Stil verraad in een Frans dorp

ZELDEN ZO'N ontroerend non-fictie-boek in handen gehad. En dat verwacht je toch niet echt na de eerste inleidende teksten. De correspondent van The Times in Parijs wordt door een lokale autoriteit min of meer geprest de onthulling van een plaquette in een Noord-Frans dorpje bij te wonen op de plek...

Zulke dingen kwamen meer voor tijdens de loopgravenstrijd. Maar de journalist, met ferme tegenzin afgereisd, ontmoet tijdens de plechtigheid een bejaarde Française die hem vanuit haar rolstoel toevertrouwt: 'Een van hen was mijn vader.' Dat vormt de prikkel voor een jarenlange zoektocht, met als resultaat een boek dat met zijn meedogenloze feiten de fantasie van elke romanschrijver overtroeft.

Robert Digby en zijn metgezellen worden, na zich lange tijd schuil te hebben gehouden, gastvrij opgenomen in Villeret, een dorpje tussen Cambrai en St. Quentin. Digby, die voor de oorlog een tijdlang in Parijs heeft gewoond, past zich het snelst aan en spreekt binnen de kortste keren Frans met Picardisch accent.

Hij beweegt zich vrij en onbekommerd in de straten, en zelfs tussen de Duitse bezetters. Macintyre beschrijft knap het verloop van de oorlog aan de hand van de verwikkelingen rond het dorp en zijn inwoners. De Britse 'verstekelingen' hadden het wellicht tot de wapenstilstand kunnen uithouden, wanneer er geen verraad in het spel was geweest.

De Duitse bezetter vermoedde op een bepaald moment dat zich Engelsen in of rond het dorp bevonden, en dreigden met dodelijke maatregelen tegen Franse burgers wanneer zij zich niet overgaven. Het bleek voor de inwoners van Villeret toen niet meer mogelijk de rijen te sluiten, zoals ze jaren gedaan hadden.

Maar wie verried ten leste de Engelsen? Macintyre combineert en deduceert dat er vrij zeker versmade liefde in het spel is geweest. Er was nóg een dorpsmeisje verliefd op Robert Digby geworden en die zou hem en zijn makkers hebben aangegeven bij de Duitsers.

Digby smeekt in een laatste brief zijn moeder in Engeland vrouw en kind te helpen na de oorlog. De moeder laat nooit iets van zich horen. Ook tegen haar verwanten spreekt ze nooit over Roberts Franse tijd. Pas na haar dood, in 1929, ontdekt Roberts broer Thomas (die nota bene vrijwel de hele oorlog op enkele kilometers afstand gelegerd was geweest) de brief.

Hij reist naar Villeret en erkent zonder verdere omhaal zijn inmiddels veertienjarige nicht Hélène als zijn eigen kind. Op de geboorteakte wordt plechtig de naam Dessenne (van haar moeder) vervangen door Digby.

Macintyre beschrijft de scène van de ontmoeting met grote compassie. De dochter van de Engelsman is eigenlijk een waar gebeurde roman. Nogmaals: zelden zo'n ontroerend non-fictie-boek in handen gehad.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden