Beschouwing

Stille aanmoedigingen van de zee

Een niet-pretentieuze opstelling van geschilderde zeegezichten waarin je alle emoties uit de zee zelf herkent. Daar krijg je goede zin van. Hup zee!

William Turner, Three Sea scapes(ca. 1827). Tate, Londen. Beeld William Turner

Sinds eind jaren tachtig moedig ik telkens als ik ergens aan de kust ben in stilte de zee aan. Niet dat de zee zich daar iets aan gelegen laat liggen - maar toch. Het idee voor de aanmoediging dank ik aan dichteres Diana Ozon, in het bijzonder aan de titel van haar gedichtenbundel uit 1986: Hup de zee. Ik hoop dat Ozon het mij toestaat het lidwoord te schrappen. Zonder moedigt het nóg fijner aan. Hup zee.

Stoïcijns

Op het verwarmde terras van een restaurant aan de Albert I-Promenade in Oostende dronken we niet zo lang geleden thee met citroen. Ik had zojuist de zee weer eens stilletjes aangemoedigd, waar de zee vervolgens zoals altijd weer majesteitelijk stoïcijns onder bleef. De zee had het zo te zien uitstekend naar de zin en lag - het was eb - gemoedelijk te chillen in de avondschemering. Het was een waterkoude winterdag en zo rond zes uur ging op de promenade de straatverlichting aan. Door de lange, dunne staafvormige lampen verschoot het plaveisel van kleur. Crème-wit werd warm-beige. Daarachter verkleurde de lucht boven de zee van grijs naar groenblauw (of blauwgroen, daar wil ik af zijn). Hier en daar vertoonde het strandzand nota bene een miniem flintertje roze - ik verzin dit niet.

Mijn lief nam een foto. Het leek, tegen het einde van de winter, wel mediterraan of in elk geval ver van huis, een exotische plek - maar het was toch echt 'gewoon' Oostende. Gratis en voor niets bood de stad ons de kleuren van James Ensor, Oostendes ereburger-aller-tijden, in wiens oeuvre een monter en energiek soort groenblauw (of blauwgroen) en een zoetig roze vaak mogen meedoen. Hoewel, zoet... Zelfs het zoetste roze heeft bij Ensor iets stoutmoedigs.

We hadden die dag in het betrekkelijk kleine Oostende de betrekkelijk grootse tentoonstelling De zee gezien, in het stadsmuseum MuZee, met in een van de zalen op de begane grond een ereplek voor Ensors Grande Marine (1895). In dat schilderij zakt het laatste streepje van een rode zon in het roerloze en groenblauwe (of blauwgroene) zeewater, alsof James Ensor met die kleuren een vingerwijzing gaf aan stadsarchitecten en planologen die, decennia later, in Oostende over de hele lengte van de Albert I-Promenade met kleur zijn gaan toveren.

Caspar David Friedrich, Monnik aan zee (1809) Collectie Alte Nationalgalerie Berlin. Beeld .

Grande Marine

In MuZee hangt Ensors kleurrijke Grande Marine tegenover een introvert ogend schilderij dat is opgebouwd uit - bedankt, E.L. James! - fifty shades of grey. Het is Three Seascapes uit 1827 van J.M.W. Turner - óók al zo'n ongeneeslijke zeeliefhebber. Three Seascapes is een buitenbeentje in zijn oeuvre. Turner schilderde liefst een woestenij van apocalyptisch opspattend zeewater of een half zinkend schip in het oog van een allesvernietigende orkaan.

Niets daarvan in Three Seascapes. Hier schilderde Turner in die schier ontelbare grijstinten driemaal de zee en tweemaal licht en lucht, driemaal aarzelend wiegelende golven onder een afwaswatergrijze zeelucht, onderaan wit uitwolkend en bovenin onweerachtig zwart. Van een afstand is Three Seascapes een abstract schilderij, bestaand uit drie gestapelde, wonderlijke en onpeilbare grijze vlakken - alsof je naar een werk van Mark Rothko tuurt.

Een schilderij van Ensor dat doet denken aan Turner hangt tegenover een schilderij van Turner dat doet denken aan Rothko: dát is een dwars door heden en verleden buitelende kijksensatie waar je goede moed en frisse zin van krijgt. De tentoonstelling De zee is een grande parade van even grote namen: Cézanne, Picasso, Chagall, Matisse, Beuys, Lichtenstein, Kiefer, Gerhard Richter. MuZee slaat zichzelf niet op de borst vanwege het louter bijeenbrengen van al die werken. MuZee legt binnen én buiten de muren van het museum - ook elders staan kunstwerken - de nadruk op de kunst van het combineren.

Universiteit van golven

Je vindt in MuZee verkwikkend onvermoede combinaties. Rijp en groen, conceptueel en figuratief, modern-klassiek en eigentijds, introvert en uitzinnig - alles hangt en staat kriskras door elkaar, maar de totaalindruk is niet rommelig, willekeurig, gekunsteld of vergezocht. Zo hangt Gerhard Richters Seascape in de buurt van een op het eerste gezicht ondoordringbare en nachtzwarte glansfoto van de mij onbekende Japanse fotograaf Hiroshi Sugimoto. Richters schilderij is verstild, de foto van Sugimoto deelt een dreun uit. Het ligt niet bepaald voor de hand die twee werken zo dicht bijeen te tonen - maar het werkt. Schilderij en foto schuren aangenaam dissonerend tegen elkaar.

Ander voorbeeld van de ars combinatoria: de reusachtige en in Vlaanderen befaamde 'mosselpot' van Marcel Broodthaers staat vrolijk te dampen in een benedenzaal, terwijl iets verder eerdergenoemde Grande Marine van James Ensor hangt te glunderen. Goed gevonden, de satirische luim van Broothaers dicht bij Ensors lumineuze gefonkel.

De catalogus bij De zee haalt een dichtregel van Pablo Neruda aan. Hij schreef over de zee als 'een universiteit van golven'. Plezierige typering. Iedereen die De zee bezoekt studeert als vanzelf af, onvoldoendes bestaan niet, je slaagt altijd. Zo moest het vaker in musea zijn. Geregeld verlaat ik een tikje beteuterd en vaag geplaagd door zelfverwijt een museum: wéér geen diploma bemachtigd van de dames en heren curatoren bij wie ik kennelijk geacht werd een kunstexamen af te leggen. Maar in MuZee worden we gelukkig niet aan de hand van cryptische zaalteksten vol modderige art talk langs de werken geleid. We mogen het allemaal lekker zelf uitzoeken. Goed zo.

Mer Montée

Het meest sinistere zeegezicht moet wel Mer Montée (2011) zijn van Thierry De Cordier. Oef. De zee op Mer Montée durf je niet aan te moedigen - je kijkt wel uit. Dreigend en intimiderend komt ze in springtij van de wand gebulderd. Het schilderij is als een inktzwarte muur van zeewater. De Cordiers meedogenloze zeegezicht hangt bij Turners Seascapes en Ensors Grande Marine. Toch overspoelt Mer Montée die werken niet. Ensors feestje van rood en groen en blauw houdt fier stand tegenover De Cordiers zwarte watermuur.

Mer Montée gaat ook in gesprek met La Vague (1869) van Gustave Courbet, hier niet alleen gepresenteerd als sleutelwerk dat misschien wel als introductie diende van de moderne kunst, maar ook als oerbeeld van een desolate, godverlaten zee, die soeverein onverschillig aanbeukt tegen een eenzame rotspunt.

In de catalogus staat het befaamde werk Monnik aan zee (1809) van Caspar David Friedrich afgebeeld. Friedrichs schilderij is uitgegroeid tot oerbeeld: een minuscuul mens versus de weidse, sublieme oceaan. Ieder voor zich gumden Ensor, Turner, De Cordier en Courbet op hun zeegezichten die iconische monnik uit. Hun schilderijen tonen de zee als lege wereld die door niets en niemand nog wordt bevolkt - en dus door niets en niemand wordt aanschouwd. Alleen door ons. In die ene zaal werd het ons gegund voor even het stokje van de ademloze perplexiteit van Friedrichs minuscule monnik over te nemen. Dat stemt nederig, om niet te zeggen: nietig. En die nietigheid lierde vervolgens een gedempt geluk aan. Het kan behoorlijk fijn zijn om je, dankzij grootse kunst, nu en dan behoorlijk klein te voelen. Die ervaring schoont van binnen de boel eens goed op.

Zó, zeg. Daar zaten we dan, later die dag, op het terras aan de Albert I- Promenade, nog nét niet naneuriënd. Geen wonder dat bij het invallen van de schemering dankzij de straatverlichting op de promenade de lucht boven de Noordzee groenblauw (of blauwgroen) werd. Gevonden kunst, die lucht. Knap gemaakt. Niet pasteus aangebracht, maar in fijne streken, foutloos afgewerkt tot een perfect monochroom, hier en daar zó helder dat het bijna transparant lijkt, dankzij de prima uitlichting vanaf de promenade.

Het werd weer tijd voor een muisstille aanmoediging. Hup zee.

De zee, nog t/m 19/4 in Oostende; dezee-oostende.be

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.