, geven groepstrainingen, bezoeken ouders en houden contact met school. Ahrough: ‘Als ik alleen met ze ben, zijn het stuk voor stuk lieve jongens. Maar in een groep jutten ze elkaar op. Hier leren ze voor zichzelf te kiezen.’

Zodra ze een delict hebben gepleegd, worden de jongeren – voor 80 procent van Marokkaanse afkomst – voor de keuze gesteld: of naar de jeugdgevangenis, of onder begeleiding gesteld worden van de WJJ, de Wijkgerichte Justitiële Jeugdzorg. In hun eigen wijk, met hun eigen vrienden, op hun eigen school krijgen ze een nieuwe kans. Geen heropvoedingskampen of Glen Mills-achtige praktijken in de bossen, maar hulp én tucht aan huis. Als een snel opererend team grijpen de coaches in, als het moet.

Er heerst een strak dagritme met vaste tijden. De jongens kunnen vrijheid verdienen met goed gedrag. De aanpak staat of valt bij een stok achter de deur: als de jongens zich niet aan de afspraken houden, gaan ze voor straf een paar nachten ‘uit logeren’ in jeugdgevangenis De Sprengen in Zutphen. Daar staan altijd een paar bedden klaar.

Abdou – 16 jaar, open gezicht – heeft het WJJ-programma bijna doorlopen. Vier keer zat hij een paar nachten in een politiecel. Hij stal computers uit scholen. Hij is zichtbaar blij met zijn nieuwe leven. Alle ‘rotzooi’ kwam voort uit een negatief zelfbeeld. ‘Als je slecht over jezelf denkt, kan het je allemaal niet schelen. Waarom zou ik op een eerlijke manier aan geld proberen te komen, als het veel gemakkelijker kan?’

Abdou bespreekt met Ahrough hoe hij op school een niveau hoger kan komen. Ze zoeken samen uit met wie hij moet gaan praten. Abdou vertelt verder dat hij door een verhuizing eindelijk een eigen kamer krijgt.

Sommige familieleden zitten hem te veel op zijn nek, zegt hij. Ze geloven niet dat het goed met hem gaat. Toen hij op een avond midden in de week een schoolfeest had, vertrouwden ze dat niet. Hiertegen kan Abdou zich slecht verweren. Hij oogt kwetsbaar. Zijn coach legt uit dat hun wantrouwen voorkomt uit bezorgdheid. Ze denkt dat het een goed idee is juist deze familieleden uit te nodigen bij de uitreiking van het WJJ-certificaat. ‘Dan kunnen ze horen wat jij allemaal hebt bereikt.’

Een ouder komt op het WJJ-kantoor langs. Hij heeft hulp nodig. Zijn zoon heeft, samen met drie anderen, een vrouw bedreigd en bestolen. Van de rechter hebben ze een boete opgelegd gekregen van 1500 euro. Ter compensatie van de immateriële schade is het slachtoffer geld toegekend. De ouders hebben dit bedrag uiteindelijk samen van een kennis moeten lenen en pas vandaag kunnen storten. Rkia Ahrough belooft na het weekend het incassobureau te bellen dat het geld onderweg is.

Twee van deze jongens vallen onder haar verantwoordelijkheid. ‘Nee, het is niet niks wat ze hebben uitgehaald’, zegt ze hoofdschuddend. Een andere club die ze onder haar hoede heeft, overviel een middenstander met een neppistool. Ook geen kleinigheid.

Ahrough, een kleine Marokkaanse vrouw, zegde haar vaste baan op voor dit proefproject. Ze is de bruggenbouwer bij uitstek. Kordaat en met een grote dosis humor trekt ze de jongens aan hun taas. Het zijn Kruimeltjes met een tintje, lijkt ze met haar moederlijke te zeggen.

Ahrough was bang dat ze als coach door haar eigen ‘volk’ niet zou worden geaccepteerd, maar het tegenovergestelde blijkt het geval. Dat ze Marokkaans spreekt, maakt het contact met de ouders veel gemakkelijker. Ze leert hun dat er andere sancties dan slaan bestaan, zoals huisarrest, niet computeren en om negen uur thuis. Ze betrekt broers en zussen bij de afspraken met de jongens. Zo maakt ze de hele familie verantwoordelijk en ontstaat er een web van ‘controleurs’ die de jongen via de mobiele telefoon kunnen opsporen en op straat in de gaten houden.

’s Avonds komen achter elkaar acht jongens de ruimte binnenstormen voor de equiptraining, de van origine Amerikaanse gedragsmethode die ze twee keer per week moeten volgen. Ze begroeten elkaar uitgebreid, bietsen sigaretten van coach Semra Kurt en gaan buiten staan roken. De groep is vanavond anders samengesteld: twee jongens zijn bijna klaar met de WJJ, anderen beginnen net.

Het is onrustig. Dezelfde coaches die eerder die week nog een serieuze discussie met de jongens voerden over het onderwerp loverboys, krijgen de groep niet onder controle. De jongens zijn luidruchtig, willen hun pet niet af doen, klieren met drinken, geven geen serieuze antwoorden op vragen en kijken met hun diepzwarte ogen de vrouwen uitdagend aan.

Said maakt, duidelijk om te choqueren, grapjes over 11 september. Zelfs de afzwaaiers hebben zichzelf niet in de hand en doen mee. Semra Kurt moet er naderhand hard om lachen. ‘Zo erg hebben we het nog niet meegemaakt’, roept ze. Ze ziet het positief; van één jongen heeft ze vanavond een betere indruk gekregen. ‘Ik snap nu waarom hij op school geschorst is.’ Ahrough geneert zich voor het beeld dat jongens van zichzelf hebben gegeven. Zij weifelde tussen optreden of maar laten gaan. ‘Maar ik kom hier wel op terug in een individueel gesprek.’

Abdou kan, na anderhalf jaar te zijn gecoacht, perfect benoemen waarin hij goed is. ‘Ik ben open. Bij mij komt alles er direct uit. Maar ik kan ook goed luisteren. Ik ben gewoon een heel sociale jongen.’ Heeft hij nog zwakke punten? Tsja. Zijn coach popelt om ze te melden, maar Abdou weet er toch zelf eentje op te diepen. ‘Ik ben een drammer. Als ik iets wil hebben, probeer ik het bij iedereen voor elkaar te krijgen. Zelfs Rkia moet dan voor mij vragen of ik geld kan lenen bij mijn zus.’

Zijn laatste object van verlangen was een scooter. ‘Een opknapper van 150 euro. Ik vind het leuk om daarvan, door te knutselen met nieuwe onderdelen, een scooter van 700 euro te maken.’ Hij heeft een bijbaantje nodig, concluderen coach en jongere samen. Maar het Kruidvat, de McDonald’s, zaken in Ede waar ze zogenaamd zaten te springen om personeel, hebben niets meer van zich laten horen nadat Abdou een formulier had ingevuld niets. Rkia Ahrough belooft dat ze het pannenkoekenhuis nog eens zal bellen.

Ze is enorm trots op hem, zegt ze. ‘Je zit lekker in je vel, Dat zie ik aan je ogen. Ik heb alle vertrouwen in je.’

Maar Abdou moet wel in zijn oren knopen dat hij haar ook na december mag bellen, als de WJJ is afgelopen. ‘En ik weet: dat ga jij doen’, zegt ze.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden