NieuwsGaswinning

Stikstof en fiscus hinderen gaswinning in Nederlands deel van Noordzee

Terwijl op het Noorse en Britse deel van de Noordzee nog volop naar olie en gas wordt geboord, is het op het Nederlandse deel stiller dan ooit. Volgens de offshore-industrie heeft dat twee oorzaken: hoge belastingen en de stikstofcrisis.

Een gasboorplatform in de Noordzee vlak voor de kust van Ameland.Beeld Joost van den Broek

De gaswinning in het Nederlandse deel van de Noordzee stagneert. Terwijl op het Noorse en Britse deel van de Noordzee nog volop naar olie en gas wordt geboord, is het op het Nederlandse deel stiller dan ooit. Volgens de offshore-industrie heeft dat twee oorzaken: hoge belastingen en de stikstofcrisis.

Afgelopen jaar waren er twee pogingen om nieuwe gasvelden te vinden, en beide keren was het vergeefs. Dat is een dieptepunt. Over de afgelopen tien jaar waren jaarlijks gemiddeld zes exploratieboringen in de Nederlandse Noordzee. Piekjaar was 2014, met tien boringen, en het slapste jaar was tot voor kort 2016: drie boringen. Door toeval leverden de twee boringen van vorig jaar ook nog eens niets op. Normaal heeft driekwart van de boringen in de Nederlandse Noordzee succes.

De reden dat er zo weinig gas wordt gezocht is niet dat het gas nu op is, zegt gasdeskundige René Peters van TNO. ‘De Noordzee is als gasgebied wel op zijn retour, maar er is nog genoeg.’ Net buiten het Nederlandse deel van de Noordzee is er van een slapte dan ook geen sprake.

Dat verschil, zegt Peters, heeft vooral te maken met de belastingen. ‘Op dit moment is het belastingklimaat in Noorwegen en in het Verenigd Koninkrijk aanzienlijk gunstiger dan in Nederland’, zegt hij. Zo kan een offshorebedrijf dat in Noorwegen naar gas boort, de kosten daarvan versneld aftrekken van zijn winst. In Nederland kan dat maar heel beperkt. En in het Verenigd Koninkrijk wordt op de gasproductie uit Noordzeeveld 30 procent belasting geheven; in Nederland 50 procent.

Nieuwe wet

Nederland heeft al wel een wet op stapel staan om gas boren op zee aantrekkelijker te maken. Daarbij zou de investeringsaftrek aanzienlijk gunstiger worden: nu bedraagt die nog 25 procent, maar dat wordt 40 procent. Minister Wiebes becijferde dat de verhoging van deze aftrek de offshorebedrijven 115 miljoen euro aan kosten zal gaan schelen (bij een gasprijs van 15 cent per kuub). Deze fiscale douceur, zo schrijft Wiebes, ‘heeft een remmend effect op de snelle afname van de gaswinning op de Noordzee’. Wiebes taxeert dat dat de schatkist netto 180 miljoen tot 526 miljoen euro zou kunnen opleveren aan extra aardgasbaten.

Peters van TNO ziet geen gebrek aan gas in de Noordzee. Er zit nog rond 200 miljard kuub, zegt hij, waarmee de Noordzeevelden nog zeker dertien jaar lang kunnen leveren wat ‘Groningen’ vorig jaar leverde. Mogelijk is de geparkeerde belastingdouceur juist een rem op de investeringen. Bedrijvenen zouden hun investeringen uitstellen tot het moment dat de lucratievere regeling van kracht wordt.

Bij Nogepa, de brancheorganisatie van de offshorebedrijven, zijn ze er niet gerust op. ‘Twee jaar geleden waren we nog heel blij dat die belastingmaatregel er zou komen, maar het is nog steeds niet zo ver’, zegt communicatiedirecteur Arendo Schreurs.

Maar er is een minstens even verstikkend probleem, zegt Schreurs: de stikstofcrisis. ‘Door de stikstofkwestie worden er geen nieuwe exploratievergunningen meer verleend voor grote offshoreprojecten.’ Volgens hem moeten offshorebedrijven, voordat ze een vergunning kunnen krijgen, aantonen dat hun activiteiten nagenoeg geen extra stikstofdepositie opleveren in natuurgebieden. ‘De drempel is zo laag dat het bijna niet te doen is om dat te bewijzen’, zegt hij. ‘Op dit moment staan er in de offshore op het Nederlandse deel van de Noordzee 33 projecten on hold wegens die natuurtoets.’ Daaronder vallen ook exploratieplannen, want boren vergt veel energie en levert dus naar verhouding veel stikstof op.

Nog lang niet van het gas af

Nederland probeert in hoog tempo van het gas af te raken. Dat is niet zozeer om klimaatredenen, maar om de gaswinning in Groningen te kunnen staken. Die leidde tot aardbevingen, waarbij niet alleen huizen en gebouwen, maar ook gezinnen en sociale verbanden ontwricht raakten. Het plan is nu dat de winning in Groningen in 2023 geheel zal stoppen.

Maar van het gas af is Nederland dan nog lang niet. Wat er dan nodig is, komt uit kleine velden, zowel op land als op zee, aangevuld met import uit Noorwegen, Rusland en via de lng(vloeibaar aardgas)-terminal in Rotterdam. Vergunningen voor het zoeken naar nieuwe gasvelden op land worden niet meer afgegeven, maar het plan was wel dat de productie op de Noordzee nog lange tijd op peil zou blijven.

Veel van dit gas, zowel uit Nederland als het importgas, heeft een andere kwaliteit dan het Groningen-gas en moet voor gebruik in huishoudens en kleine bedrijven worden versneden met stikstof, waarvoor de overheid een fabriek heeft laten bouwen in Groningen.

De echte operatie om Nederland van het gas af te krijgen, zal pas later op gang komen. Nu is er een bescheiden beginnetje mee gemaakt, onder meer door nieuwbouwwoningen niet meer aan te sluiten op het gasnet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden